Mededogen met de opgeborgen kinderverkrachter

Hij is ertegen om ze te verstoten: de ernstig gestoorde delinquenten die ter beschikking zijn gesteld. Dr H.J.C. van Marle, hoogleraar, geneesheer-directeur van het Pieter Baan Centrum en freudiaan, is geïnteresseerd in de zieleroerselen van de moordenaar en de brandstichter....

DR H.J.C. VAN MARLE, hoogleraar forensische psychiatrie en geneesheer-directeur van het Utrechtse Pieter Baan Centrum, observatiekliniek voor delinquenten: 'Er komt een groep aan van gestoorde delinquenten die vermoedelijk nooit meer van hun tbs ontslagen zullen worden. Dat is nieuw in Nederland. Het gaat om een groep van zo'n vijftig mensen, het zijn vooral pedofiele delinquenten en chronisch psychotische patiënten.

'Ik vind het verschrikkelijk dat je moet zeggen: deze ter beschikking gestelden zijn zo gevaarlijk, dat ze niet naar buiten kunnen, nu niet en vermoedelijk nooit niet. Ik vind niet dat we ons daar zonder slag of stoot bij moeten neerleggen. Hoe kunnen we vermijden dat ze zo maar worden opgegeven?'

Een kleine man met een grote, goud omrande bril. Liefst elf pijpen op het bureau, een twaalfde in zijn knuist. Gisteren promoveerde hij aan de universiteit van Utrecht. Zijn proefschrift, getiteld Een gesloten systeem, beschrijft haarfijn het verkeer en de verwevenheid tussen gestoorde delinquenten en hun behandelaars. Bijna elf jaar lang werkte Van Marle in de Van Mesdagkliniek in Groningen, waar de gevaarlijkste tbs-patiënten van het land zijn ondergebracht. Zijn proefschrift is de wetenschappelijke weerslag van zijn Groningse ervaringen, van de merkwaardige interactie tussen gevangenen en behandelaars en de therapeutische werking hiervan. Van Marle: 'Of alle betrokkenen dat nu willen of niet, er ontstaat een wederzijdse afhankelijkheid.'

Hij wordt weliswaar ernstig in beslag genomen door managementtaken, maar nog steeds is hij ook de therapeut van ernstig gestoorde delinquenten. Wat drijft hem? 'Tja, hoe moet je dat noemen? Zorg voor de misdeelden. Ik mag graag bij Justitie werken, ik hoef inderdaad geen gezellige particuliere praktijk voor echtscheidingsperikelen.'

De wereld van de ter beschikking gestelden houdt hem in de ban. Hoe zit een moordenaar in elkaar? Hoe woelt het om aandacht in het hoofd van een verkrachter? Fascinerende vragen, vindt hij. Wat beweegt de brandstichter? En wat moet je doen om herhaling te voorkomen? 'Ik vind het beslist geen uitschot. Ik zal niet zeggen: ze moeten meteen vrij. Zo is het ook niet. Maar ik kom op voor de belevingswereld van deze mensen.'

Schlemielen zijn het. 80 Procent van de tbs-patiënten heeft een ellendige jeugd achter zich, een verwaarloosde opvoeding, zowel naar normen als naar affectie. Kindermishandeling en seksueel misbruik zijn de trefwoorden.

'Als niemand van jou houdt, slaag je er ook niet in om zelf van iemand te houden. Wat je er niet in stopt, komt er ook niet uit.' Van Marle is een echte freudiaan: de wortel van alle kwaad ligt in het begin, in de eerste drie levensjaren. Daar wordt in neurologische en psychologische zin het fundament gelegd voor de persoonlijkheid.

'Ik heb sympathie voor ter beschikking gestelden. Wat voor vreselijke dingen ze ook gedaan hebben. Sommigen vind ik ronduit sympathiek, kan ik het goed mee vinden, de meesten vind ik boeiend.'

Het opmerkelijke is: weerzin voelt hij voor de kinderverkrachter, met name als er geweld wordt gebruikt. Daarin is de therapeut niet minder rigoureus dan de eerste de beste cafébaas op de hoek.

'Ik zie het ook wel als mijn plicht dat ik mij inspan voor hen, maar het kost me veel moeite. Dat erken ik. Ik heb moeite, ook als therapeut, om mij te verhouden tot mensen die kinderen mishandelen, kinderen doodmaken. Bovendien zijn het over het algemeen rigide mensen. Dat maakt het leggen van contacten sowieso tot een opgave.'

Als persoon voelt hij weerzin, als professional voelt hij zich geroepen om te protesteren tegen de definitieve verstoting die juist voor deze groep dreigt. Pedofielen vormen de harde kern van een nieuwe groep ter beschikking gestelden die vermoedelijk nooit meer vrijkomen. Het zijn chronische patiënten aan het worden.

Van Marle: 'Wat je nu krijgt is dat een aantal seksuele delinquenten al zo lang in tbs zit en dat iedereen hun als zo gevaarlijk beschouwt, dat gezegd wordt: die zijn dus onbehandelbaar. En in één adem wordt de vervolgvraag naar de efficiency gesteld: er is een wachtlijst van tbs-patiënten, kunnen we het dure geld niet beter gebruiken. Je ziet dat de groep nu snel het certificaat hopeloos krijgt opgespeld.

'Ik wil een dam opwerpen. Ik weet ook wel dat het moeilijk is, maar wat willen we? Willen we deze mensen opgeven? Menen we dat? Moeten we niet het uiterste proberen?

'Behandelaars willen graag behandelen. Wat ze niet kùnnen behandelen, hoort dus bij hen niet thuis. Zo is de reactie. Er wordt gezegd: daar valt geen eer aan te behalen, doe dat maar weg; ons goud, onze dure behandelplekken kunnen beter door anderen worden bezet.'

Hij zegt te vrezen dat straks een oude, aftandse bajes zal worden ingericht als opbergplek. Kan het niet milder? Kan het oude mannenhuis niet in ere worden hersteld?

'Ik heb een tijdje in het oude mannenhuis van Veldzicht gewerkt, de Rijks TBS inrichting bij Ommen. Het was een humane plek, er werd een borreltje geschonken, er was bewegingsvrijheid. Het bleef een onderdeel van de hele inrichting, en dus van de maatschappij.

'Ik ben benauwd voor rigoureuze maatregelen, voor uitstoting. Niet alleen omdat het inhumaan is. Het is ook gevaarlijk. Natuurlijk krijg je desperado's, wat wil je?'

Zijn proefschrift gaat over het alledaagse verkeer in de inrichting. Hij heeft willen aangeven hoe los van heroïsche therapieën een verantwoord klimaat kan bijdragen aan de behandeling. 'Als je fatsoenlijk met de jongens omgaat, zullen ze geneigd zijn veel van je aan te nemen. Door te motiveren kom je ook een heel eind.'

Hij legt in zijn proefschrift grote nadruk op het therapeutische belang van wat hij noemt 'vasthouden'.

'Ik vond het wel een mooi woord. Vanwege zijn dubbelzinnigheid. Je houdt een kind vast, opdat het niet valt. Je houdt een kind ook vast opdat het voelt dat het vastgehouden wordt. Er zit geborgenheid in en fysieke bescherming.'

Denkt de buitenwereld over de verkrachter en de moordenaar niet vooral: val dood? 'Daar ben ik het dus volstrekt niet mee eens. Natuurlijk moeten we de delinquenten hier vasthouden, gevangen houden. We moeten de maatschappij beschermen tegen het gevaar dat ze in zich dragen. Maar laten we dat vasthouden in negatieve zin nu ook eens ombouwen naar vasthouden in het positieve.'

Is het waar dat de maatschappij steeds meer gestoorde mensen produceert? Hij onderschrijft het moeiteloos. 'Onze maatschappij produceert steeds meer mensen met een psychose.' Het heeft een aantal oorzaken. Gestoorde mensen hebben tegenwoordig veel meer mogelijkheden om relaties aan te gaan, om kinderen te krijgen. 'Het is natuurlijk voor een baby'tje uiterst verwarrend om groot te moeten worden met een verwarde moeder. Gezinnen hangen tegenwoordig ook als los zand aan elkaar, veel meer dan vroeger.'

Ook overspannen verwachtingen dragen bij aan de gekte van de wereld. Veel ouders hebben volgens hem de neiging het kinderbezit te idealiseren, de werkelijkheid valt vaak tegen. 'Ook al heeft een kindje een jurkje aan van honderd gulden, als het luieruitslag heeft of dauwworm, is het niet om aan te zien. Dat is een vies kindje dat we ons niet gewenst hadden, dat we niet graag vertonen. Nogal wat ouders zijn tegenwoordig teleurgesteld in hun kinderen, niet vanwege de kinderen maar door hun eigen overtrokken verwachtingen. Dat werkt door. Op den duur staan ze hier op de stoep.'

Pleit hij eigenlijk voor de zorgzame samenleving? 'Ja, ik denk het wel. Ik vind dat er veel onverschilligheid is. De normen en waarden van de jaren vijftig zouden voor een deel moeten terugkeren. De sterken redden zich wel. Maar voor de zwakken in onze samenleving is veel meer gemeenschapsgevoel nodig. Wat sociale cohesie betreft en sociale controle zou ik wel terug willen naar die tijd. Het zou een hoop ontwrichting schelen. Er is een grote discrepantie tussen de glamour van Veronica, het imago van jong en onstuimig en wat menigeen daar in zijn eigen leven van waar kan maken. Dan zeg ik: doe mij maar de zorgzame samenleving. Het zal saaier zijn, maar het is in ieder geval een stuk degelijker. Het scheelt een hoop ongeluk.'

Hij moet denken aan een liedje van Paul Young, een oubollige Engelse zanger die tien jaar geleden zijn hoogtepunt beleefde. Het ging over living the life of the common people. Dàt bedoelt-ie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.