Martin Kersten van het Centrum voor Wiskunde en Informatica jaagt zijn promovendi de markt op; Wiskunde-centrum baart entrepreneurs in Silicon Polder

Wetenschapper worden of ondernemer? De miljoenen van Gilde Investments hebben automatiseringsdeskundige Marcel Holsheimer over de streep getrokken. En professor-zonder-studenten Martin Kersbergen glimlacht tevreden....

Van onze verslaggever

Lucas van Grinsven

AMSTERDAM

De Silicon Polder die Hans Wijers zo vurig wenst, krijgt langzaam vorm op het Science Park, een troosteloze akker die verstopt is tussen een spoorwegemplacement en een vaart in Amsterdam-Oost. Eén wit flatgebouw is al gevuld met jonge high-techbedrijfjes, en wegens doorslaand succes wordt de vette klei momenteel bouwrijp gemaakt voor nog wat kantoorgebouwen.

Ondanks de obscure locatie hebben specialisten de weg gevonden naar een aantal van die jonge technologiebedrijven, zo blijkt uit studies van internationaal vermaarde consultants in informatie-technologie als Gartner Group en Aberdeen Group.

Ook Data Distilleries is door hen ontdekt. Het drie jaar oude bedrijfje met tien medewerkers kreeg vrijdag een kapitaalinjectie van 2,5 miljoen gulden van investeringsmaatschappij Gilde IT Fund. Een tweede investeringsronde van Gilde wordt binnen een jaar verwacht. 'Data Distilleries heeft een voorsprong van een half jaar tot een jaar op de wereldwijde concurrentie', zegt Gilde-directeur Toon den Heijer.

Den Heijer zit op 200 miljoen gulden en heeft de grootste moeite Nederlandse bedrijven te vinden waarin hij dat geld kan investeren. 'Er is nog steeds een schaarste aan goede bedrijven.' Toch is dit al de tweede keer dat hij zijn geluk beproeft in het Amsterdamse Science Park. De buren van Data Distilleries, het softwarebedrijf DigiCash, kregen vorig jaar al een cheque van Gilde.

De motor achter het technologische succes in Amsterdam-Oost is het Centrum voor Wiskunde en Informatica (CWI), dat ook in het Science Park huist en zowel DigiCash als Data Distilleries heeft voortgebracht. 'Een universiteit zonder studenten', noemt professor Martin Kersten zijn CWI. Wat het CWI wel heeft, zijn promovendi, en die zouden vaker voor zichzelf moeten beginnen, vindt hij. 'Teveel promovendi willen maar één ding: de prof worden.' In plaats van te dromen over het professoraat zouden zij vaker moeten nadenken of zij hun ideeën niet te gelde kunnen maken in een eigen bedrijf.

Eén zo'n durfal was de aankomende doctor Marcel Holsheimer, de nu 30-jarige directeur van Data Distilleries. Hij deed onderzoek bij Kersten en zijn collega Arno Siebes naar de analyse van databanken - grote computersystemen die meestal gegevens van klanten bevatten. In 1994 had hij een analyseprogramma geschreven dat hij uitprobeerde bij een verzekeringsmaatschappij. Uit de berg aan klanteninformatie viste Holsheimer onverwachte verbanden waarmee het verzekeringsbedrijf veel geld kon besparen.

'We vonden profielen van klanten die men niet kende', zegt hij. Bij één van de grote Nederlandse consultancybedrijven bleek de autoschadekans twee keer zo groot als gemiddeld in Nederland. De duurbetaalde adviseurs gingen allesbehalve zorgvuldig om met hun leasebakken, was de conclusie. De verzekeraar weigerde voortaan zaken te doen met het bedrijf.

'Daar valt geld mee te verdienen; dat willen we vaker doen', hoorde Holsheimer van het verzekeringsbedrijf. De twijfel sloeg toe: promoveren of in zaken gaan? Het was juni 1994. Professor Kersten nodigde zijn jonge promovendus uit voor een bezoek aan zijn huis in Almere, schonk hem eerst een biertje in en zette hem vervolgens het mes op de keel. 'Daar heb ik de vraag voorgelegd: het is A of B', aldus Kersten. 'In beide richtingen kun je slagen.'

Toen Holsheimer koos voor zijn eigen bedrijf, werd hij echter niet op straat gegooid door Kersten. Integendeel, de hoogleraar begeleidde zijn pupil met het opstellen van een ondernemingsplan, het leggen van contacten en het aanvragen van Europese subsidies. Al met al duurde het een jaar voordat het bedrijf was opgestart. 'Het moest natuurlijk niet direct een fiasco worden', aldus Kersten.

De professor investeerde ook eigen geld in het project, in ruil voor een pakketje aandelen. Bovendien creëerde hij een vangnet voor Holsheimer. Mocht het plan onverhoopt mislukken, dan kon hij terugkomen naar het CWI om zijn proefschrift af te maken.

Het CWI speelt nog een belangrijke rol, omdat het centrum ook aandeelhouder is in Data Distilleries. Die aandelen kreeg het CWI in ruil voor kennis. De algoritmes die Data Distilleries nodig heeft als bouwstenen voor zijn software, komen namelijk gedeeltelijk van Kerstens afdeling.

Dat wil niet zeggen dat het CWI voor het karretje wordt gespannen van Data Distilleries, haast Kersten zich te zeggen. 'Het CWI bepaalt zelf wat het onderzoekt, en als Data Distilleries die kennis wil gebruiken, kan het die kopen.' In zijn ogen is er juist geen vermenging van commercie en studie. 'Zodra een project commerciële mogelijkheden heeft, overwegen we er een zelfstandig bedrijf van te maken.'

Het klinkt als muziek in de oren van Toon den Heijer van Gilde Investments, die het Nederlandse high-techklimaat nog steeds onder de maat vindt. De reden is niet het gebrek aan geld, zo bewijst zijn investeringsfonds, maar dat het geld te laat komt. 'De bedragen tot een half miljoen gulden, die nodig zijn om een idee te ontwikkelen tot een onderneming, ontbreken.'

Data Distilleries kon ontstaan dankzij 'tante Agaath' Kersten die binnen een halve dag besloot om geld te investeren in zijn leerling. Daar kan geen moeizame subsidieaanvraag tegenop, zegt Holsheimer. 'In de eerste jaren is het enorm moeilijk om geld te krijgen, bij de overheid, maar ook bij de banken.'

De steun van het CWI bleek ook belangrijk toen Data Distilleries dit jaar wilde uitbreiden. Gilde is over de brug gekomen met zijn 2,5 miljoen dankzij het CWI, zegt Den Heijer van Gilde. 'Als Marcel was langsgekomen zonder het CWI, vraag ik me af of we in deze omvang hadden geïnvesteerd.'

'Het is de rol die tegenwoordig wordt verwacht van dit soort instituten', zegt CWI-directeur Kersten over zijn eigen organisatie, maar voegt eraan toe dat er elders nog maar weinig van terecht komt. Onder aanvoering van minister Wijers propageert het ministerie van Economische Zaken dat universiteiten meer moeten ondernemen. Dat is een wereld van verschil met tien jaar geleden, maar het heeft nog nauwelijks geleid tot actie, zegt Holsheimer.

'Als de overheid telkens zegt dat high tech belangrijk is, dan moeten ze iedereen die daarin iets onderneemt ondersteunen', zegt Den Heijer. Jonge bedrijven als Data Distilleries moeten vanaf het prille begin worden geholpen met de bescherming van hun kennis en promotie in de internationale technologiewereld. Het zijn taken die Gilde nu gedeeltelijk voor zijn rekening heeft genomen.

Het is trouwens niet het gebrek aan technologische kennis, dat zorgt voor een achterstand van de Nederlandse high-techsector. Geavanceerde kennis is er volop, maar het ontbreekt aan ondernemende slimmeriken als Holsheimer, meent Kersen. Promovendi kunnen die keuze betrekkelijk eenvoudig maken, omdat zij toch al op zwart zaad zitten met hun onderzoekstoelage.

In Amerika worden veel bedrijven opgericht door jonge medewerkers van grote softwarebedrijven als Bill Gates' Microsoft. Zij verdienen in luttele jaren een fortuin met optieregelingen en krijgen zo de vrijheid om een gokje te wagen met een eigen bedrijf. 'Bill's bucks' hebben al heel wat start-ups gecreëerd in de VS.

Den Heijer van Gilde Investments hoopt dat vaderlandse beurssuccessen als Baan en ASM Lithography hetzelfde effect zullen hebben. Ook de medewerkers van Data Distilleries krijgen opties. Het is een blijk van waardering, maar ook een noodzakelijk middel om talent aan te trekken.

Met de Gilde-miljoenen moet Data Distilleries als een razende de Europese markt op, en wellicht ook de Amerikaanse. De grote afzet, en dus het grote geld, zit in eenvoudige pakketten voor eenduidige problemen, zoals voorraadbeheer of marketing. Met die handzame pakketjes kan een winkelier zijn klanten bijvoorbeeld wijzen op aanbiedingen die passen bij zijn consumptiepatroon.

Als Data Distilleries erin slaagt die markt te domineren, vaart het schip met geld binnen. Als dat mislukt, is het bedrijf straks hooguit 10 tot 20 miljoen dollar waard, zegt Gilde-directeur Den Heijer.

Holsheimer, die inmiddels weet dat dit soort bedragen in de high-techsector gelden als klein bier, kan een tevreden glimlach toch niet onderdrukken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.