NieuwsTestbeleid

Megalabs, sneltests en XL-teststraten: zo moet het testbeleid eindelijk op orde komen

Met een grotere rol voor megalaboratoria, de inzet van sneltests en een gestage opschaling van de GGD’s moet Nederland zijn testcapaciteit snel op orde krijgen. Dit schrijft minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) aan de Tweede Kamer.

Coronatestlocatie Expo Haarlemmermeer, in Vijfhuizen. Bestaande teststraten worden de komende tijd uitgebreid en er komen nieuwe bij.Beeld Arie Kievit

Daarmee moet een einde komen aan de lange wachttijden voor tests en uitslagen die al sinds augustus de afgesproken twee keer 24 uur ver overschrijden. Het duurde vorige week gemiddeld 49 uur voor een aanvrager een test kreeg, en daarna nog 35 uur voordat de uitslag kwam.

Door veel te testen en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek wilde het kabinet vanaf 1 juni, met de versoepeling van de coronamaatregelen, de verspreiding van het virus in bedwang houden. Maar Nederland kreeg dit niet op orde, terwijl het aantal besmettingen snel opliep.

De tekorten aan laboratoriumcapaciteit die eind augustus ontstonden, zijn sinds vorige week opgelost. Maar toen hadden de GGD’s weer moeite om het tempo van de opschaling bij te houden. De GGD’s voeren nu ruim 40 duizend tests per dag uit, terwijl er labcapaciteit is voor 60 duizend. De GGD's verwachten eind deze week 50 duizend tests te kunnen afnemen. Begin november hebben de GGD’s capaciteit voor de afname van 60 duizend tests, begin december moeten dat er 80 duizend per dag zijn, belooft hun voorzitter André Rouvoet van koepelorganisatie GGD GHOR.

Marktpartijen

De GGD’s zullen daarvoor bestaande teststraten uitbreiden en nieuwe aanleggen. De GGD Midden Holland heeft in Leiden nu waarschijnlijk de grootste teststraat in het land, met dertien lanen. Ook wil GGD GHOR marktpartijen uitnodigen mee te werken aan de opzet van een ‘XL-teststraat’, waar per dag vijfduizend tests kunnen worden afgenomen.

Daarbij lukt het de GGD’s met de oplopende besmettingscijfers niet om afdoende bron- en contactonderzoek uit te voeren. Het tijdig contact opnemen met besmette personen staat onder druk nu dat aantal de zevenduizend nadert. Daardoor neemt het zicht op de verspreiding van het virus af. De GGD’s krijgen er wekelijks 340 contactonderzoekers bij, op de 3.350 die nu actief zijn. Daarmee moet de slagkracht van de GGD’s toenemen, belooft minister De Jonge. 

De laboratoriumcapaciteit is bovendien voorlopig groter dan de GGD’s aan zullen kunnen. Eind oktober bedraagt die 70 duizend en in november kunnen de labs 90 duizend tests per dag analyseren, aldus de cijfers van het coördinatiecentrum LCDK. De Jonge spreekt nu expliciet uit dat hij daarin een bepalende rol ziet voor de zogeheten hoogvolumelabs. De tientallen kleinere laboratoria in Nederland zullen volgens de minister vooral een aanvullende rol gaan spelen in de regio’s. 

Coronatestlocatie Expo Haarlemmermeer, in Vijfhuizen. Voorlopig is de testcapaciteit van de labs groter dan de GGD’s aankunnen.Beeld Arie Kievit

Onvoldoende capaciteit

In augustus, toen met het stijgende aantal besmettingen de vraag naar coronatests begon te stijgen, bleek de testcapaciteit van deze Nederlandse labs onvoldoende. Nederland had bovendien te weinig testmateriaal ingekocht. Daarom schakelde minister De Jonge eind augustus buitenlandse labs in: het Duitse Wisplinghoff en het consortium Eurofins, die de tests voornamelijk in Duitsland analyseren.

Inmiddels zijn twee partijen bezig een megalaboratorium op te zetten in Nederland. Het internationale labnetwerk Unilabs is met zijn Nederlandse vestiging Saltro bezig een megalab op te zetten in Utrecht, dat vanaf volgende maand 10 duizend tot 20 duizend coronatests per dag moet verwerken.

Ook het consortium Eurofins is bezig een megalaboratorium op te zetten, in Rijswijk. Daar moeten op termijn zo’n 44 duizend tests per dag worden geanalyseerd. Het laat zien hoe de coronacrisis het Nederlandse laboratoriumlandschap transformeert.

Sneltesten

Hoopvol is volgens De Jonge ook dat twee sneltesten inmiddels betrouwbaar genoeg zijn bevonden. Dermate betrouwbaar, dat het volgens het OMT straks niet meer nodig is dat na een sneltest ook nog een ‘gewone’ pcr-test moet worden afgenomen.

Nederland heeft 4,7 miljoen sneltesten besteld. Daarvan komen de eerste 1,3 miljoen eind deze maand, de rest half november. Een andere, door TNO ontwikkelde sneltest zou dan ook te gebruiken zijn. Volgens De Jonge moet nog wel worden bekeken waar en voor welke doelgroepen de testen het best kunnen worden ingezet. Bovendien vergen de sneltesten een grotere personele inzet, omdat het aflezen een nauwkeurig werkje is. Dat vergt een ‘aanvullende infrastructuur voor grootschalig sneltesten’.

Als de testcapaciteit weer op orde is, wil minister De Jonge eind oktober bekijken of de voorrangsregel voor zorg- en onderwijspersoneel bij coronatests nog nodig is. De GGD’s hebben voor hen 43 ‘fastlanes’ ingericht, zodat de zorg en het onderwijs minder lijden onder de lange wachttijden op zo’n test. Toch krijgen ook degenen met voorrang pas 40,8 uur na hun aanvraag de uitslag van hun test; een wachttijd die eigenlijk maar net binnen de norm van 48 uur valt, terwijl dat het uitgangspunt van het reguliere testbeleid was. 

Die norm moet binnenkort weer voor elke aanvrager gaan gelden. Of dat lukt, is ook afhankelijk van hoe snel de vraag naar coronatests blijft stijgen, gezien de stijgende besmettingsgraad in Nederland. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden