Column

Martin Sommer over 'het laatste onderwerp dat D66 nog onderscheidend maakt'

Progressiviteit wordt afgemeten aan individuele zelfbeschikking, schrijft politiek commentator Martin Sommer.

De formatie is alweer een ronde verder, maar als u het goed vindt, kom ik nog even terug op het kasboek en de bijbel. Dat was de typering van D66-leider Pechtold van al of niet samenwerken met de ChristenUnie. Wel zolang het om centen en procenten gaat, niet wat betreft de geopenbaarde waarheid. Wiens geopenbaarde waarheid, dat is de kwestie. Met de bijbel valt niet te onderhandelen, was Pechtolds suggestie. Laat ik een slag om de arm houden omdat ik er niet bij ben geweest. Maar het sippe gezicht van CU-leider Segers na het gesprek met zijn D66-collega sprak boekdelen. Op de onderwerpen voltooid leven en ongevraagd donorschap was Segers gewogen en te licht bevonden.

Fascinerende omkering. Lange jaren was het verwijt aan de christelijke partijen dat zij zich met God aan hun zijde beriepen op een hoger gelijk. Nu is de zelfgekozen dood een liberaal dogma geworden waarvoor bijbellezers moeten buigen. Maxim Februari wees erop in een goed artikel in NRC. D66 wethouder Ollongren had in een interview gezegd dat je 'over de zorg kunt praten, daarmee kun je inhoudelijk een goed compromis sluiten, maar op dit soort punten is dat heel moeilijk.' Voorheen kwamen dit soort zinnen uit christelijke monden. Ditmaal beriep Pechtold zich in het Kamerdebat afgelopen dinsdag op zijn humanistische geweten.

Maxim Februari wees erop dat niet alleen rechtzinnige christenen, maar ook artsenorganisaties alsmede deskundig partijgenoot Paul Schnabel twijfelen aan de klaar-met-leven-leer. Dat maakt de vraag wat D66 bezielt alleen maar dringender. Waarom zijn de Democraten zo onverzoenlijk dat nog voor de onderhandelingen de ChristenUnie, in de woorden van Buma, 'over de tafel moest worden gehaald'? Waarom volgde in de Kamer een uitbarsting van vreugde in de D66 bankjes toen een gevoelig wetsvoorstel over ongevraagd donorschap met de kleinst mogelijke meerderheid werd aanvaard?

Gert-Jan Segers. Beeld ANP

Het antwoord moet zijn dat zelfbeschikking het laatste onderwerp is dat D66 nog onderscheidend maakt. De partij werd indertijd opgericht om de versleten ideologieën uit te wuiven. Een pragmatische partij, die deed wat de hand te doen vond. D66 sloot aan bij het oude liberalisme met de ambitie om de plaats van de burger in het bestel te versterken. Daarvoor dienden de bekende kroonjuwelen van gekozen burgemeester en referendum. Ook in die begintijd ging D66 er trouwens hard in. D66-Kamerlid Anneke Goudsmit vond dat minister van Justitie Van Agt, tegenstander van abortus, 'van een andere planeet kwam'. De zogeheten immateriële onderwerpen gaven een partij smoel die voor het overige een fletse middenpositie innam en om die reden na regeringsdeelname steevast placht in te storten.

Zoals we weten verdwenen de oorspronkelijke kroonjuwelen successievelijk uit de D66-etalage naar het schuurtje. Dat gebeurde toen bleek dat de moderne burger niet wilde wat D66 wilde. Ook de andere progressieve partijen raakten allengs minder gecharmeerd van de volksraadpleging. Wat overbleef, zeker nadat de laatste resten van ouderwetse ideologie waren opgedroogd, was dat progressiviteit werd afgemeten aan zelfbeschikking. Het verklaart ook internationaal de verbazend snelle verspreiding van het homohuwelijk.

Alexander Pechtold. Beeld ANP

Ik heb niets tegen gelijkberechtiging en zelfbeschikking. Maar nu is het sacrosancte individu zelf een dogma geworden. Rechtzinnige christenen die geen enthousiasme opbrengen voor de vrijwillige dood, zijn mensen 'die het lichtknopje niet kunnen vinden', zoals historica Amanda Kluveld het vorige week in de Volkskrant uitdrukte. Anders gezegd, zij zijn achterblijvers op wie niet wordt gewacht.

Historica Kluveld schreef in opdracht van de SGP een boek over de benarde positie van orthodoxe christenen in de maatschappij. Moslims mogen als nieuwkomers in progressieve kring op begrip rekenen; voor orthodoxe christenen is minder clementie. De ramadan is een boeiend curiosum, D66-achtige dominees stellen voor Tweede Pinksterdag in te ruilen voor het Suikerfeest. Tegelijk wordt de positie van de christelijke orthodoxen alleen maar moeilijker. Hun gewetensvrijheid staat op gespannen voet met de meerderheidsopvatting. Voorheen werd tolerantie gevraagd voor praktijken die christenen afwezen. Tegenwoordig, aldus Kluveld, 'worden zij niet alleen geacht diversiteit te accepteren, zij moeten haar ook vieren'.

Historicus Amanda Kluveld. Beeld HH / Arenda Oomen

Kluveld geeft het voorbeeld van de christelijke ambtenaar die zich in dagblad Trouw had uitgesproken tegen het homohuwelijk. Hij werd ontslagen, ofschoon geen enkele trouwlustige homo een strobreed in de weg was gelegd. Hij mocht dus ook niet meer denken dat hij tegen het homohuwelijk was. Kluveld spreekt van het morele absolutisme van de seculiere kerk. Boeiende vraag: zijn we op weg naar een wereld waarin de staat, net als voorheen de kerk, over de gewetens gaat?

Met het oorspronkelijke liberalisme heeft de vrijheid van de nieuwe kroonjuwelen weinig meer van doen. Destijds betekende vrijheid je bekommeren om burgerschap, met andere woorden om de inrichting van de samenleving. De nieuwe vrijheid van de zelfbeschikking heeft niets te melden over een gezamenlijk verband. Iets zegt me dat ChristenUnie-leider Segers op dat stuk meer in de aanbieding heeft dan Alexander Pechtold.

Martin Sommer is politiek commentator van de Volkskrant

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.