Marathonlopers zoeken hun eigen lijdensweg op

De liefhebber van religieuze taferelen en symboliek kon zijn hart ophalen bij de eerste marathon van Jeruzalem. 'We kennen maar één antwoord op geweld.'

Een marathonloper met een tatoeage van het Griekse Jezussymbool op zijn arm. Joods ambulancepersoneel dat bij de doortocht van de koplopers rustig tegen de stadsmuur staat te bidden, gebedsdoosje op het voorhoofd. Een haan die bij de doorkomst van een groep recreatielopers enkele malen kraait in de tuinen net buiten de Jaffapoort.


De liefhebber van religieuze taferelen en symboliek kon vrijdagochtend, tijdens de eerste marathon van Jeruzalem, zijn hart meer dan ophalen. De klokken van de Heilige Grafkerk klonken juist op het moment dat een loper voorbijsnelde met op zijn T-shirt het opschrift '1 God', met daarbij de drie symbolen van jodendom, christendom en islam.


Op de plek waar Jezus zijn kruis droeg, zochten vrijdagochtend duizenden marathonlopers vrijwillig hun eigen lijdensweg op. De Via Dolorosa zelf, de kruisweg, werd niet rennend bezocht, maar loodzwaar was deze marathon zeker. Heuvel op, heuvel af - alleen de marathon van Athene is lastiger, zuchtte een deelneemster na afloop.


De tijd van de winnaar bij de mannen, 2.26.44, sprak boekdelen - dat is bij snelle stadsmarathons een nette vrouwentijd. Sommige zaken veranderen echter niet. Natuurlijk kwam de winnaar uit Kenia. Raymond Kipkoech was net even iets sneller dan twee landgenoten. Bij de vrouwen won de Ethiopische Mutai Kopkorir. Beiden verdienden 5000 dollar - nee, 'Jeruzalem' is qua prijzengeld geen 'New York', 'Berlijn' of 'Rotterdam'.


Maar het ging vrijdag niet om de winnaars. De vraag was vooral of het wel verantwoord was om zo'n groot, open evenement te houden, twee dagen nadat vlakbij de finish een bom ontplofte. Daarbij kwam een Britse vrouw om het leven en raakten meer dan dertig mensen gewond. En ook vanuit Gaza regent het opnieuw raketten op Israëlische dorpen en steden.


'Wij kennen maar één antwoord op dat geweld', zei Jeruzalems burgemeester Nir Birkat voor de wedstrijd. 'Wij gaan vrijdag lopen.' Hij voegde zelf de daad bij het woord. 'Ik heb genoten', zei hij na afloop. 'Volgend jaar lopen we weer.'


Hoewel de burgemeester dat zelf anders ziet, is 'zijn' marathon nog lang geen gewone stadsmarathon. Want bij welke loopevenement zie je langs het parkoers honderden bewapende militairen? En waar kun je vanaf het hooggelegen keerpunt een blik werpen op de grijze Muur die de Palestijnse Westbank scheidt van Israël?


De meeste lopers hadden daar, bij het 33 kilometerpunt, al geen oog meer voor, die worstelden op dat moment met hun eigen mentale 'Muur'. Die zagen ook niet dat er, omhoog lopend naar Ammunition Hill (!), aan de rechterkant van de weg nauwelijks inwoners van de Arabische wijk Sheikh Jarrah, daar waar Joden steeds meer huizen overnemen, stonden te kijken.


Stevig contrast: aan de linkerkant stonden wel ultraorthodoxe joden uit de aangrenzende wijk Mea She'arim in hun zwarte jassen naar de langs snellende benen te staren.


Het voert te ver om van een 'boycot' te spreken, maar Mohammed Hoessein, de grootmoefti van Jeruzalem, uitte vooraf wel de nodige kritiek. Hij noemde het evenement 'een politiek middel van de Israëliërs in de verdergaande judaïsering van de stad'. De geestelijke zette ook vraagtekens bij de afsluiting van wegen, juist op de dag dat veel Palestijnen naar de El Aqsamoskee gaan om daar te bidden.


De grootmoefti stond niet alleen in zijn kritiek. Vooraf werd er, door activisten uit Israël en daarbuiten, ook kritiek geleverd op het parkoers zelf. Dat voerde in eerste instantie ruim over 'bezet' gebied. Sponsor Adidas werd onder druk gezet, het parkoers werd iets gewijzigd, maar voerde vrijdag nog steeds door een deel van de oude stad die in 1967 door Israël veroverd werd. Ook elders snelden de atleten langs en soms over de zogenoemde 'Groene Lijn'.


Waarbij opviel, dat er nauwelijks Arabische Israëliërs meeliepen. Toch een heuse boycot? Nee, zegt de Nederlandse atletiektrainer Willem Luyckx, die al ruim twintig jaar in Israël werkt. 'Palestijnen zijn geen lopers.' Ja, hij kent 'een jongen in Nazareth' die een redelijke atleet is, maar dat is het dan wel.


Niet dat de Israëliërs van die superatleten zijn. De beste lokale lopers zijn Joden die de voorbije decennia uit Ethiopië naar Israël emigreerden. Neem Assaf Bimro, die gisteren de 'halve' liep. De gedragstherapeut is al 43, maar hoopt over twee weken in Parijs de Israëlische limiet van 2.17 voor de WK-atletiek te lopen. 'Ga ik halen', zegt de atleet, die ook al tijdens de Spelen van Athene meedeed ('Ik werd 30ste.').


Terug naar de politiek. Vier kilometer voor de finish voert het parkoers langs het huis van minister-president Netanyahu. Daar demonstreren al jaren activisten voor de vrijlating van Gilad Shalit, de Israëlische soldaat die door Hamas in de Gazastrook al, zoals de teller vrijdag aangeeft, '1734 dagen' wordt vastgehouden.


Het adres van de minister-president: de Gazastraat. Over symboliek gesproken.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden