Markt heeft al jaren meer behoefte aan specialisatie in milieu-opleiding Hbo leidt nog te veel 'allesweters' op

De milieu-opleidingen in het hoger beroepsonderwijs hobbelen een beetje achter de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt aan. Daar ontstaat vraag naar gespecialiseerde uitvoerders, terwijl de meeste hbo-studies nog opleiden voor 'allesweters'....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

Dat signaleert de visitatiecommissie die de kwaliteit van de dertien milieu-opleidingen in het hbo heeft onderzocht. Ruim de helft van die opleidingen is goed. Bij de overige was volgens de kwaliteitscontroleurs niet goed nagedacht over de samenhang in het programma. Ook de stage staat vaak helemaal los van de rest van de opleiding. Maar het voornaamste probleem is volgens de commissie dat er nog te veel jongeren worden opgeleid voor beleidsfuncties, terwijl er duidelijk meer vraag komt naar specialisten die bijvoorbeeld milieuvriendelijke productieprocessen ontwerpen. De hogescholen die dat nog niet zien, zullen hun progromma stevig moeten aanpassen.

De milieu-opleidingen in het hoger beroepsonderwijs zijn relatief jong. De eerste, IJselland en Van Hall, begonnen eind jaren zeventig. Sinds 1990 is er echter sprake van een echte explosie van nieuwe opleidingen, die van de snel groeiende belangstelling voor milieustudies wilden profiteren. Behalve de veertien 'echte' milieustudies zijn er nog eens twaalf opleidingen die het etiketje milieu op een afstudeerrichting hebben geplakt.

Zowel voor studenten als voor bedrijven is dat reuze verwarrend. Onder dezelfde naam 'milieukunde' worden bij de ene hogeschool specialisten opgeleid, terwijl de andere hogeschool onder die titel algemene beleidsfunctionarissen aflevert. Daarom is het hoog tijd voor gezamenlijke afspraken, vindt de commissie, om te bepalen welke opleiding wat precies gaat doen.

Door de hausse aan milieu-opleidingen wordt de spoeling onder studenten steeds dunner, zeker nu ook de belangstelling van nieuwe eerstejaars afneemt. Een aantal opleidingen kan volgens de commissie als gevolg van de geringe omvang eigenlijk geen goed onderwijs meer aanbieden.

Zo wordt bijvoorbeeld de Hogeschool Midden Nederland min of meer aangeraden om de opleiding met negen voltijds- en veertig deeltijd-studenten maar op te heffen. Te meer omdat ook de kwaliteit maar matig is.

Anders ligt het bij de eveneens kleine studierichting aquatische ecotechnologie van de Hogeschool Zeeland. Die komt met 25 studenten in de gevarenzone, maar de kwaliteit van deze bijzondere richting is zo goed, dat opheffing in de ogen van de commissie zonde zou zijn. Een wervingscampagne moet het treurige lot van dreigende opheffing voorkomen.

De visitatiecommissie heeft geen rangorde in de opleidingen willen aanbrengen, maar spreekt wel een duidelijk oordeel uit. Zo wordt de opleiding landschapsinrichting van Hogeschool Larenstein in Velp geprezen vanwege het uitstekende programma. Hogeschool IJselland (Deventer) krijgt als enige, naast het degelijke programma, lof voor de uitstekende manier waarop de stage in de totale opleiding is ondergebracht.

Het Van Hall Instituut (Groningen en Friesland) wordt als goed beoordeeld, ondanks de tobberige situatie die de huidige fusieperikelen met zich meebrengen. Maar de commissie verwacht dat de opleiding, met IJselland de oudste op milieugebied, vanwege de degelijke opbouw goed uit de problemen zal komen.

Uitgesproken negatief is de visitatiecommisie over de milieustudies van de Hogeschool Holland (Diemen) en de Hogeschool Midden Nederland (Utrecht). Het aanbod is versnipperd, een rode draad in het studieprogramma ontbreekt, en het niveau laat te wensen over. In beide gevallen gaat het om lerarenopleidingen die naast de oorspronkelijke stof zijn gaan liefhebberen op milieugebied. Ook de Hogeschool Den Bosch heeft nog geen echte milieustudie weten op te zetten, maar heeft de studierichting civiele techniek een beetje een groen tintje gegeven.

Stomverbaasd waren de kwaliteitscontroleurs dat maar een paar van de dertien opleidingen de milieuregels zelf goed naleefden. De Hogeschool Utrecht, Hogeschool Den Bosch en de Agrarische Hogeschool Den Bosch beschikten niet eens over de benodigde vergunningen. 'Terwijl het naleven voor studenten toch een voorbeeldfunctie zou moeten hebben', zo wordt er in het rapport gemopperd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden