Master-cursus brengt bondscoaches op hoger plan

Ze zijn al bondscoach, in het bezit van de hoogste trainersbaan in de Nederlandse sport, maar internationaal kunnen ze vaak nog als leerlingen of gezellen worden aangemerkt....

Voor de tien coaches die dit jaar de eerste Master-opleiding van 25 dagen afronden, ligt straks een certificaat met internationale erkenning klaar. Titulatuur voor de 'afgestudeerden' is er niet. Meester is een titel uit de denksporten en uit de Aziatische vechtsporten, maar zal in de Nederlandse coachwereld als zodanig niet snel worden gebruikt.

De elite-cursus, bestaande uit een persoonlijk opleidingsplan (POP) en de kruisbestuiving van de onderlinge ervaringsuitwisseling, is opgezet om het gat tussen de Nederlandse eisen en de internationale voorwaarden te dichten.

NOCNSF-manager Frans van Dijk, een van de initiatiefnemers van de Master: 'In de top geldt maar één standaard en dat is de internationale standaard. Dat is bepaald iets anders dan Nederlandse top.'

De nationale bondscoaches, volgens technisch directeur Joop Alberda van het NOC verantwoordelijk voor het instellen van een WCPP, een wereldklasse-programma met duizend trainingsuren per jaar, zijn daarom vaak eenzame mensen. Bondscoaches staan in kritisch Nederland onder grote druk en hebben met andere sportwetten ('het pistool op de kop, jij of ik, een van de twee overleeft') te maken dan de verenigingstrainers.

De Master van NOCNSF biedt een sportoverstijgend programma aan, waarbij bondscoaches uit tien verschillende sporten elkaar aan tafel treffen, zoals gisteren op de intake van de cursus. De toon is, zo werd gisteren weer ervaren, direct anders. Er is begrip voor elkaars problemen, er bestaat intimiteit en uit het verleden van eerdere cluster-bijeenkomsten, zo meldde een van de cursusbegeleiders, oud-bondscoach Peter Murphy, is bekend dat aan tafel gedeelde problemen nergens op straat belanden.

Murphy: 'Er is een groot vertrouwensgehalte. De gesprekken krijgen direct een hoger en dieper niveau. Niemand is bang het eigen functioneren te bespreken. Het is een enorm leermoment. Het zijn louter positieve ervaringen.'

In de opleiding en het niveau van coaches en trainers, zo stelde onderzoeker Van Bottenburg vorig jaar vast, valt nog een belangrijke impuls voor de verbetering van het topsportklimaat te vinden. Sporttechnische begeleiding geldt als een van de belangrijkste succesbepalende factoren. Heel Amerikaans en naar de laatste management-mode wordt in de opleiding gekozen voor 'resultaatgericht' in plaats van 'kennis en kunde'.

Koepel NOCNSF, het ministerie van Sport (VWS) en de bonden hebben voor de eerste Master-groep van tien trainers vier ton uitgetrokken. De bonden betalen 3500 gulden per toegelaten coach. Voorlopig hebben zich 29 kandidaten bij NOCNSF gemeld. Louter bondscoaches mogen aantreden.

In de eerste Master-lichting zitten jonge coaches als Frank Louter (turnen), Diederik de Boorder (roeien) en Marc Lammers (hockey), maar ook gelouterden als Bert Goedkoop (volleybal), Bert Bouwer (handbal) en Sjef Jansen (paardensport).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden