Mark Padmore - Britten en Finzi

GUIDO VAN OORSCHOT

Eén instrument en anderhalve minuut, meer heeft Benjamin Britten niet nodig om te laten horen hoe het leven volgens hem in elkaar steekt. Vol goede moed begint de solohoornist aan de Serenade opus 31, maar al snel vlijmt de pijn van de natuurtonen, met hun van nature ingebakken valsheid.

Zo klinkt de Prologue van een meeslepende cyclus voor tenor, hoorn en strijkers. Tenor Mark Padmore, in de bloei van z'n carrière, beheerst het volledige pakket van eisen. Zijn stem zwerft van een koperachtige hoogte naar een soms venijnig uitpakkende laagte. Samen met hem blik je in de afgrond van het bestaan.

In Brittens Nocturne, vol wakkere poëzie over slaap en droom, slingert Padmores stem zich om listig binnengeschoven solo-instrumenten. De liedcyclus Dies natalis van Gerald Finzi ontvouwt zich vervolgens als een groen maar onschuldig Engels landschap.

undefined

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden