Review

Margin Call, over de schunnige humor van bankhufters

In authentiek beeld van keiharde wereld van Wall Street worden de personages niet dierbaar.

De eerste speelfilm over de bankencrisis van 2008 die zich afspeelt in en om een investeerderbank aan Wall Street - zo adverteren de makers van Margin Call. Alles begint met een massaontslag: per direct staat 80 procent van de kantoorlui op straat. Zo ook Eric (Stanley Tucci) die nog net een usb-stick in handen van zijn briljante protégé Peter (Zachary Quinto) kan duwen. Een paar uur later ontdekt de overwerkende jongeman dat de bank zich aan de rand van de afgrond bevindt, of zelfs ver daarover. Toch maar de chef uit de disco naar kantoor bellen, die op zijn beurt een meerdere belt.

Zo beweegt het nieuws zich rap hoger op de bankhiërarchie, wat de groentjes die het euvel ontdekten bloednerveus maakt. Wil de bank dit eigenlijk wel weten? En: wie is de bank eigenlijk? Het antwoord vliegt binnen per helikopter: de manipulatieve en meedogenloze CEO John Tuld (prachtrol van Jeremy Irons). Mijlenver verheven boven het werkende bankgepeupel is hij, zonder geduld voor complexe financiële analyses: 'Leg het me uit of ik een kind ben, of een golden retriever.

Debuut

J.C. Chandor, die met Margin Call zijn regiedebuut maakt en zelf het scenario schreef, vond makkelijk toegang tot bronnen om zijn film op te tuigen. Zijn vader werkte decennialang bij een soortgelijke bank. De cultuur tussen de mannen en een enkele vrouw (Demi Moore) doet authentiek aan. Keihard: alles is te koop, iedereen te ontslaan.

Gegoten in de mal van de thriller voltrekt Margin Call zich in volle vaart: anderhalve dag is er beschikbaar om de neergang van de bank te beteugelen, maakt niet uit over wiens rug.

Als ensemblefilm is Margin Call toegerust met een imposante en excellent acterende cast, waaronder Kevin Spacey als de voor morele dilemma's gestelde onderbaas Sam. Dat regisseur Chandor geen uitgesproken hoofdpersonage kiest, zadelt zijn film wel op met een nadeel: de personages worden nooit dierbaar. De keuze om het emotionele hart gaandeweg meer bij Spacey te leggen - de door hem vertolkte topman worstelt met het heengaan van zijn hond - lijkt vooral ingegeven door diens status als acteur, niet door enige noodzaak in het script.

De dialoog wordt in Margin Call soms wat al te nadrukkelijk ingezet voor lesjes in moraliteit, maar de treffend getypeerde schunnigheid van dit kaliber bankhufters, waar de film niks op bezuinigt, blijft nog lang na afloop bij.

Kevin Spacey in Margin Call.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden