Mbo wordt opnieuw ingrijpend hervormd

Het middelbaar beroepsonderwijs (mbo) gaat opnieuw op de schop. De opleiding moet innovatiever, kleinschaliger en regionaler worden. Dat zegt PvdA-minister Jet Bussemaker (Onderwijs) vandaag in een interview met de Volkskrant. Ze wil een scherper onderscheid maken tussen vak- en beroepsonderwijs, 'zodat meer jongeren vol overtuiging kiezen voor vakmanschap'.

Vakwedstrijden Skills Talents en Skills Heroes op het Deltion College in Zwolle, in maart van dit jaar. Beeld anp

Het mbo is nu met vier opleidingsniveaus en een half miljoen studenten een containerbegrip geworden. Er zitten jongeren op met een moeilijke achtergrond zonder afgeronde vooropleiding (niveau 1), maar ook gespecialiseerde vaklieden (niveau 4). Het imago van het mbo is negatief, want dat wordt bepaald door de 'onderkant'.

Dat leidt ertoe dat veel leerlingen na hun vmbo-examen bij voorkeur niet voor het mbo kiezen, maar via havo 4 en 5 naar het hbo gaan. Bussemaker: 'Te veel goede vakmensen gaan hierdoor voor de arbeidsmarkt verloren, omdat praktisch ingestelde jongeren het beroepsonderwijs links laten liggen. Helaas heeft een vak leren nog altijd weinig status. Dat moet echt anders.'

Niveaus anders benoemen
Bussemaker wil de bestaande mbo-instellingen niet opheffen, maar wel meer differentiëren en studenten meer uitdaging bieden. Om dat vervolgens zichtbaar te maken, wil ze de vier niveaus anders benoemen. Niveau 1 wordt komend studiejaar al omgevormd tot 'entreeopleiding'. Jongeren vanaf 15 jaar zonder afgeronde vooropleiding kunnen bijvoorbeeld zorghulp, horeca-assistent of assistent-kapper worden. Vaak betreft het jongeren met beperkte leervaardigheden, die problemen thuis hebben of een lichtverstandelijke handicap.

'Middelbaar vakonderwijs' is de naam die de minister voorstelt voor de meer praktijkgerichte niveaus 2 en 3. Alleen niveau 4, dat ook toegang biedt tot het hbo, behoudt nog de noemer 'middelbaar beroepsonderwijs'. Bussemaker: 'Met mbo 4 zit je in de Verenigde Staten al tegen het universitair onderwijs aan, maar dat weten de meeste mensen hier niet.'

Minister Bussemaker. Beeld anp

Imagoprobleem
De MBO Raad reageert positief op het voorstel van de minister. De koepel dringt al langer aan op differentiatie. 'Helaas is het imago van de onderkant van het mbo het imago geworden van het hele mbo', zegt voorzitter Jan van Zijl. 'Dat doet onrecht aan de hogere niveaus 3 en 4.' Van Zijl trekt een vergelijking met het voortgezet onderwijs. 'Stel dat we vmbo, havo, atheneum en gymnasium voortaan gymnasium 1, 2, 3 en 4 zouden noemen. De pleuris zou uitbreken. Het mbo is nu voor menigeen een onherkenbaar geheel.'

Wel waarschuwt Van Zijl dat er goed moet worden gepuzzeld op de nieuwe 'merkbeleving'. 'Je kunt het maar één keer doorvoeren. Welke etiketten zijn dan geschikt? En past mbo 2 beter bij 3, of hoort niveau 3 bij 4? Dat luistert nauw.' Hij vindt ook dat een naamswijziging binnen het mbo gelijk moet opgaan met een vergelijkbare operatie in het vmbo. 'Ook daar draagt onherkenbaarheid van de verschillende type niveaus bij aan het kwetsbare imago.'

Het voorstel voor het onderscheid tussen vak- en beroepsopleidingen is meer dan een cosmetische operatie. Sinds enkele jaren werkt het mbo aan het actieplan Focus op Vakmanschap. De meeste opleidingen worden korter (van vier naar drie jaar) en intensiever (meer lesuren) om studenten meer uit te dagen. In een brief aan de Kamer stelt de minister aanvullende maatregelen voor. Daardoor kunnen mbo-instellingen makkelijker met elkaar en met het bedrijfsleven gaan samenwerken, op kleinere schaal en op regionaal niveau. Ook worden er strengere eisen gesteld aan de wijze van examineren.

Vandaag in de Volkskrant: 'Het mbo moet geen moetje worden.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden