Maggie 'wist gewoon' wat ze van de dingen moest denken

Het tweede deel van de memoires van Margaret Thatcher bevat een apart deel waarin ze haar politieke opvattingen nog eens uiteenzet....

GÉÉN FOTO'S samen met de auteur, géén gesprek, géén persoonlijke opdrachten. Daar werd strikt de hand aan gehouden. Desondanks stonden de wachtenden drie rijen dik en vijf trappen hoog om een gesigneerd exemplaar te mogen ontvangen van deel 2 van Margaret Thatcher's memoires.

Ze tekende onvermoeibaar een geweldige stapel weg. Echtgenoot Sir Denis (inmiddels 80) stond het, in zijn klassieke pose met de handen op de rug, glimlachend te aanschouwen. Wie goed keek, zag de pond-tekentjes in zijn ogen glimmen, want elke handtekening was vijfentwintig pond waard.

Het is een beetje raar boek geworden. Het in 1993 uitgekomen eerste deel van Thatcher's memoires behelsde precies wat de titel zei: The Downing Street Years, dus precies de periode dat ze Brits premier was. Maar nu heeft Thatcher in The Path to Power niet alleen alles van haar prille jeugd tot aan de gewonnen verkiezingen van 1979 gestopt, maar daar ook nog een dik Part Two aangehangen dat haar visie op de toekomst behelst voor Groot-Brittannië, de wereld en (vooral) Europa.

Dat is jammer en overbodig. Iedereen die een beetje op de hoogte is van de moeilijkheden die de Britten nog steeds met Europa hebben, weet inmiddels uitentreuren wat Maggie ervan denkt ('No! No! No'). En ze houdt ook niet op te vertellen dat de toekomst van ons allemaal afhangt van de vraag of de Amerikanen al dan niet bereid zijn in Europa te blijven - met militairen, dat spreekt.

Die beide delen hadden uit elkaar geplukt moeten worden, maar het dilemma voor de uitgever was dan geweest dat boek 1, het eigenlijke pad naar de macht, mogelijk goed zou worden verkocht, maar boek 2, het ik-heb-altijd-gelijk van die toekomstvisioenen, mogelijk helemaal niet.

Wie het eerste boek nu nog niet gelezen heeft, zou nu dus alle twee tegelijk moeten kopen, eerst deel 1 van het tweede boek lezen, dan de volledige Downing Street Years en dan kun je gevoeglijk het laatste part van deel twee vergeten, want dat weet je dan allemaal al.

Ook aan dit nieuwste deel van Maggie's memoires moet hevig zijn gedokterd door ghostwriters, want waarom zou je anders in het colofon laten opnemen: 'Margaret Thatcher oefent het morele recht uit als auteur van dit werk te worden beschouwd'? Desondanks hebben ze van Thatcher's verhaal niet meer weten te maken dan de tamelijk droge opsomming van feiten en feitjes, want de morele auteur droeg blijkbaar niet meer aan.

Maar zelfs met dat aandragen heeft ze het lastig gehad. In haar voorwoord laat Thatcher doorschemeren dat ze met dit boek meer moeite heeft gehad dan met The Downing Street Years. Want de stof voor dat eerste deel lag niet alleen vrij vers in haar geheugen, maar ze kon ook terugvallen op een enorm archief, omdat nu eenmaal alles wat een premier officieel doet, wordt vastgelegd.

Thatcher moest ditmaal heel vaak terugvallen op haar memoires team, dat uit alle hoeken en gaten feiten en feitjes opdiepte.

Eigenlijk zijn de allereerste hoofdstukken het meest interessant. Want hoe je ook over Thatcher mag denken, zij is of was een van de meest markante politieke persoonlijkheden van deze eeuw. De beschrijving van haar kinderjaren geeft enig inzicht hoe deze persoonlijkheid zich ontwikkelde. Het is gortdroog opgeschreven en van diepte-psychologie heeft Margaret Thatcher geen verstand. Of wellicht is het beter te zeggen: daar wenst ze zich niet mee op te houden. Wat dat betreft is het wachten op een echte, kundige biograaf die de innerlijke roerselen van dit fenomeen weet te duiden.

Margaret Thatcher, geboren Roberts, stamt uit het provinciestadje Grantham, zo'n tweehonderd kilometer ten noorden van Londen. Haar vader had een specialist grocery, wat wij nu waarschijnlijk een delicatessenwinkel zouden noemen. Er was één zuster, van wie in het boek verder nauwelijks iets vernomen wordt. Alfred Roberts was in Grantham bovendien lang wethouder, korte tijd burgemeester, maar het langst van al lekeprediker, want gelovig methodist.

Maggie was overduidelijk pappie's dochter. Moeder komt in het verhaal vrijwel niet voor. Slechts heel even duikt ze op als een spaarzame, vlijtige vrouw bij wie het huishoudboekje altijd klopte - een vorm van economie die Margaret later het hele land probeerde aan te leren.

Vader Roberts oefende een zeer grote invloed op zijn dochter uit. Dat blijkt uit citaten als: 'Je moet nooit iets doen omdat andere mensen het óók doen.' Ze haalt een discussie aan tussen haar vader en een mede-kerkganger over een zoon die al het spaargeld van zijn ouders erdoor had gedraaid en plotseling, met zijn hele gezin, zonder één cent, op de stoep stond. Die kerkganger zei dat je zo'n fielt er nooit meer in zou moeten laten.

Maar vader Roberts wierp tegen: 'Een zoon blijft een zoon en die moet met alle liefde en warmte worden ontvangen als hij daarom vraagt. Wat er ook gebeurt, je moet altijd thuis kunnen komen.' Misschien ligt daar de oorsprong van de blinde vlek die Margaret Thatcher zelf heeft ten opzichte van haar zoon Mark, die immers onbekommerd met de naam van zijn moeder miljoenen bijeen graaide.

De familie woonde 'boven de winkel', een frase die Thatcher ook later graag zou gebruiken toen ze in 10 Downing Street woonde en werkte. Margaret was een vroegrijp meisje dat zich nauwelijks bezig hield met de gewone kindergeneugten. 'Ach, dat kind debatteert altijd', citeert ze een winkeljuffrouw toen ze zich als tienjarige heftig anti-Hitler toonde tegen een vergoelijkende Granthammer. 'Ik wist gewoon wat ik dacht van Hitler', schrijft ze, en dat soort verklaringen komt vaak terug: ook in haar latere politieke loopbaan 'wist ze gewoon' wat ze van de dingen moest denken.

Over vriendjes rept het boek niet. Denis duikt pas veel later op en ze moest heel goed nadenken voordat ze zijn huwelijksvoorstel accepteerde, want ze wist dat ze in de politiek carrière wilde maken. Ze was ook zo handig om meteen maar een tweeling (Carol en Mark) te krijgen, dat scheelt veel tijd. Ze duiken af en toe op als de 'twins', maar de meeste tijd zijn ze afwezig, want natuurlijk op een boarding school.

Thatcher studeert chemie in Oxford en is daar in 1946 presidente van de Oxford University Conservative Association. In die rol komt ze in aanraking met mensen als Anthony Eden, Alec Douglas-Home en Harold Macmillan. Ze is dan nog geen twintig, maar beseft dat ze niet lang in de chemie - ze werkt kort op een laboratorium - zal blijven.

Haar opmars in de politiek wekt de indruk alsof een stafchef de plannen heeft gemaakt. In 1950 is ze, net afgestudeerd en 24 jaar oud, de jongste die aan de verkiezingen meedoet (en verliest). Daarna trekt ze zich van de kandidatenlijst terug om te trouwen, de tweeling te krijgen en een nieuwe carrière te beginnen als advocaat. Bij de verkiezingen van 1955 staat ze weer op de kandidatenlijst en twee jaar later heeft ze de safe seat van de Noordlondense wijk Finchley, die ze tot haar vertrek uit het Lagerhuis in 1992 zal houden.

Ze heeft het geluk dat de tien jaar oudere Denis ('hij wist gewoon veel meer van de wereld dan ik') geld heeft. Later raakt hij financieel geheel binnen wanneer hij zijn familie-oliemaatschappijtje aan Castrol verkoopt. In Downing Street zal hij met groot succes - al was het maar bij de grappenmakers - de volledige dagtaak van premier-gemaal uitoefenen.

In 1967 komt Thatcher in Edward

Heath's schaduwkabinet. Wanneer de Conservatieven de verkiezingen van 1970 winnen, wordt Thatcher minister van Onderwijs. Dat is een ramp. Ze wordt de onpopulairste vrouw van Groot-Brittannië: 'Thatcher, the milk snatcher' schaft de schoolmelk af. Er is wel beweerd dat Heath haar op Onderwijs zette omdat hij een bloedhekel aan haar had en opdat ze daar zou mislukken. Bewijzen daarvoor zijn er niet.

Haar strijd tegen Heath om het partijleiderschap (1974) is een van de hoogte- of dieptepunten (het is maar aan welke kant je staat) in de Conservatieve geschiedenis. En juist op die bladzijden vallen de tekortkomingen in deze memoires het hevigst op. Thatcher schrijft feiten op die iedereen kent, en soms herschrijft ze de historie om gelijk te hebben.

Maar geen woord over emoties, twijfels, diepere gedachten. Juist waar het hoogtepunt zou moeten zijn, valt het boek plat. Zelfs een koele kikker als Margaret Thatcher moet iets gevoeld hebben toen ze Heath kwam meedelen dat ze tegen hem ten strijde zou trekken. Ze beschrijft alleen zijn reactie: 'Hij keek me koud aan, draaide zijn rug naar me toe, haalde zijn schouders op en zei: 'Als je per se moet.' Ik sloop de kamer uit.'

Dat is alles. Het zegt meer over Heath dan over haar. En je koopt dit boek nu eenmaal niet omdat je meer over Edward Heath aan de weet wilt komen dan over Margaret Thatcher. De rest van deze tumultueuze periode verzuipt in verhandelingen over de foute politiek van wet Heath en wat zijzelf, want dry, beter zou gaan doen. De lezer bekruipt soms het vervelende gevoel dat Thatcher's memoirs team deze periode, en ook de latere wanneer ze het schaduwkabinet daadwerkelijk leidt, uit een zak met kranteknipsels bijeen heeft gegraaid.

Dit boek is gewoon niet goed genoeg voor een fenomeen dat zo'n enorm stempel heeft gedrukt op de jaren tachtig in Groot-Brittannië en Europa. Haar politiek wordt uitentreuren verklaard, maar je zou zo graag de mens achter Margaret Thatcher beter willen leren kennen. Dat zit er niet in. Ze kan het niet, of ze wil het niet. Waarschijnlijk beide.

Henk Strabbing

Margaret Thatcher: The Path to Power.

HarperCollins, import Nilsson & Lamm; ¿ 59,80.

ISBN 0 00 255050 4.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden