'Mag ik u om compassie vragen?'

REPORTAGE..

MAASTRICHT Zo klinkt de doodsstrijd van een burgemeester. Een man die zojuist heeft gehoord dat zijn gemeenteraad niet meer met hem verder wil, maar dat nog niet wil geloven. Een man die dat eenvoudigweg niet kán geloven en daarom overschakelt op een smeekbede die in de politiek zelden wordt gehoord.

Gerd Leers kijkt de leden van de Maastrichtse raad woensdagavond indringend aan. En dan gaat hij, figuurlijk, op zijn knieën: ‘Mag ik u om compassie vragen? Acht jaar werken op al die moeilijke dossiers kan door één slechte wedstrijd toch niet worden bedorven? Dat vind ik niet terecht. Moet ik nu mijn biezen pakken? Dat kan ik niet verkroppen. Ik ben in Bulgarije in een moeras beland. Ik zocht naar een weg om eruit te komen. Dat heb ik openlijk erkend. De schijn van belangenverstrengeling is soms niet te voorkomen. Ik heb geen wetten overtreden. Ik ben wel onhandig en onverstandig geweest. Ik wil u vragen: geef me de kans om het imago waaraan ik zelf afbreuk heb gedaan weer op te bouwen. Laat mij niet in de kou staan.’

Het is het tweede deel van de speech van zijn leven. De speech die zijn bestaan als burgemeester moet redden. Eerder op de avond, als hij nog vol zelfvertrouwen zit, is hij er al vol vuur aan begonnen. Naar deze avond heeft hij uitgekeken, zegt hij. Eindelijk mag hij ook eens wat zeggen, na vier maanden berichtgeving in de media. Vier maanden lang was hij stil. ‘Dat was ontzettend moeilijk.’ Voor hem. Voor zijn vrouw. Voor zijn hele gezin. ‘Het is de moeilijkste tijd van ons leven. De schijnbaar zorgeloze aankoop van een vakantiewoning is uitgelopen op een drama. Terugkijkend is het zo duidelijk als wat: ik had er nooit aan moeten beginnen. Maar door de grote steun van de Maastrichtse bevolking, die ik dagelijks mag ervaren zijn we overeind gebleven.’

Leers wéét dat zijn draagvlak in de stad groot is. En hij weet dat de raad het weet. Maar hij beseft ook dat de raad vanavond deemoed wil zien. Deemoed, schuldbesef en excuses. Want was het niet Leers zelf die integriteit van politici hoog op de agenda zetten in Maastricht? Leers voelt het aan en gaat diep door het stof: ‘Het Bureau Integriteit Nederlandse Gemeenten heeft mij op de pijnbank gelegd. Dat is niet leuk, maar ik accepteer het wel.’ En daar zijn zelfs de excuses die de raad wil horen: ‘Ik bied de inwoners van deze stad mijn excuses aan voor de imagoschade die ik heb veroorzaakt. Dat was het laatste dat ik wilde.’

De zaal luistert dan nog muisstil toe. Maar al snel blijkt het te weinig. Te weinig, te laat en bovendien vergeefse moeite, zo wordt duidelijk zodra PvdA-fractievoorzitter Manon Fokke het woord neemt. Zij dankt hem voor ‘zijn passie, strijdvaardigheid’ en de ‘inhoudelijke onderbouwing’ van zijn speech. Daar was niks mis mee. Maar het kan hem niet helpen. Ze vindt niet eens dat het allemaal zijn schuld is. ‘Maar we moeten constateren dat de imagoschade aan de stad groot is. Het vanzelfsprekende gezag waarmee de functie uitgeoefend moet worden is niet meer. De situatie is onwerkbaar geworden.’

Ze voert een koor van critici aan, dat al snel transformeert tot een ruime raadsmeerderheid die geen genade kent. GroenLinks-leider Gerdo van Grootheest: ‘De schijn van belangenverstrengeling is gewekt. Deze burgemeester is de hoeder van integriteit. Hij heeft dat hoog op de agenda gezet. De lat moet van hem hoog worden gelegd. Nu hij zelf heeft gehandeld tegen de code is zijn gezag aangetast. De buitenwereld kijkt vanaf nu anders naar Gerd Leers. De stad heeft imagoschade opgelopen en de situatie is onwerkbaar geworden. Dat gunnen we hem en de stad niet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden