Machtsstrijd met geld, aanzien en kalasjnikovs

In de Palestijnse vluchtelingenkampen in Libanon voltrekt zich een strijd om de macht. Over de ruggen der bewoners...

Op de hoek van de straat die naar de gevaarlijke Taamir-buurt in het Palestijnse kamp Ein el-Hilweh leidt staat één jonge strijder van de Fatah-beweging met een kalasjnikov-machinepistool. Even verderop patrouilleren vervaarlijk uitziende ‘jihadi’-strijders, zwarte bandana’s met islamitische slogans om hun hoofd. In Ein el-Hilweh is dat een goed teken: de groepen werken kennelijk samen – maar de vraag is hoe lang nog.

‘We zijn als de dood dat de spanningen uit de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever overslaan naar ons kamp’, zegt een metaalwerker in Taamir, de buurt die gedomineerd wordt door islamistische militanten.

‘Ik zie om me heen dat de strijders steeds meer zelfvertrouwen krijgen en denken dat ze hun regels kunnen opleggen aan alle mensen hier’, zegt de man, die om duidelijke redenen zijn naam niet in de krant wil hebben.

Taamir was begin juni het toneel van een korte, heftige strijd tussen militanten van een kleine splintergroep, Jund e-Sham, en het Libanese leger. Daarbij kwamen twee soldaten om het leven. Fatah en de grotere islamistische groep in het kamp, Asbat al-Ansar, besloten daarna om samen te voorkomen dat Ein el-Hilweh het zelfde lot zou ondergaan als het noordelijke kamp Nahr el-Bared. Daar is het Libanese leger al meer dan een maand verwikkeld in felle gevechten is met de militante groep Fatah al-Islam.

Maar het is een ongemakkelijk, gewapend bestand tussen de seculiere en de fundamentalistische groepen in Ein el-Hilweh. Het grootste van de twaalf Palestijnse vluchtelingenkampen in Libanon, met zo’n 70 duizend inwoners, ligt bij de zuidelijke Libanese stad Sidon. Fatah, de in naam seculiere beweging die de Palestijnse strijd tientallen jaren lang heeft geleid, bevindt zich al jaren in een neerwaartse spiraal. De zwakte van de beweging en de kracht van de islamistische stroming is nog duidelijker voelbaar sinds de overname van de Gazastrook door Hamas.

‘Het is nu rustig, want Fatah heeft net betaald gekregen’, zegt een jongen die in de hoofdstraat van Ein el-Hilweh een waterpijp zit te roken met zijn vriend. Ze zijn beiden 17 en net klaar met school. ‘En nu zitten we de hele dag hier, want we krijgen nooit ergens werk.’

Zij zijn niet de enigen die de machtsverhoudingen tussen Fatah en de islamistische groepen ophangen aan geld. ‘Wij hebben niets en wie het meest betaalt, krijgt de mensen met zich mee’, zegt een andere kampbewoner. Maar in tegenstelling tot de situatie in de Gazastrook hebben de islamistische groepen in de kampen in Libanon nog geen grote financiële slagkracht.

De islamisten hebben echter wel het tij mee, erkent ook Khaled Aref, het hoofd van Fatah in het zuiden van Libanon. ‘Wij hebben ons verbonden aan het vredeskamp, maar de Israëliërs hebben nooit een centimeter toegegeven. Nu worden we daarop afgerekend.’

Aref erkent ook dat de geldproblemen bij Fatah een grote rol spelen, vooral sinds de overleden leider Arafat meer dan vier jaar geleden door Israël werd geïsoleerd in Ramallah. ‘Vroeger kon ik voor projecten of problemen direct aankloppen bij Abu Ammar (Arafats nom de guerre, red.). Dan was het geld er een week later. Nu is er maanden achtereen niet eens geld om onze salarissen te betalen.’

Hoewel beide kampen ongeveer evenveel steun genieten in Ein el Hilweh, is het duidelijk dat de meeste bewoners denken dat de islamistische groepen het militaire en ideologische overwicht hebben. Een voormalige strijder van Asbat al-Ansar, die net als sommige andere leden van de groep in Irak heeft gevochten, zegt vol verachting: ‘Als we willen, nemen we het kamp zo over. Wij hebben de gevechtservaring.’

Hamas als zodanig heeft nauwelijks een militaire aanwezigheid in de kampen in Libanon, hoewel Aref zegt dat ze bezig zijn die op te bouwen. En er bestaan grote verschillen tussen jihadi-groepen als Asbat al-Ansar en Hamas, een organisatie die veel meer neigt naar de meer traditionele Moslim Broederschap.

Maar er bestaan wel degelijk banden tussen alle islamitische groepen, zegt sjeik Maher Hammoud, een radicale geestelijke in Sidon, vlak buiten Ein el Hilweh. ‘Ze zijn niet hetzelfde maar ze werken wel samen.’

Hammoud neemt geen blad voor de mond als hij zijn mening geeft over de krachtsverhoudingen tussen Fatah en de islamistische groepen in Libanon.

‘Fatah heeft geen ideologie, ze hebben niets om voor te sterven – dus zullen ze niet vechten. Voor de islamistische strijders ligt dat heel anders’, aldus de radicale geestelijke.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.