Meesteres van het beslissende moment

Marianne Breslauer schiep haar oeuvre in slechts tien jaar, tussen twee wereldoorlogen. Pas veertig jaar later kreeg ze de erkenning.

Negentien jaar was Marianne Breslauer (1909-2001) toen ze afstudeerde aan de foto-academie van de Lette-vereniging in Berlijn, een vakopleiding voor meisjes. Met zeven portretten (er zijn er nog zes van over) die van een opmerkelijke rijpheid getuigen.


Neem het portret van de kunstenaar Paul Citroen, vriend, mentor en inspirator. In een zwart vlak licht Citroens gezicht op. De hand boven zijn hoofd, waarvan de vingers schaduwen werpen op zijn gezicht, is van hemzelf, maar dat zie je pas in tweede instantie. Doordat hij zijn hoofd gekanteld houdt, zit er een sterke diagonale lijn in het beeld. De opname is een voorbeeld van het Neue Sehen, het 'nieuwe kijken' dat in de jaren tussen de twee wereldoorlogen opgeld deed, met zijn tot dan ongebruikelijke kadrereringen, lichtspel en strakke diagonalen.


Het is nog steeds een stijl die fris aandoet. Die herkenbaar is ook, alsof je de foto's van Marianne Breslauer die nu in het Joods Historisch Museum hangen al veel eerder had gezien.


Maar de tentoonstelling is het eerste retrospectief van de fotografe in Nederland. Want behalve dat ze al zo jong zo getalenteerd was, is het werk van Breslauer bijzonder omdat ze het schiep in een periode van slechts een jaar of tien, en omdat ze pas veertig jaar later werd erkend als een belangrijke avant-gardefotograaf uit het interbellum.


Breslauer besloot in 1937/38 te stoppen met fotograferen. Ten dele omdat de oorlog ertussen kwam, die de wereld onherkenbaar veranderde en Breslauer direct in haar werk raakte. Als 'niet-Arische' mocht ze in Duitsland haar foto's niet meer onder haar eigen naam publiceren. In 1936 vluchtte ze naar Amsterdam, om in 1939 in Zürich te eindigen.


Maar ze was ook, zoals ze later heeft gezegd, 'klaar' met de fotografie. 'Ik heb alles laten zien wat ik kon en wilde laten zien', zegt ze in een televisie-interview dat op de tentoonstelling wordt getoond. Als ze was doorgegaan, had ze zich gericht op film. Ze ging echter niet door - ze wijdde zich aan haar gezin en aan de kunsthandel van haar man, Walter Feichenfeldt, eerst met hem samen en na zijn vroege dood in 1953 alleen.


De herwaardering van haar werk werd in gang gezet door een fotoboek dat haar zonen voor haar 70ste verjaardag in 1979 lieten maken. Ze was weliswaar bescheiden over haar werk, maar ze vond ook dat ze iets gemaakt had dat het verdiende in de oorlog gered te worden en ze had alle foto's al die tijd zorgvuldig bewaard.


Het fotoboek, gepubliceerd door de Duitse uitgeverij Marzona, leidde tot tentoonstellingen en een herontdekking. Wie nu de foto's in het Joods Historisch Museum ziet, kan moeilijk geloven dat het zo lang geduurd heeft voordat Marianne Breslauer weer bekendheid kreeg. Deze tentoonstelling is samengesteld door de Fotostiftung Schweiz, die Breslauers nalatenschap beheert. Er hangen die vroege portretten uit de Lette-tijd. Foto's die ze maakte op haar reizen naar onder meer Spanje en Palestina. Poëtische stadsfoto's uit Parijs (waar ze bij Man Ray wilde studeren, maar die vond dat ze alles al kon, en zei haar gewoon zo door te gaan) en Berlijn. Prachtige vrouwenportretten, van vriendinnen vaak, die de sfeer van het interbellum ademen: vrijgevochten, jonge vrouwen, à la Marlene Dietrich in de film Der Blaue Engel.


Ze had een filmische manier van kijken, die aansluit bij haar opmerking over 'doorgaan in de film'. Zo koos ze ervoor om in een foto-opdracht over de vrije tijd van een werkend meisje (Freizeit eines arbeitenden Mädchens, Berlijn 1933) dat meisje steeds in dezelfde jurk te laten zien, zodat je kunt denken dat je haar volgt in haar bezigheden.


Je ziet het terug in de manier waarop ze foto's ordent op de albumbladen waarvan digitale kopieën in vitrines zijn te zien. Ze maakt met contactafdrukken kleine, associatieve verhaaltjes. Maar ook in individuele foto's, zoals die ze vanaf het dakterras van de Galeries Lafayette nam: een foto waarop voetgangers lopen, auto's de bocht om rijden, bomen hun schaduwen werpen en alles bijdraagt aan een gevoel van beweeglijkheid.


Ze was een fotografe die, naar de beroemde uitspraak van Henri Cartier-Bresson, pas afdrukte op 'het beslissende moment'. In het televisie-interview, ze is dan een jaar of 80, zegt ze: 'Ik vind ze nog steeds heel belangrijk dat je níet honderd foto's maakt, maar wacht op het moment.'


Haar moment was kort, maar het heeft prachtige foto's opgeleverd.


Onbewaakte momenten. Foto's van Marianne Breslauer. Joods Historisch Museum Amsterdam, t/m 13 november. jhm.nl


Marianne Breslauer (1909-1991) is de fotograaf van een klein oeuvre dat tot stand kwam tussen 1927, toen ze begon aan een tweejarige fotografieopleiding in haar geboortestad Berlijn, en 1938. Haar interesse in fotografie werd gewekt toen ze 16 was, en een tentoonstelling zag van Frieda Riess. Ze werkte voor de Duitse uitgeverij Ullstein, vooral als reclamefotograaf, tot 1932. Daarna maakte ze als freelancer voor vrijetijdsbladen en kranten vooral portretten. In 1936 vluchtte ze voor de nazi's naar Amsterdam, om in 1939 met haar man, de kunsthandelaar Walter Feilchenfeldt, in Zürich te gaan wonen. Na de oorlog werkte ze in de kunsthandel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden