Makkelijker eruit, maar hoe zit het met die nieuwe vaste baan?

De versoepeling van het ontslagrecht zal leiden tot sneller baanverlies en een inkomensval bij ouderen, maar niet tot meer vaste contracten. Verplichtingen als het twee jaar moeten doorbetalen bij ziekte staan dat nog steeds in de weg.

De verkeerde maatregelen op het verkeerde moment. Dat is de veel gehoorde reactie op de vrijdag officieel gepresenteerde plannen om de arbeidsmarkt te hervormen. De versoepeling van het ontslagrecht moet ertoe leiden dat jongeren makkelijker een baan vinden, maar dreigt er in de praktijk vooral toe te leiden dat oudere werknemers straks sneller op straat komen te staan. Door de veel lagere ontslagvergoeding krijgen ze te maken met een inkomensval.

Die kan worden voorkomen door een nieuwe baan te vinden, maar dat blijft ondanks de hervorming een moeilijk verhaal.

De werkgevers moeten volgens het voorstel straks opdraaien voor het eerste half jaar WW. Zo zullen zij nóg minder geneigd zijn iemand een vaste baan aan te bieden. Bovendien is het grootste obstakel voor werkgevers, vooral in het midden- en kleinbedrijf, niet zozeer de dure ontslagvergoeding. Wel is dat het twee jaar moeten doorbetalen van loon bij ziekte en daar verandert niets aan.

Zo dreigt het versoepelen van het ontslagrecht wél meer werklozen op te leveren, vooral onder ouderen, maar níet het bijbehorende beloofde positieve effect: dat mensen ook sneller een nieuwe baan vinden bij werkgevers die minder verplichtingen hebben. De vraag is dus of deze versoepeling van het ontslagrecht wel meer banen en minder werklozen gaat opleveren.

Daar hopen VVD, CDA, D66, GroenLinks en de ChristenUnie wel op. Ze hebben in het begrotingsakkoord afgesproken dat bedrijven vanaf 2014 mensen kunnen ontslaan zonder dat ze daarvoor naar de kantonrechter of het UWV hoeven. Dat betekent een lastenverlichting voor het bedrijfsleven van 2 miljard euro op jaarbasis. Binnen bedrijven moeten procedures worden afgesproken over het ontslag, waarbij een werknemer zich kan verweren. Wie het met het ontslag niet eens is, kan achteraf naar de rechter stappen, terwijl werkgevers nu nog vooraf toestemming moeten vragen.

'Het is goed dat er iets gebeurt, want het huidige systeem is oneerlijk en ingewikkeld', zegt Evert Verhulp, hoogleraar arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam. 'Maar dit voorstel is onvoldragen. Er is niet goed over nagedacht. Het lost de problemen op de arbeidsmarkt niet op, het maakt ze alleen maar erger. Op deze manier krijg je juist nóg meer tijdelijke contracten.'

Ton Wilthagen, hoogleraar arbeidsmarkt aan de Universiteit Tilburg betreurt het dat 'de discussie weer gaat over de mensen die al een vaste baan hebben, niet over de onzekere positie waarin veel flexwerkers (30 procent van de werkenden) verkeren'. 'Het maakt vaste contracten goedkoper, met als direct effect dat veel ouderen versneld worden ontslagen. Terwijl 55-plussers het op de arbeidsmarkt nu al zo enorm moeilijk hebben. De grote vraag is juist hoe je die weer aan het werk krijgt. En we weten inmiddels ook dat het voordeel van de vergrijzing, waardoor veel banen zouden vrijkomen, door de economische crisis minder groot is dan werd gedacht.'

Donderdag werd bekend dat de werkloosheid in Nederland snel oploopt: er zitten 489 duizend mensen zonder werk, 176 duizend daarvan zijn 45 jaar en ouder. Met een werkloosheidspercentage van 6,2 procent is Nederland terug op het niveau van zes jaar geleden. De stijging wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt door het verdwijnen van werkgelegenheid. In het eerste kwartaal van dit jaar waren er 13 duizend banen minder. Vorig jaar was er nog een groei van 40 duizend banen.

Het huidige ontslagsysteem in Nederland is niet meer eerlijk, erkent Catelene Passchier, coördinator arbeidsvoorwaarden van de vakcentrale FNV. 'Vooral het hogere segment van de arbeidsmarkt komt via een snelle procedure bij de kantonrechter in aanmerking voor een ontslagvergoeding, terwijl werkgevers voor de anderen de iets langere, maar ook goedkopere oplossing via het UWV kiezen. Maar de vraag of het eerlijk uitwerkt, is een andere dan of je het ontslagrecht op deze manier op de schop moet nemen.'

Volgens Passchier zit het venijn voor een groot deel in het feit dat het beoogde evenwicht tussen flexibiliteit en zekerheid van de 'flexwet' door de economische crisis volledig is zoek geraakt. 'Het resultaat is veel meer flex en veel minder zekerheid', zegt Passchier, die de werkgevers 'flexverslaafd' noemt. 'Er zijn steeds meer constructies bedacht waarmee de werkgevers normale werkgeversrisico's afwentelen op de werkenden.'

Maar die werkgevers is het eigenlijk niet kwalijk te nemen dat ze niemand - volgens het UWV kregen vorig jaar nog maar 2.000 mensen een vaste baan - meer in vaste dienst willen, vindt hoogleraar Verhulp. 'Het vaste contract voor onbepaalde tijd is in de loop der jaren volgehangen met verplichtingen voor de werkgever. Twee jaar doorbetalen bij ziekte, pensioenverplichtingen, zorgverlof, dat soort dingen en dan nog de ontslagvergoeding. Dan kun je je voorstellen dat werkgevers liever een tijdelijk contract geven.'

Als oplossing kan óf het vaste contract minder zwaar en dus aantrekkelijker worden gemaakt, óf het flexcontract minder aantrekkelijk. Verhulp: 'Of allebei. Ik ben een polderjongen, dus ik ben altijd voor de mix en voor combinaties. Dus ik zeg: regel juist voor tijdelijke contracten een ontslagvergoeding, van zeg eens 8 procent. Een werkgever kan dan na een jaar iemand zonder rompslomp ontslaan, maar hij of zij krijgt dan wel 8 procent mee. En maak aan de andere kant het vaste contract minder zwaar. Bijvoorbeeld door werkgevers bij ziekte een jaar het salaris door te laten betalen in plaats van twee jaar, zoals nu het geval is. Want dat is het echte probleem.' Dat is Passchier met hem eens. Door dat langer doorbetalen van loon bij ziekte is 'de mythe' ontstaan dat vaste werknemers te duur zijn en dat door het ontslagrecht de arbeidsmarkt op slot zit.

Pluspunt van het Lenteakkoord is wel, zegt Wilthagen, dat de ontslagvergoeding straks moet worden gebruikt voor scholing of om van werk-naar-werk te komen.

'Maar wat vooral moet gebeuren is dat flexwerkers fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden krijgen: toegang tot scholing, arbeidsongeschiktheidsverzekering en pensioen. De vorm waarin je werkt, moet niet zoveel uitmaken voor de basisvoorzieningen die er zijn. We weten uit onderzoek dat zij als groep 35 procent minder verdienen dan iemand in vaste dienst, met dezelfde functie, dezelfde leeftijd. Je kunt flexwerk niet blijven stimuleren als de flexwerkers steeds meer outsiders worden.'

De vraag is hoe het wel moet, als het Lenteakkoord vooral meer werklozen oplevert in plaats van meer banen. Passchier vindt dat er een serieuze discussie moet worden gevoerd over wie welke risico's moeten dragen. 'Wat voor samenleving willen we zijn? Een baan voor het leven, wie wacht daar nog op? Maar mensen, en zeker jongeren, zo bleek uit recent onderzoek van Manpower, willen wel een vaste baan met zekerheid van werk en inkomen. En ook laaggeschoolden moeten recht hebben op een redelijke baan tegen redelijke voorwaarden, en geen onzeker flexbaantje.

Maar voor een groeiende groep werkenden is dat geen werkelijkheid.

Het einde van twee ontslagroutes

Er zijn nu nog twee ontslagroutes: gratis via een maandenlange procedure via het UWV of de snelle, maar vaak duurdere (zie graphic links) weg via de kantonrechter. Dan krijgt de werknemer doorgaans een afkoopsom of 'gouden handdruk' volgens de kantonrechtersformule. Daarbij wegen leeftijd en duur van het dienstverband mee.

Zo krijgt een werknemer tot 35 jaar een half maandsalaris per dienstjaar mee, oplopend tot twee maanden per gewerkt jaar vanaf 55 jaar. De uitkering kan hoger uitvallen als de rechter oordeelt dat de werkgever onredelijk is. Een werknemer kan bij wangedrag op staande voet worden ontslagen en niets krijgen, bijvoorbeeld bij fraude, diefstal, werkweigering of dronkenschap.

Kleine bedrijven die geen hoge ontslagvergoeding kunnen betalen, kiezen vaak voor de procedure via UWV.

Dat er twee routes voor ontslag zijn, wordt in toenemende mate als oneerlijk ervaren. 'Van twee buurmannen met een vergelijkbare baan en een vergelijkbaar arbeidsverleden bij een vergelijkbaar bedrijf die ontslagen worden, kan nu de een twintig maandsalarissen meekrijgen, waarvan hij een Mercedes kan kopen, terwijl de ander niks mee krijgt', zegt Evert Verhulp, hoogleraar Arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam.

Vanaf 2014 is er, als het aan de Kunduzcoalitie, ligt nog één ontslagregeling: voor elk dienstjaar krijgt een werknemer een kwart maandsalaris mee, met een maximum van zes maanden (vanaf 24 dienstjaren dus). Deze ontslagvergoeding moet worden gebruikt voor opleiding of van werk-naar-werkbegeleiding. Dat betekent dat met name ouderen met een lang dienstverband veel minder geld meekrijgen.

Overigens kan een werknemer natuurlijk altijd zelf opstappen. Zowel in de oude als de nieuwe situatie geldt dan dat hij zich aan zijn opzegtermijn moet houden. Wie vrijwillig weggaat, heeft overigens geen recht op een WW-uitkering.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden