Markt voor intercitybussen komt in Nederland maar niet van de grond - ook Flixbus verlegt koers

Waarom lukt het busbedrijven wel om de trein internationaal naar de kroon te steken, maar is concurrentie met de NS op het binnenlandse vervoer een brug te ver? Het bedrijf Flixbus komt terug van een eerdere ambitie om overal in Nederland intercitybussen in te zetten. Ook Eurolines concentreert zich op busverbindingen met het buitenland. ‘De Nederlandse steden zijn al prima verbonden met het spoor’. 

Flixbus en passagiers op het Piarcoplein bij het Sloterdijk station te Amsterdam. Beeld Simon Lenskens

Of er op het Nederlandse kantoor van Flixbus werd gejuicht, toen NS eerder dit jaar aankondigde de trein naar Brussel tot 70 procent duurder te maken? Jesper Vis, directeur van Flixbus Benelux, kan in zijn beantwoording een glimlach niet onderdrukken. ‘Dat was een mooi cadeautje, ja.’

Vis (30) wil optimaal van het NS-cadeautje te profiteren: vanaf vandaag rijden er dagelijks geen 12, maar 26 bussen van het bedrijf op en neer tussen Amsterdam en Brussel voor een minimumprijs van 11 euro per passagier. ‘Wij waren al voor de prijsstijging bij NS van plan vaker naar Brussel te rijden’, zegt Vis. ‘Maar dit viel mooi samen.’

De rit naar Brussel is niet het enige traject waarop Nederlanders voortaan vaker de groene Flixbus kan pakken. Op het Dak van Amsterdam, een vergaderruimte met uitzicht over het historisch centrum van de hoofdstad, ontvouwt Vis de internationale plannen van de Beneluxdochter.

Naar Parijs zal vanaf juni, net als naar Brussel, ieder uur een bus rijden. Ook op de wegen naar onder andere Praag (was 0 tot 3 ritten per dag, wordt 2 tot 4) en Hamburg (was 5 tot 8 ritten per dag, wordt 8 tot 11) gaat de frequentie omhoog. Een bestemming als het Deense Aarhus is nieuw. Het doel: dit jaar 3,5 miljoen passagiers vervoeren, tegenover de 2 miljoen in 2017.

De internationale aspiraties kenmerken de koerswijziging van de Duitse busmaatschappij in Nederland. Eind 2015 wilde Flixbus zich nog bewijzen als aanbieder van nationale intercitybussen. Dat kunstje had het busbedrijf reeds uitgehaald in Duitsland, waar het de voormalige monopolist Deutsche Bahn van de weg had gedrukt. Op trajecten zonder directe treinverbinding moest NS de borst natmaken, was de boodschap.

Vorig jaar kwam Flixbus terug op die brandende ambitie. Waar eerder vier keer per dag bussen over de snelweg tussen Groningen en Enschede snelden, rijdt Flixbus nu alleen nog in het weekend dat traject. Andere verbindingen verdwenen zelfs, zoals die tussen Rotterdam en Den Bosch.

Dit jaar opent Flixbus nog wel enkele Nederlandse haltes, zoals in Drachten, maar alleen als deze op de route naar een buitenlandse bestemming liggen. In het geval van Drachten is dat Hamburg. Ook Flixbus’ grootste concurrent, Eurolines, biedt alleen Nederlandse ritten aan die onderdeel zijn van een langere internationale busverbinding. 

Waarom lukt het busbedrijven maar niet om op het binnenlandse vervoer met de NS te concurreren? ‘De meeste middelgrote en grote Nederlandse steden zijn al prima verbonden met het spoor’, zegt Bert van Wee, hoogleraar transportbeleid aan de TU Delft. ‘En ondanks het geklaag op NS komt uit onderzoek naar voren dat Nederlandse treinreizigers best tevreden zijn.’ Een belangrijk verschil met Duitsland, waar Flixbus wél zeer succesvol is met een binnenlandse koers, is dat lang niet alle grote Duitse steden over een redelijke verbinding naar andere grote steden beschikken.

Hier speelt ook mee dat Nederland een klein, maar dichtbevolkt land is. Het spoornetwerk is daardoor fijnmazig. Tussen Enschede en Groningen mag dan geen trein rijden, met een overstap in Zwolle is dat snel en gemakkelijk opgelost.

Een tweede nadeel voor Flixbus en andere busmaatschappijen in de strijd met het spoor: Nederlandse studenten reizen doordeweeks kosteloos met het openbaar vervoer en in het weekend met 40 procent korting (andersom kan ook). De meeste van hen zullen daarom nooit overwegen om een particuliere buslijn naar de universiteit of hun ouders te pakken, zelfs niet als de bus goedkoop is.

Van Wee: ‘Flixbus had met zijn lage prijzen een sterke troef in handen, maar concurreerde binnen Nederland met een gratis product.’ De gesubsidieerde treinkaartjes speelden Flixbus parten, erkent Benelux-directeur Vis.

Dat Flixbus en Eurolines hun vizier op het verbinden van Nederland met het buitenland richten, noemt Van Wee een logische keuze. ‘Het spoor ligt er om goed internationaal spoorvervoer te kunnen bieden, maar door een gebrek aan samenwerking tussen de landen schort het aan goede service.’

Busbedrijven zijn goedkoper dan de NS - en ook flexibeler, waardoor ze zich sneller kunnen aanpassen aan veranderende marktomstandigheden – zie de extra bussen richting Brussel. ‘Laten we hopen dat NS de hete adem van de bussen in zijn nek voelt en beter internationaal vervoer ontwikkelt’, besluit Van Wee. Tot het zover is – en dat zal nog wel even duren - zijn de busbedrijven spekkoper.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.