Malick Pathé Sow & Bao Sissoko

Louter met beringde vingers ontlokt Seringhe Thiam een scala van ritmes aan het hout.

Flow is nastrevenswaardig, maar je kunt het ook overdrijven. Het concert van de Brusselse Senegalezen Malick Pathé Sow (zang, gitaar en hoddu-luit) en Bao Sissoko (zang en kora-harp), vrijdag in het Amsterdamse Bimhuis, blijft zó pastoraal voortkabbelen dat de jazzclub de contouren van een ontspanningscentrum krijgt. De nummers van hun internationaal geprezen cd Aduna trekken nogal inwisselbaar voorbij, als schepen in de nacht.


Alleen percussionist Seringhe Thiam roffelt het broodnodige vuur uit zijn kalebasdrum. Louter met beringde vingers ontlokt hij een scala van ritmes aan het hout, met een verfijning die drummers die hun heil zoeken in XXL-varianten van de drumkit het schaamrood op de kaken zal jagen.


De Senegalese hoddu, de Malinese n'goni en de Marokkaanse guimbri: drie Afrikaanse varianten uit dezelfde luit-familie. Ook de hoddu oogt dus als een prehistorische cricketbat, waarbij de diepe, bezielde klank aangenaam doet denken aan een contrabas. Sow weet er wel raad mee, en zijn solostuk doorbreekt de landerigheid voor een moment. Met dat ene nummer blijkt wederom hoezeer de Noord-Amerikaanse blues schatplichtig is aan West-Afrika.


Als instrumentalisten zijn Sow en Sissoko minder unieke persoonlijkheden dan beroemdere collega's. Zo heeft Sissoko niet de klassieke precisie van Ballaké Cissoko, noch het door jazz en improvisatie verrijkte karakter van de Malinese koraster Toumani Diabaté. Sow speelt heel dienstbaar hoddu, maar nergens krijgt het die ruige intensiteit die de Malinese luitist Bassekou Kouyaté zo explosief maakt.


Het rituele repertoire rondom wereldmuziek blijft bij dit alles opmerkelijk. Naar goed gebruik is het publiek blank, de 40 voorbij. Ook ligt men vanaf de eerste noot reeds in katzwijm van bewondering. Wereldmuziek hoeft zijn publiek niet te veroveren - een typerend verschil met kritischer jazz- en poppubliek. Nieuw fenomeen: tot tweemaal toe wordt de kora van Sissoko betast door enthousiastelingen op de eerste rij. Tijdens een nummer, alsof dat normaal is. Nu kan men dit misschien waarderen als een spontaan teken van waardering, maar het heeft toch meer weg van verstikkende idolatrie, gecombineerd met exotisme. De wereldmuziekparochie koestert zijn relikwie.


Ernstiger vorm van leed: zowel Sow als Sissoko hebben last van de door winterkou flink ontstemde instrumenten. Tijdens een lang uitgesponnen introductie proberen Sow en Sissoko tevergeefs elkaar melodisch te vinden - en precies op dat moment rijdt de even tragisch ontstemde Fyratrein voorbij.


Luid zichtbare beeldrijm, pal achter het Bimhuispodium.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden