Reportage

Mee met de laatste tocht van de FARC guerrillero's

Vooruitlopend op definitieve vrede in Colombia verlaten duizenden FARC-strijders de jungle. Verslaggeefster Marjolein van de Water volgt de guerrillero's van Front 30 op hun tocht door de bergen en de modder. 'Ik ga dit wel missen hoor, maar ik heb ook zin in rust.'

De commandanten gaan op muilezels, de rest van de guerrillero's te voet.Beeld Stephen Ferry

6 november: San Bartolome - El Placer

'Het is tijdens de reis verboden huizen van burgers te betreden.' Tweede commandant Braulio (36) kijkt streng naar de 45 FARC-rebellen die strak in het gelid voor hem staan. Het is half zes 's ochtends. De tassen zijn gepakt, de laarzen gepoetst, de guerrillero's van Front 30 staan te trappelen om te vertrekken. Ze kennen de regels maar luisteren gehoorzaam naar de bevelen.

De FARC-strijders hebben al ontelbare keren hun schamele bezittingen ingepakt en op de rug gebonden. Tot voor kort konden ze nooit langer dan enkele weken op dezelfde plek blijven, altijd op de vlucht voor bombardementen van het regeringsleger. Ze zijn gewend in het pikdonker door de onherbergzame Colombiaanse jungle te sluipen, met het geweer in de aanslag, voortdurend alert op vijanden.

Dit keer is alles anders. Het regeringsleger is ingelicht over reis en route, en ook de Verenigde Naties zijn op de hoogte. Het mag officieel dan nog geen demobiliseren heten, de guerrillero's van Front 30 gaan ervan uit dat dit hun laatste tocht door de bergen is. 'We trekken definitief de jungle uit', aldus Braulio, die net als alle guerrillero's een schuilnaam gebruikt. 'Op naar de bewoonde wereld.'

Gisteravond kreeg iedereen bubbeltjeswijn uit een plastic beker. Er was muziek, glitterconfetti en een quiz met vragen over Karl Marx. Ook vanochtend is de sfeer uitgelaten. 'We wachten al zo lang op dit moment', zegt een stralende Camilo (27) terwijl hij van zijn warme chocomel nipt. 'Het wordt een zware reis maar hierna begint een nieuwe fase.'

Eigenlijk zou de FARC begin oktober hun kampementen al verlaten. Op 26 september tekenden de Colombiaanse regering en de Marxistisch-Leninistische guerrillabeweging een vredesverdrag om een einde te maken aan 52 jaar burgeroorlog. Op 2 oktober mocht de Colombiaanse bevolking zich in een referendum uitspreken over het akkoord. Direct daarna zouden de guerrillero's naar transitiezones verhuizen, om daar onder toeziend oog van de VN hun wapens neer te leggen.

Tekst gaat verder onder de foto.

Grote terugtocht

Duizenden FARC-strijders hebben sinds begin deze maand hun kampementen verlaten om zich te vestigen in transitiezones. Zodra het vredesakkoord van kracht is, zullen ze daar onder toeziend oog van de VN hun wapens neerleggen.

Vorige week tekende de FARC een nieuw akkoord met de Colombiaanse regering. President Santos wil dit keer het laatste woord geven aan het congres, waar zijn coalitie een meerderheid heeft. De VN hebben opgeroepen haast te maken en waarschuwt voor het machtsvacuüm dat ontstaat in de gebieden waar de FARC vertrekt.

Strijders van Front 30 op weg naar de boot die hen naar El Saltillo zal brengen.Beeld Stephen Ferry

Maar tegen alle verwachtingen in stemde Colombia met een nipte meerderheid tegen het verdrag. Vol ongeloof bekeek Front 30 de uitslag op tv. Sommige strijders huilden. De witte ballonnen die ze hadden opgehangen oogden plots misplaatst, hun gloednieuwe witte T-shirts bleven ongebruikt en de uittocht werd voor onbepaalde tijd uitgesteld.

President Juan Manuel Santos ging om de tafel met de leiders van het nee-kamp en deed de FARC-onderhandelaars een nieuw voorstel. Het optimisme keerde terug en de FARC-leiding gaf haar troepen begin november het bevel zich alvast in de buurt van de transitiezones te hergroeperen. Er lag toen nog geen nieuw akkoord, maar het vertrouwen in de goede afloop was groot.

De reis van Front 30 begint in San Bartolome, in het tropische regenwoud nabij de Stille Zuidzee. De guerrillero's moeten in vier dagen tijd een bijna drieduizend meter hoge bergkam over, om te arriveren in Robles, een gehucht in de bergen van departement Cauca. Niemand weet precies wat hun daar te wachten staat. 'Ik denk dat we eerst gewoon een kamp moeten bouwen', zegt Nancy. 'Maar op den duur krijgen we misschien wel huisjes van de VN.'

Na een uur varen over de Naya-rivier, gaat de tocht over land verder. De commandanten rijden op koppige muilezels, de rest van de guerrillero's ploetert op regenlaarzen en met loodzware automatische geweren om de schouder de berg op. Het regent onafgebroken.

Besmeurd met modder arriveren ze aan het begin van de avond in El Placer. Uitgeput zoeken ze een plekje op de grond van het houten gebouw dat de lokale bevolking beschikbaar heeft gesteld. Tussen de kakkerlakken en spinnen vallen de guerrillero's als een blok in slaap.

Strijders van Front 30 op de boot naar El Saltillo.Beeld Stephen Ferry

7 november: El Placer - Rio Mina

Het is vijf uur 's ochtends, pikdonker en de regen komt nog altijd met bakken uit de lucht. 'Ik heb deze route al vaak gelopen', zegt Camilo, die samen met Orlando (36) onder een afdakje wacht op vertrek. 'Maar nog nooit met zo'n grote groep. Vroeger liepen we in groepjes van vijf of zes. In het geval van een hinderlaag was het verlies dan te overzien.'

Orlando, een Afro-Colombiaan met ernstige ogen en een innemende lach, staart peinzend in het donker. Hij is opgegroeid in een klein dorpje, komt uit een arme familie en is maar twee jaar naar school geweest. Hij zit al de helft van zijn leven bij de FARC. 'Ik wilde iemand zijn in het leven', zegt hij. 'De keuze was beperkt. Het was guerrilla, leger, of drugsmaffia.' Hij haalt gelaten zijn schouders op.

De ezels zijn bepakt, de stoet zet zich in beweging. Langzaam ontwaakt het oerwoud, de guerrillero's zoeken zelfverzekerd hun weg over het spekgladde pad. Het geluid van de regen op het bladerdek is oorverdovend, laarzen en hoeven soppen ritmisch in de bruinrode blubber. De mist is zo dicht dat de gapende ravijnen nauwelijks zichtbaar zijn.

Front 30

Na lang aandringen kreeg de Volkskrant in de lente de mogelijkheid een FARC-kampement te bezoeken. Het verslag van het vijfdaagse bezoek aan Front 30 stond op 21 mei in Vonk.

De commandant van de eenheid liet in oktober weten dat zijn troepen op weg gingen naar de transitiezone in Robles, en nodigde ons uit mee te gaan. Hij bood daarmee de unieke kans vier dagen door FARC-territorium te reizen, een gebied dat normaal gesloten blijft voor buitenstaanders.

Als de wolken eindelijk optrekken uit het dal, worden de uitgestrekte coca-plantages zichtbaar. Aan het pad liggen tientallen laboratoria waar cocablaadjes worden verwerkt tot cocapasta, de basis voor cocaïne. Mannen roeren er in tonnen vol chemicaliën, overal liggen lege jerrycans. Deze hele regio is in handen van de FARC, en de organisatie verdient grof geld aan de drugs. Zelf zeggen ze dat ze alleen belasting heffen aan producenten en kopers, om hun strijd te financieren. Experts stellen dat de FARC er veel dieper in zit, en direct zaken doet met Mexicaanse drugskartels.

De eindbestemming van vandaag is Rio Mina. Het dorpje is in de verte al in zicht als we op een ingestorte stenen brug stuiten. Even kijken de guerrillero's weifelend naar de hevig kolkende rivier. Dan schuifelen ze voetje voor voetje over een lange glibberige loopbrug, gemaakt van drie smalle boomstammen. De muilezels moeten door het water en worden bijna door de rivier meegesleurd. 'Je moet er niet te veel bij nadenken', zegt Braulio als iedereen veilig over is.

Tekst gaat verder onder de foto.

Omdat de brug op de weg naar Rio Mina is ingestort, moeten de ezels door het water.Beeld Stephen Ferry

Rio Mina bestaat uit anderhalve straat, grotendeels gevuld met hoeren en kroegen. Het is maandagmiddag, straalbezopen mannen zingen luidkeels mee met de Mexicaanse narco-klassiekers die uit de speakers schallen. 'Verboden op tafel te liggen', staat met zwarte verf op de muur van een café geschilderd. Desondanks liggen er verschillende mannen voor pampus. 'Dit gebeurt in gebieden met veel coca', zegt Nancy. 'We kunnen er weinig tegen doen.'

Inwoner Mateo Trompeta hangt met vrienden rond een gehavende biljarttafel. 'Een kilo cocapasta levert 900 euro op', zegt hij. 'Wat we verdienen maken we op aan drank en vrouwen. Wat moeten we anders doen in dit godvergeten oord?' Trompeta maakt zich zorgen over de op handen zijnde vrede. 'De FARC bepaalt hier al heel lang de wetten. Wie zich misdraagt wordt bestraft. Als de guerrilla straks vertrekt, is het afwachten wie hier de macht overneemt.'

Ondertussen installeren de guerrillero's zich in de basisschool. Ze zetten hun geweren tegen de aftandse schoolbankjes, eten soep van gekookte kippenklauwen en doen een dutje op de grond. De dorpelingen zijn vriendelijk voor de FARC-soldaten. Volgens de guerrillero's is dat omdat ze de onvoorwaardelijke steun hebben van de bevolking, maar het is natuurlijk ook lastig protesteren tegen een groep zwaarbewapende strijders.

8 november: Rio Mina - Mina Restaurant

Guerrillero's gebruiken geen wekker. Degenen die de wacht houden maken een soort kikkergeluid ten teken dat het tijd is. Vandaag gebeurt dat om drie uur, en een klein uur later banjeren de guerrillero's alweer door de modder. Opdringerige insecten zoemen rond hun felle hoofdlampen, muggen storten zich gretig op de onbeschermde gezichtshuid.

De lucht wordt ijler, de wind kouder. De muilezels hebben af en toe grote moeite hun evenwicht te bewaren op de steile glibberige rotsen. Ze struikelen, zakken door hun knieën en staan dan briesend weer op. Nancy valt uit haar zadel, belandt in een diepe modderpoel, en doet een poging de blubber van haar geweer te vegen. Uit een ravijn stijgt de indringende stank op van een half ontbonden muilezel. Er wordt gekokhalsd.

De camino real (koninklijke weg) is eeuwen geleden aangelegd door de Spanjaarden. Sindsdien lijkt er weinig onderhoud te zijn gepleegd aan het kronkelige pad. Voor de lokale bevolking is het de enige verbinding met de buitenwereld. Sommige voorbijgangers lopen dagenlang met een koelkast of televisie op de rug, dat soort apparaten zijn te kwetsbaar om te vervoeren op een muilezel. Anderen dragen kooien met varkens of kippen op de schouder.

Een FARC-strijder prepareert zijn slaapplaats.Beeld Stephen Ferry

De gebrekkige infrastructuur is tekenend voor het Colombiaanse platteland. Door de afwezigheid van fatsoenlijke wegen kunnen boeren landbouwproducten niet naar een markt vervoeren. Coca verbouwen is aantrekkelijk, de oogst wordt door de pasta-producenten aan huis opgehaald. De helft van de plattelandsbevolking leeft in armoede, de meeste dorpen hebben hooguit een basisschool. Drinkwater komt hier uit de rivier, elektriciteit van generatoren.

Een halve eeuw geleden pakte de FARC de wapens op in de hoop een einde te maken aan de armoede op het platteland. Dat is mislukt, maar in het vredesverdrag zijn landshervormingen en plattelandsontwikkeling beloofd. Guerrillero's die door de rechters van het vredestribunaal schuldig worden bevonden aan ernstige misdaden, krijgen een werkstraf opgelegd. Zij moeten dan bijvoorbeeld wegen aanleggen in dit soort gebieden.

'Dat is een hele klus, hier een weg bouwen', zegt Orlando. 'Maar het is wel belangrijk. Dan krijgen de kinderen misschien toegang tot een middelbare school.' Op de vraag of hij ernstige misdaden heeft begaan, antwoordt hij met stilzwijgen en een minzame glimlach. 'Ik zou best meehelpen hoor, met die weg', zegt hij dan. 'Ik denk dat we het beste tunnels kunnen boren.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Op de laatste dag wordt de top van de bijna 3.000 meter hoge bergkam bereikt.Beeld Stephen Ferry

Het is pas elf uur 's ochtends als de guerrillero's arriveren in Mina Restaurant, een eenzaam houten gebouw omringd door steile rotspartijen. Een gure wind doet de planken kraken, op de open patio warmen de rebellen zich aan mierzoete koffie. Ezels komen met tientallen tegelijk de spekgladde rotsen naast het restaurant afgerend. Schreeuwende mannen slaan de zwaarbepakte dieren tot bloedens toe met hun zwepen.

Een aantal van die mannen stopt in het restaurant, waar twee zussen dampende borden rijst met vlees serveren, en waar de guerrillero's de nacht doorbrengen. Een van de dames sleept een tv naar de patio, en stemt af op een storend nieuwskanaal. Maar om tien uur, vlak voordat de uitslag van de Amerikaanse presidentsverkiezingen bekend moet worden, zetten de zussen de generator uit.

9 november: Mina Restaurant - Robles

'Trump heeft gewonnen.' Nancy vertelt het met ernstige blik tegen de jongens die ijskoud water uit de regenton in hun gezicht plenzen. 'Dit kan ook voor het vredesproces grote gevolgen hebben.' De jongens kijken haar glazig aan. Ze willen liever weten wie de voetbalwedstrijd van gisteravond heeft gewonnen.

Opnieuw gaan ze voor dag en dauw op weg. 'Hoe later, hoe meer tegenliggers', legt Braulio uit. 'Dat is gevaarlijk. Bepakte ezels stoppen nergens voor. Als de doorgang te smal is, duwen ze je in het ravijn.' Vandaag bereiken we de top van de bergketen. Witte wolken drijven diep in het dal voorbij. 'Het einde is in zicht', zegt de goedlachse Efrain (19). 'Hierna hoeven we dit nooit meer te doen.'

Efrain zingt zachtjes mee met de muziek uit zijn telefoon. Hij is doodmoe. 'Als het straks vrede is, mogen we zelf kiezen wat we eten', zegt hij. 'Ik zou wel vaker pizza willen. Dat krijgen we nu alleen met Kerst of op verjaardagen.' Ook Lucia (19), die grote moeite heeft de groep bij te houden, fantaseert over eten. 'Ik zou het liefst naar een ijssalon willen', zegt ze. 'En dan alle smaken uitproberen.'

Nelson, de eerste bevelhebber van de groep, zit op de praatstoel. De 46-jarige man is dertig jaar geleden toegetreden tot de FARC, en kent dit gebied op zijn duimpje. 'In 2001 probeerden de paramilitairen de macht hier over te nemen', vertelt hij tegen jongere strijders als ze even uitrusten op een rotspartij. 'Ze kwamen langs deze weg omhoog, en vermoordden onderweg tientallen burgers.'

Tekst gaat verder onder de foto.

Na vier dagen lopen arriveren de guerrillero's in Robles.Beeld Stephen Ferry

De blik van de commandant is staalhard als hij vertelt hoe zijn eenheid de paramilitairen heeft verslagen. 'We hebben ze gepakt bij Merizalde. Het regeringsleger kwam ze te hulp, en evacueerde hen.' Hij lacht schamper. 'Toen hadden we er al een hoop afgemaakt. Ze zijn nooit meer teruggekomen.'

Nelson reist met Peluza, een neusbeer die als baby is geadopteerd door zijn eenheid. De commandant voelt zich persoonlijk verantwoordelijk voor het dier, dat hij voor zich op de muilezel heeft gezet. Terwijl hij herinneringen ophaalt over de veldslagen, kroelt hij Peluza in haar nekje. 'Ik ga dit wel missen hoor', zegt hij en kijkt uit over de vallei. 'Maar ik heb ook zin in rust. Het leven van een guerrillero is hard.'

Het laatste uur gaat de weg alleen nog maar omlaag. Er komt een lach op de gezichten, de opluchting is voelbaar. 'Misschien staat Ban Ki-moon ons beneden wel op te wachten', grapt Braulio. Het pad komt uit in een gehucht met een handvol winkeltjes, een waterval en wifi. 'Daar, achter die huizen komt de transitiezone', wijst Nelson. 'Daar gaan we straks wonen en de wapens neerleggen.' Voor de FARC betekent dat niet het einde, maar een nieuwe fase in de strijd. 'We gaan als politieke partij verder.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden