Marlene Dietrich hart van nieuw Berlijns filmmusuem

Berlijn heeft een tempel opgericht voor Marlene Dietrich, Duitslands enige echte wereldster. In een grote ronde zaal van het nieuwe filmmuseum staan bankjes, van waar de bezoeker in stilte haar beroemde robes kan bewonderen....

De bejaarde vrouw was afgelopen week de ster bij de opening van het museum. Hier ontvouwt zich de onweerstaanbare glamour van Dietrichs leven: de stickers op haar reiskoffer, het briefpapier van de grote hotels met smachtende teksten.

Marlene en Jean Gabin verlangen in het Frans vurig naar elkaar, Douglas Fairbanks klaagt in een liefdesbrief dat zijn bed leeg is zonder haar. 'Aan mijn schepper, van zijn schepping', schrijft ze onderdanig aan regisseur Josef von Sternberg. Ernaast ligt de bekende sigarettenkoker waarin hij liet graveren: 'Marlene Dietrich, Weib, Mutter und Schauspielerin wie noch nie'.

De Dietrich-collectie vormt het hart van het nieuwe filmmuseum, dat Berlijn na jaren van plannen smeden eindelijk heeft ingericht. De bezienswaardige tentoonstelling beslaat twee verdiepingen in het Filmhaus, waar ook de Berlijnse filmacademie en de legendarische art-bioscoop Arsenal zijn gevestigd.

De Potsdamer Platz is daarmee definitief het filmhart van Berlijn geworden. Het filmmuseum toont de collectie van de Berlijnse Kinemathek volgens de modernste opvattingen. Het publiek wordt verrast met effecten en kan op allerlei computerknoppen drukken. Het is een aardig idee om de bezoeker iets over de belichting in de jaren dertig-film te leren door hem zelf Dietrich in een scène uit Shanghai Express te laten belichten.

Er is ook een aparte afdeling aan trucage in sciencefiction-en historische films gewijd, van de monsters van Hollywoods trucagemeester Ray Harryhausen tot Titanic.

Maar het is de tentoonstellingsmakers toch vooral te doen om de glorieuze beginjaren van de Duitse cinema: schetsen van het Metropolis-decor, een proefopname voor Der blaue Engel en veel aandacht voor de grote vier die in de jaren twintig naar Hollywood gingen: Ernst Lubitsch, F.W. Murnau, G.W. Pabst en Fritz Lang.

Na de drie zalen Dietrich, volgens het bordje aan de muur 'het icoon van de eeuw', behandelt het museum Leni Riefenstal en de nazi-propagandafilms. Maar de na-oorlogse Duitse cinema in Oost en West is in één zaal geperst, eindigend met de kleren en rode pruik van Franka Potente in Lola rennt.

Critici vinden dat te weinig. Het museum bedient zich volgens een van hen van 'de these dat na 1933 geen grote Duitse film meer is gemaakt'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden