Marrit Leenstra eindelijk geen mevrouw vierde plaats meer: 'Zo blij, eindelijk die medaille'

Marrit Leenstra werd voor gek verklaard toen ze Nederland verruilde voor Italië. Twee jaar keihard werken later schaatste ze maandag een wrange bijnaam van zich af, door brons te veroveren op de 1.500 meter.

Marrit Leenstra Foto afp

Schaatsers van over de hele wereld kijken vol bewondering naar Nederland. Zeker na de Nederlandse medailles in Sotsji. Je zou, als je maar enige olympische ambities koestert, wel gek zijn om dat land te verlaten. Toch zwom er eentje de afgelopen twee jaar tegen de stroom in: Marrit Leenstra. Zij verruilde Nederland voor Italië, en die beslissing bracht haar het brons op de olympische 1.500 meter, haar eerste individuele medaille op een mondiaal kampioenschap.

Haar beslissing om zich aan te sluiten bij de Italiaanse ploeg, waar haar man Matteo Anesi assistent-coach is, zorgde twee jaar geleden voor opgetrokken wenkbrauwen. 'Iedereen keek me aan: wat doe jij nou? Nederland is toch hét schaatsland en dan ga jij naar Italië', vertelde ze na haar bronzen rit.

Het harde trainen

De keuze kwam op een belangrijk moment in haar loopbaan. Haar ploeg, Corendon, hield op te bestaan. Jan van Veen, de coach waar ze ongeveer mee vergroeid was geraakt, vertrok naar Duitsland om daar bondscoach te worden. 'Ze voelde zich alleen, wist niet wat ze moest', vertelde Anesi. Ze sprak met andere trainers in Nederland, maar vond niet wat ze zocht.

Haar man raadde haar aan met Maurizio Marchetto, de uit Rusland teruggekeerde Italiaanse bondscoach, af te spreken. Het klikte. 'Ik had bij Maurizio het gevoel dat hij van het harde trainen was. Dat wilde ik graag. In Nederland is alles op hetzelfde gebaseerd. Voor mijn gevoel was het in Italië echt anders. Ik heb nog nooit zo hard gewerkt als de afgelopen twee jaar.'

Met haar fijne techniek geldt Leenstra al jaren als een van de beste schaatssters van Nederland en van de wereld. Steevast eindigt ze ergens boven in de uitslagen van de 1.000 en 1.500 meters. In wereldbekerwedstrijden stond ze maar liefst 43 keer op het podium, maar op de grote kampioenschappen greep ze altijd mis. Anesi: 'Marrit heeft heel veel pech gehad. Altijd als ze kans op een medaille had, lukte het niet. Ze was mevrouw vierde plaats.'

Die wrange bijnaam was terecht. Natuurlijk, ze won met de nationale ploeg achtervolgingsgoud in Sotsji en drie keer op de WK afstanden (2013, 2016 en 2017), maar in haar eentje haalde ze het podium nooit. Ze werd vierde op de WK allround (2011), vierde op de WK sprint (2016), vierde op de 1.500 meter bij de Winterspelen (2014) en drie keer vierde op de WK afstanden: twee keer op de 1.000 meter (2011 en 2017) en een keer op de 1.500 meter (2017).

De laatste twee vierde plaatsen waren vorig seizoen. Leenstra trainde al een jaar bij de Italiaanse ploeg en was ervan overtuigd dat ze eindelijk zou afrekenen met haar reputatie. Het lukte niet. 'Toen was ik er echt kapot van dat ik twee keer vierde was. Door de spanning lukte het niet.' Ze moest nog een jaar geduld hebben.

De 28-jarige Friezin bleef vertrouwen op de aanpak van Marchetto en zette door. Dat was niet gemakkelijk. 'Het was a hell of a journey, een achtbaan', verklapte Anesi. 'Ups en downs, reizen, huilen, tranen, zweet.' De beloning kwam op de Gangneung Oval, al zag het er daar aanvankelijk niet naar uit.

Vierdeplekdrama

Leenstra was haar race goed begonnen en kwam bij de bel voor de laatste ronde nog bijna drietienden onder het schema van Ireen Wüst door. Ze morste te veel tijd in de laatste 200 meter. 'De buitenbocht was echt te lang. Daar viel ik helemaal stil.' Met 1.55,26 kwam ze op de tweede plaats in de tussenstand terecht, slechts 0,01 seconde voor Lotte van Beek.

De beste vrouw van het voorseizoen, de Japanse Miho Takagi, en de Amerikaanse wereldrecordhouder Heather Bergsma moesten toen nog rijden. Anesi zag de bui al hangen. 'Ik dacht: hier gaan we weer.' Bergsma startte snel, maar verloor in het slot veel tijd. Zij werd achtste en voorkwam een nieuw vierdeplekdrama voor Leenstra. Takagi wurmde zich wel nog tussen Wüst en Leenstra in.

Medaille

Voor Anesi, die zelf in 2006 met de Italiaanse achtervolgingsploeg goud veroverde in Turijn, was de bronzen plak voor zijn vrouw even glanzend als de gouden die Wüst won. Leenstra ging zo ver niet. 'Je droomt altijd van goud, niet van die derde plek, maar ik ben ontzettend blij met brons. Zo blij: eindelijk die medaille.'

Haar Italiaanse ploeggenoten en begeleiders kregen - net als zij - tranen in de ogen, bij haar huldiging op het middenterrein. Dat Leenstra oranje draagt en zij blauw, het maakte niet uit. Ze is een van hen geworden. Anesi: 'Natuurlijk juichen ze mee. Ze is zo'n aardig meisje.'

Mogelijk staan de Italianen woensdag weer te klappen voor Leenstra. Dan rijdt ze de 1.000 meter, niet langer mevrouw vierde plaats. Wat kan ze dan? Anesi laat een klaterende lach horen. 'Ze wordt waarschijnlijk weer vierde.'