Mag de politie met groot geweld binnenvallen als er kinderen in huis zijn?

Arrestatieteams moeten bij een woninginval rekening houden met de aanwezigheid van kinderen. Dat vindt de Nationale Ombudsman althans. Anderen twijfelen of dit mogelijk is.

Een arrestatieteam valt een woning in Delfzijl binnen waar mogelijk een jong stel wordt gegijzeld. Er worden geen verdachten aangetroffen.Beeld ANP

Een moeder van zes kinderen hoort op 3 april 2013 een helikopter vliegen boven haar flatwoning in de Utrechtse wijk Kanaleneiland. Uit haar raam ziet ze dat de hele flat omsingeld is door politie. Dan hoort ze een harde klap op haar voordeur. Voor zij die heeft kunnen openen, is de deur al ingeslagen.

Vijf personen met bivakmutsen, van wie er twee een vuurwapen dragen, betreden haar woning. Ze zoeken haar zoon, die vuurwapengevaarlijk is. De moeder gaat op de grond liggen. Een van de marechaussees loopt met een wapen de kamer in waar haar 10-jarige dochter zich bevindt.

Nationale Ombudsman

In hoeverre moet de politie bij zo'n inval rekening houden met de andere aanwezigen in het huis, en helemaal als het kinderen betreft? Volgens de moeder is bij de inval onnodig zwaar opgetreden. Het duurde bovendien veel te lang voordat haar dochter bij haar werd gebracht. Het meisje is nog steeds onder behandeling van een psycholoog. De zoon, zo bleek later, had zich met een medeverdachte verschanst in een andere woning in het portiek. De moeder wist van niets.

Na de inval diende de moeder een klacht in bij de Nationale Ombudsman, nadat ze geen gehoor had gekregen bij politie, justitie en het ministerie van Defensie. De Ombudsman presenteerde donderdag zijn rapport over de klacht. Zijn conclusie: bij het toestemming geven voor de inval had de hoofdofficier van justitie de aanwezigheid van kinderen op z'n minst moeten betrekken bij zijn overweging. En de marechaussee zou bij haar procedures rekening moeten houden met de mogelijkheid dat kinderen aanwezig zijn.

Het Openbaar Ministerie vindt dat onwerkbaar. Bij een gewapende overval die 3de april op een juwelier in het winkelcentrum is een omstander in zijn been geschoten. Op de camerabeelden herkent de politie al snel een verdachte. Een getuige heeft hem op een scooter zonder kentekenplaten richting een flatgebouw zien rijden, waar hij naar binnen zou zijn gegaan.

Dienstwapen in de hand

Achter die flat vindt de politie een vuurwapen, een gasdrukpistool en een bivakmuts. In de kelderbox van de moeder van de verdachte staat de scooter. De wijkagent weet waar zij woont, vanwege eerdere delicten. Genoeg aanwijzingen voor een inval, vindt de politie, en ze vraagt daarvoor toestemming aan het Openbaar Ministerie.

Bij mogelijk vuurwapengevaarlijke aanwezigen in een woning doorzoeken de leden van het arrestatieteam ruimte voor ruimte met een dienstwapen in de hand. Een van de teamleden gaat de kamer van het meisje in, dat op haar bed zit. Hij vraagt het meisje niet meteen de kamer uit te gaan, omdat hij denkt dat het niet verstandig is dat zij haar moeder op de grond ziet liggen.

Pas een minuut of zeven later, als alle kamers zijn doorzocht, brengt hij het meisje naar de moeder, die inmiddels op de bank in de woonkamer zit. De teamleider zegt zich niet te kunnen voorstellen dat tijdens de inval het wapen op het meisje is gericht en dat er excessief geweld is gebruikt, zoals de moeder zegt.

Impact van het optreden

Volgens de politie en de Koninklijke Marechaussee zijn arrestatieteams zich zeker bewust van de impact die hun optreden op kinderen kan hebben en houden ze hier rekening mee. Het team zorgt ervoor dat kinderen zo snel mogelijk worden overgedragen aan bijvoorbeeld andere aanwezige familieleden. Ook worden zij op de mogelijkheid gewezen van slachtofferhulp.

Veel advocaten vinden het niet genoeg. Advocaat Anis Boumanjal van de moeder ziet het rapport als een steun in de rug van hem en zijn vakgenoten, die al langer klagen over de manier waarop arrestatieteams opereren. Te snel wordt volgens hem besloten tot een inval. 'Er wordt onvoldoende rekening gehouden met de verregaande gevolgen voor andere aanwezigen. Zij kampen vaak nog jaren met de gevolgen. De Nationale Ombudsman legt de vinger op de zere plek.'

Het Amsterdamse PvdA-gemeenteraadslid Sofyan Mbarki benadrukt dat je alles moet doen om te voorkomen dat ook de broertjes en zusjes van criminelen in problemen komen. In de Amsterdamse praktijk heeft hij al meerdere keren gezien hoe die 'eraan onderdoor kunnen gaan' als de politie een huisgenoot komt arresteren. 'Ik onderstreep de conclusie dat vooraf een goede afweging moet worden gemaakt. En na de inval moet er nazorg zijn.'

Criminoloog Cyrille Fijnaut denkt echter dat het bij heterdaadsituaties lastig is om de aanbeveling van de Ombudsman uit te voeren. 'Zo'n team bestudeert vooraf hoe de woning in elkaar zit en wie er aanwezig kunnen zijn, maar bij heterdaad is dit niet mogelijk. Je kunt hen niet overvragen, dit gaat te ver. Ze zijn er niet op uit om kinderen te intimideren, maar om een vuurgevaarlijke verdachte te arresteren.'

Ook de officier van justitie zegt dat vanwege de haast van zo'n actie 'niet overal rekening mee kan worden gehouden'. 'Onze enige afweging is: is er wel of niet een noodzaak voor de inval?', zegt de woordvoerder van de Utrechtse hoofdofficier van justitie. 'Je kunt een vuurgevaarlijk persoon niet laten lopen. Deze jongens hebben geschoten, we moeten ze pakken. Wij kunnen ons voorstellen dat zo'n inval impact heeft, maar dat kunnen wij niet voorkomen. Het is een afweging. Een van de buren kan ook onwel worden van de schrik.'

De twee daders van de overval zijn in 2016 in hoger beroep elk tot acht jaar cel veroordeeld voor onder meer poging tot doodslag.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden