Machtspolitiek van de reuzensalamanders

Schreef Karel ¿apek met Oorlog met de salamanders (1936) een hekeling van het opkomende nationaal-socialisme? Of is zijn hilarische roman een satire van alle tijden?

Kapitein J. van Toch ontdekt in de koloniale tijd bij een eilandje voor de kust van Sumatra een salamandersoort, die zich goed leent voor de parelvangst. De dieren zijn veel groter dan gewone salamanders (ter grootte van een zeerob) en beduidend slimmer, ze zijn kortom zeer geschikt om de nieuwe slaaf van de mens te worden.

Wanneer de salamanders door de mens bevrijd zijn van hun natuurlijke vijanden, vermeerderen ze zich snel en verspreiden ze zich over de hele wereld. Ze leren om te gaan met gereedschap en bouwen een wereldwijd onderzees rijk. Ze ontwikkelen zich, gaan naar school, leren talen ('najf, najf!') en andere vakken, organiseren zich en bedrijven uiteindelijk, wanneer ze met miljarden zijn, op mondiale schaal machtspolitiek om ruimte voor zich te winnen.

Dit is het verhaal dat aan Karel ¿apeks roman Oorlog met de Salamanders uit 1936 ten grondslag ligt, maar de virtuoze uitwerking ervan zorgt voor het werkelijke leesplezier. Het is geen gewone roman. Wanneer de mensheid maximaal gebruik kan maken van de salamanders als werkvolk, is er sprake van een utopie, maar zodra ze al te sterk worden, slaat de utopie om in een anti-utopie - en dan krijgt het onderzeese rijk als een tweede Atlantis op zijn beurt utopische trekken. Door hun eenvormigheid zouden de salamanders het met gemak van de hopeloos verdeelde mensheid winnen.

Bij de beschrijving van die ontwikkeling stuiten we op tal van verwijzingen naar actuele situaties en mechanismen, die nu eens serieus, dan weer met een flinke dosis humor worden gepresenteerd: steeds herken je dingen niet alleen uit de actualiteit van toen, maar ook in die van nu. De lezer balanceert op het randje van fictie en werkelijkheid. Ook bij het personage Van Toch: is hij een koloniale Hollandse zeevaarder met VOC-mentaliteit? Hij spreekt enig Nederlands (kent het woord 'dubbeltje' en zegt geregeld 'ja'), maar hij beheerst ook andere talen, zoals Maleis, Engels, Duits en Chinees. Uiteindelijk blijkt hij van oorsprong een Tsjech, die eigenlijk Vantoch heette, maar als zeeman geïnternationaliseerd raakte.

Hij wordt afgeschilderd als een ruwe zeebonk, vloekend en tierend, afgevend op de inlanders: op die 'luizige Batakkers' of op die 'kruising tussen een Koeboe en een Portugees'. Of op Joden, die in dit geval staan voor de groothandel in parels: 'die jongens bij ons in Amsterdam, die godvergeten joden daarginds, (...) ga maar parels zoeken, zeggen ze tegen je'. Het zijn ongemakkelijke passages, die alleen verteerbaar zijn door hun satirische context.

De tropen komen schitterend aan bod in twee hilarische hoofdstukken waarin een Amerikaans luxejacht aanmeert op een soort Bounty-eiland om filmopnamen te maken van de salamanders.

Het is een satire op Hollywood-achtige figuren, die het nieuwe fenomeen van de salamander op film willen vastleggen. Maar het gaat er kennelijk ook om het nieuwe medium van de film zelf in de roman te introduceren. Zo heet het schip de Gloria Pickford, naar de beide diva's van de zwijgende film, Mary Pickford en Gloria Swanson. Het filmische karakter van de roman heeft onlangs geleid tot een verfilming door de Poolse Agnieszka Holland (de première wordt dit jaar verwacht, zie de trailer op http://film.moviezone.cz/valka-s-mloky/trailery/).

¿apeks roman is verdeeld in drie boeken. Het eerste laat de komische beginfase van de ontwikkeling van de salamanders zien. Het tweede boek vormt een intermezzo van zo'n 80 bladzijden en is geheel gewijd aan meneer Povondra en zijn burgermansgezin. Deze was portier bij meneer Bondy, de vroegere klasgenoot van Van Toch, die bereid is geld te steken in diens salamanderexpeditie. Povondra zou van het hele salamanderverhaal de persberichten bijhouden.

Onbeduidend als hij is, is hij toch een sleutelfiguur in het verhaal, want als hij Van Toch niet bij zijn baas had binnengelaten, zou de wereld niet zijn bedreigd. Povondra is ook degene die het tot het einde van het verhaal volhoudt. Nadat Van Toch is overleden en van Bondy niets meer wordt vernomen, duikt Povondra op als oude man in een vissersbootje op de Moldau.

Het derde boek wordt gevormd door de knipsels uit de schoenendoos van Povondra, die de verteller voor ons aan elkaar praat: krantenberichten, telegrammen, notulen en passages uit wetenschappelijke artikelen, waarvan sommige zijn afgedrukt in hun oorspronkelijke vorm (in een exotische taal en schrift).

Uit die berichten blijkt hoe de salamanders zich als nieuwe 'mensheid' organiseren. Ze vormen een nieuwe schepping, die het beter zou moeten doen dan de huidige - een thema dat ¿apek vaker heeft gebruikt, zoals in zijn toneelstuk R.U.R. (1921, vorig jaar in vertaling verschenen bij Pegasus), waarin het robots zijn die de mensheid bedreigen.

De reuzensalamander wordt in de roman 'wetenschappelijk' de andrias scheuchzeri genoemd: een soort die in de achttiende eeuw als fossiel gevonden werd door de Zwitserse arts en natuurvorser Scheuchzer, die er een in de zondvloed omgekomen mens (Sindflutmensch) in zag. Het fossiel bevindt zich in het Teylers Museum in Haarlem.

Velen zagen in deze roman een verwijzing naar het zich destijds snel verbreidende nationaal-socialisme. Ondanks enkele aanwijzingen in die richting (het ontstaan van Edelsalamanders) is dat niet geloofwaardig, want ook hier openbaart zich het hybride karakter van de roman: het mondiale hoofd van de Salamanders is een Chief Commander (een Amerikaan), maar hij blijkt ook van Duitse afkomst: Andreas Schultze, die nog in de Eerste Wereldoorlog had gediend. Bovendien verdwijnt Duitsland uiteindelijk ook onder de golven.

Er zijn ook verwijzingen naar het communisme: kameraad Molokov die een manifest ondertekende ten gunste van 'de onderdrukte en revolutionaire Salamanders aller landen'. Maar ook de Russen redden het niet. Veeleer gaat het hier om een rampenscenario dat door zijn algemeenheid van alle tijden is.

Oorlog met de Salamanders verscheen eerder in de jaren zestig als Prisma'tje, maar was toen uit het Engels vertaald. De hervertaling uit het Tsjechisch van Irma Pieper mag lofwaardig worden genoemd, vooral gezien de vele stijlregisters die de auteur op meesterlijke wijze gebruikt om zijn verhaal kracht bij te zetten.

Karel ¿apek: Oorlog met de Salamanders.

Uit het Tsjechisch vertaald door Irma Pieper.

Wereldbibliotheek; 288 pagina's; € 17,50.

ISBN 978 90 2842 391 6.

Kees Mercks is vertaler Tsjechisch.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden