Maurice Greene wil 'de beste ooit' worden

De ochtend na de gouden race hobbelt hij, trekkend met zijn linkerbeen, de eetzaal van het hotel binnen. Zo van dichtbij, in zijn rode shirt en witte broek, lijkt Maurice Greene minder groot....

De kranten liggen op de ontbijttafel, op de voorpagina van de Edmonton Journal staat een grote, staande foto afgedrukt. Greene, zijn hoofd helemaal verkrampt, zet zijn laatste stappen naar de finish, rechts op de foto werpt Tim Montgomery zich naar voren. 'Yeah, Tim was close.'

Maar niet alleen Montgomery (9,85) en Greene zelf (9,82) liepen een prima finale, ook Bernard Williams (9,94), Ato Boldon (9,98) en Dwain Chambers (9,99) spurtten uitstekend. Vijf man onder de tien seconden, alleen de finale van de WK in Tokio was in 1991 nog spectaculairder geweest, met liefst zés man binnen de tien tellen.

Die eindstrijd werd gewonnen door Carl Lewis, die ook drie wereldtitels won, al werden in de regeerperiode van King Carl de WK's slechts eens in de vier jaar gehouden. Lewis won in 1983, '87 en '91, Greene in 1997, '99 en '01.

Lewis had te maken met Linford Christie, Ben Johnson (wiens naam dezer dagen in Canada nergens te beluisteren valt), Dennis Mitchell en Leroy Burrell. Greene heeft af te rekenen met Boldon, Montgomery, Williams en een rijtje jonge Britten.

Zondagavond werd hij in zijn 45 passen naar het goud echter alleen bedreigd door Montgomery, de rest van het veld bleef achter. Of zoals bronzen medaillist Bernard Williams met een grijns zei: 'Eigenlijk waren er twéé finales. Een tussen Maurice en Tim, en een van de rest. Die finale won ik.'

Greene moest hard werken voor zijn titel. Na 85 meter voelde hij een lichte 'pop' in zijn linkerbovenbeen, een paar meter verder kreeg hij er ook nog eens een scheut pijn in zijn hamstring overheen. De streep en het goud werd nog in volle vaart gehaald, maar daarna werd het een veredeld hinkelen.

Zijn eindtijd, 9,82, de derde tijd ooit, mocht er desondanks zijn. De kanonskogel uit Kansas bezit nu de drie snelste tijden op de sprint: 9,79, 9,80 en 9,82. Was het zonder die 'pop' en de pijn in de hamstring wellicht nóg sneller gegaan? 'Man, ik denk 9,62', grapt Greene. 'Nee serieus, ik denk dat 9,77 mogelijk was geweest. Maar dat is speculeren.'

Greene is er van overtuigd dat hij binnenkort sneller zal zijn dan zijn 9,79. Zijn coach John Smith heeft al eens tijden in de 9,6 voorspeld. Smith heeft de beste sprinters van de wereld onder zijn hoede, maar in eigen land mag zijn HSI-ploeg ('Handling Speed Intelligently') de komende tijd rekening houden met flink wat concurrentie.

Tim Montgomery traint bij Trevor Graham, die ook Marion Jones traint. Montgomery liep onlangs in Oslo 9,84 op van Jones geleende spikes. Zijn bagage was nog niet gearriveerd, de te krappe spikes droegen hem toch naar die supertijd. Zondag droeg hij zijn eigen spikes.

Graham, wiens trainingsfaciliteiten gevestigd zijn in Raleigh, North Carolina, treedt niet zo op de voorgrond als Smith. Toch hebben zijn atleten hun trainingskamp in Raleigh al gekscherend Sprint Capital USA genoemd. Volgens Graham is niet Greene, maar Montgomery de man die binnen nu en een jaar sneller zal zijn dan 9,79. 'Daar ben ik heel realistisch in. Tim loopt hier 9,85 met een verschrikkelijk slechte start. Als we die verbeteren, dan voorspel ik nieuwe records. Marion gaat Tim daarbij helpen.'

John Smith, olie op het vuur gooiend: 'Die concurrentie is broodnodig. Het is toch een belediging voor mannen als Jesse Owens en Carl Lewis dat er niet sneller gelopen wordt? Mijn atleten missen concurrentie. Kom maar op, Trevor!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden