Magische strohalmen in de sport

De hang naar rituelen maakt topsporters bijzonder gevoelig voor pseudowetenschappelijke prietpraat. 'Als je niet uitkijkt, zit je straks met 29 rare apparaten in de kleedkamer.'

AMSTERDAM - Nummer dertien slecht, klavertje vier goed? De westerse wereld mag dan goeddeels vrij zijn van bijgeloof, er is één gebied waar niemand er echt van opkijkt als je steeds dezelfde onderbroek draagt of voor het presteren toch écht eventjes de doelpalen moet kussen.


Dat is, natuurlijk, de topsport. 'Sommige spelers hebben wel twintig rituelen', zegt de Rotterdamse psychologe Michaéla Schippers zaterdag op een symposium van de Vereniging tegen de Kwakzalverij, gewijd aan sport en bijgeloof. Schippers onderzocht rituelen in voetbal, volleybal en hockey: zo'n 80 procent van de topsporters en 87 procent van de trainers houdt er een bijgeloof op na. 'Dat is wat ze zelf aangeven. Misschien geeft de rest het niet toe.'


Winnen, dat is waar het allemaal om gaat. 'Dat ene procentje extra', zoals Schippers het verwoordt. Niet voor niets gaan de sporters vooral aan de slag met neuspleisters, balansbandjes en deorollers met placenta-extract als er een wedstrijd nadert waar veel van afhangt. Als dat ene procentje vergt dat je voor het serveren aan je wenkbrauw plukt (Ivan Lendl) of in de spelersbus het liedje This is the moment draait (een door Schippers onderzocht volleybalteam), wat maakt het uit. 'Je komt in de juiste stemming om te presteren.'


Al dat geflirt met rituelen en andere magische strohalmen maakt de sport zeer gevoelig voor pseudowetenschappelijke prietpraat. Voor je het weet zit je jezelf te beplakken met 'kinesio-tape' (geen enkele werking, volgens onderzoek) lig je na de wedstrijd te badderen in ijskoud water (overgewaaid uit Brazilië), of beplak je jezelf met elektrodes om je 'omegagolven' te meten. 'Als ik zou zeggen: baat het niet dan schaadt het niet, zit ik straks in de kleedkamer met 29 rare apparaten, 84 supplementen en 380 duizend andere dingen', zegt sportarts Edwin Goedhart (voorheen onder meer Ajax, nu Vitesse).


Want je wilt niet weten hoe het eraan toe kan gaan achter de schermen, hield Goedhart de zaal vol ietwat verbouwereerde anti-kwakzalvers voor. 'Je ene been staat in de reguliere geneeskunde, je andere in de kwakzalverij.' Als sportarts ben je maar een schakeltje, in een zee van stafleden, medespelers en anderen, schetst Goedhart. En als de spits dan geblesseerd raakt, heb je de poppen aan het dansen. 'Dan is het not done om te zeggen: tijd is de beste behandeling. Iedereen gaat op zoek: je moet dit eens doen, je moet dat eens proberen.'


Goedhart maakte mee dat men aankwam met een laptop die blessures genas door ze in te stralen vanuit de vierde dimensie. 'Toen ik dat afraadde, was het: maar jij wilt ook niks!' Tot op zekere hoogte moet je de neuspleisters en de bio-impedantieweegschalen gedogen, zegt Goedhart. 'Anders raak je die sporter kwijt.' Maar bij Ajax ging het volgens Goedhart te ver. Hij stapte daar begin dit jaar op nadat de acupuncturisten, haptonomen, osteopaten, orthomoleculair-genezers en zelfs een waarzegster hem te veel werden.


Intussen is Herbalife 'voedingssupplier' van diverse voetbalclubs, beweert het merk Chi dat Epke Zonderland zonder de groene leem en aromamassages van Chi vast nooit zo leuk aan de rekstok had geslingerd, en stelt Michael Boogerd in een advertentie dat hij na een training 'bijna tweemaal zo snel' herstelt met de aminozuurzalf BES-T. 'Hij bedoelt waarschijnlijk het herstel van zijn bankrekening', schampert inspanningsfysioloog Peter Hollander.


Reken maar dat de hang naar het alternatieve van de sporters doorklinkt buiten het stadion. Zo verging het de balansbandjes, die ook bij amateursporters een milde hype werden, totdat Hollander samen met consumentenprogramma Radar aantoonde dat het bandje 'precies nul' effect heeft op de prestaties.


Of neem de stijgende populariteit van voedingssupplementen. Medisch biotechnoloog Stephan Peters werkte bij de supplementenindustrie en is nu onderzoeker bij het Voedingscentrum: 'Sportvoedingssupplementen zijn weggegooid geld. Op creatine voor een paar bodybuilders na, is er geen enkel additief effect boven gewoon gezond eten.' Eiwitsupplement na de training dan maar? 'Een eiwitrijke maaltijd is veel beter', aldus Peters. 'Dan krijg je tenminste ook vetten en vitaminen binnen.'


Van zo veel onzin op een stokje wordt zelfs de meest geharnaste kwakzalverijbestrijder een beetje stil. 'Misschien', probeert Peters, 'moeten we ermee leren leven. Als we tenminste een topsportland willen zijn.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden