Mede dankzij Nederland komt er in Jemen een onderzoek naar mogelijke oorlogsmisdrijven

Nederland is niet gezwicht voor druk van Saoedi-Arabië. Er komt een internationaal onderzoek naar oorlogsmisdrijven en andere schendingen van het internationaal recht in Jemen. De Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties heeft daar vrijdagmiddag unaniem toe besloten na dagen van harde onderhandelingen.

Beeld epa

Het besluit is een eclatant succes voor de groep westerse landen die, onder aanvoering van Nederland, voor het derde jaar op rij aanstuurden op serieus onderzoek. Hoge Commissaris voor de Mensenrechten Zeid Ra'ad al-Hussein dringt daar al op aan sinds 2015, toen Arabische buurlanden zich gingen mengen in de burgeroorlog in Jemen. Tot nu toe nam de Mensenrechtenraad, vooral onder Saoedische druk, genoegen met een nationaal onderzoek door de Jemenitische regering.

Inmiddels is wel duidelijk dat dat niets voorstelt. Jemen is zelf partij in het conflict. Toch kostte het de Nederlandse missie in Genève, gesteund door onder meer Canada, nog veel moeite het internationaal onderzoek erdoor te krijgen. De groep Arabische landen bleef faliekant tegen. Frankrijk en Groot-Brittannië drongen aan op een compromis. Dat is er nu gekomen.

Probleem voor de Fransen en Britten was dat ze de Saoedi's niet voor het hoofd wilden stoten. Daarbij speelde ongetwijfeld mee dat beide landen veel wapens verkopen aan Saoedi-Arabië. Vorige week nog tekenden de Britten in Riyad een wapendeal van 3,5 miljard euro. Frankrijk heeft veel tanks, helikopters en vliegtuigen verkocht.

Nederland bracht donderdagavond een wijziging aan in de tekst, waarmee de resolutie aanvaardbaar werd voor Jemen en Saoedi-Arabië. Maar in feite is er weinig veranderd. In plaats van een 'internationale commissie van onderzoek' stuurt de Hoge Commissaris nu een 'internationale groep van eminente experts' naar Jemen. De drie experts krijgen een jaar de tijd en rapporteren aan de Mensenrechtenraad, dezelfde procedure als in de oorspronkelijke tekst.

'Er is geen enkel verschil', zegt directeur Kenneth Roth van Human Rights Watch (HRW), die de beraadslagingen in Genève volgde. 'Het is een woordenspel. Het maakt ons niet uit hoe ze het noemen, zolang de onderzoekers maar onafhankelijk en internationaal zijn.' Volgens Roth is de wijziging bedoeld om te voorkomen dat de Arabische landen gezichtsverlies lijden. Dinsdag nog had Saoedi-Arabië gedreigd met economische en diplomatieke strafmaatregelen tegen landen die voor een internationaal onderzoek zouden stemmen.

Roth spreekt van een 'enorme overwinning'. De Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Bert Koenders verdient volgens hem 'alle lof' voor zijn principiële opstelling. 'Het was niet makkelijk, maar hij bleef pal staan.' 'We kunnen de schrijnende humanitaire situatie niet over onze kant laten gaan', zei Koenders vrijdag. 'Eindelijk zijn we een stap verder. Het werd tijd.'

'Ergste humanitaire crisis in de wereld'

Jemen is volgens de VN ten prooi gevallen aan 'de ergste humanitaire crisis in de wereld', het gevolg van een uitzichtloze burgeroorlog. Het leger van de internationaal erkende regering van Hadi vecht tegen sjiitische Houthi-rebellen, die het noordwesten van het land en de hoofdstad Sana'a controleren. De Houthi's werken samen met eenheden van oud-president Ali Abdullah Saleh.

Het conflict wordt verergerd door de bemoeienis van andere landen. Het regeringsleger krijgt grootscheeps militaire steun van een door Saoedi-Arabië geleide coalitie van Arabische staten. De VS staan de coalitie bij met logistiek en inlichtingen. Iran helpt de Houthi's.

Wapenleveringen

Alle partijen in het conflict maken zich schuldig aan schendingen van het oorlogsrecht. De Saoedische coalitie werpt in het wilde weg bommen op gebieden in handen van de Houthi's. Scholen, ziekenhuizen, markten en huizen zijn getroffen, duizenden burgers zijn omgekomen. Houthi-strijders op hun beurt beschieten willekeurig steden en dorpen in Jemen en het zuiden van Saoedi-Arabië. Beide partijen maken gebruiken van kindsoldaten en belemmeren hulporganisaties hun werk te doen.

'Wat de Houthi's en de troepen van Saleh doen, moet niet onderschat worden', zegt Roth, 'maar de meeste burgerdoden vallen waarschijnlijk door bommen die worden geworpen door de luchtmacht van Saoedi-Arabië. De Saoedi's beseffen heel goed dat ze oorlogsmisdaden hebben gepleegd.' Daarom wilde Saoedi-Arabië geen internationaal onderzoek. De Saoedische vertegenwoordiger in de Mensenrechtenraad zei vorige week dat daarvoor 'de tijd niet rijp is'.

Nederland diende al in 2015 bij de raad een voorstel in voor een internationaal onderzoek. Dat stuitte ook toen op fel verzet van Saoedi-Arabië. Nederland trok de resolutie in op aandringen van de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië. Die landen steunden het voorstel van Jemen een nationale onderzoekscommissie in te stellen. Het jaar daarop gebeurde hetzelfde, alleen krabbelde Nederland toen terug na de toezegging dat de commissie internationale ondersteuning zou krijgen.

Dit jaar slaagde die opzet niet, hoewel de Fransen en Britten er opnieuw op aanstuurden. 'Veel landen hebben ingezien dat die aanpak niet werkt', aldus Roth. HRW en andere mensenrechtenorganisaties drongen er de afgelopen week daarom bij Nederland op aan de poot stijf te houden en niet akkoord te gaan met een Frans/Brits compromis.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden