Machthebber wordt opper- professor

Barack Obama is misschien te slim voor zijn ambt. Zit de professor de president in de weg?

Een kleine quiz om mee te beginnen. Wie heeft dit gezegd? 'Dit was het moment waarop de stijging van de zeespiegel begon te vertragen en de genezing van onze planeet begon.'


En van wie zijn deze woorden?


'Misschien zijn we in staat het rotsblok een stukje naar boven te rollen op de heuvel en kunnen we het daar vastzetten zodat het niet terugrolt over ons heen.'


Het antwoord is tweemaal Barack Obama. Het eerste zei hij zes jaar geleden toen hij zijn Democratische rivale Hillary Clinton definitief van zich had afgeschud en de eerste grote stap zette naar het Amerikaanse presidentschap.


Het tweede zei hij in een deze week gepubliceerd interview met David Remnick van The New Yorker.


De man van 2008 is de verleider die zich een alleskunner waant na zijn zoveelste verovering. De bedwinger van oceanen.


De Obama van 2014 is de echtgenoot die mokkend weer eens een mand vol vuil kindergoed in de handen gedrukt krijgt van zijn chagrijnige vrouw. De Sisyphus van het washok.


Als je het bijna 17 duizend woorden tellende profilerende interview met Remnick leest, is het eerste wat je denkt dat de president vermoeid is, nu hij aan zijn laatste drie jaren begint. Toch is dat het niet: hij is topfit, heeft geen bijvrouwen en hoeft niet elke keer na te denken over zijn volgende vermomming. Er is iets anders met hem aan de hand: maar wat?


Het lijdt geen twijfel dat Obama een president is met bijzondere gaven. Dat blijkt ook weer uit het stuk in The New Yorker. Hij heeft een scherpe analytische geest en zegt zulke verstandige dingen dat het aan wijsheid grenst. Het is mooi te zien hoe Obama steeds met zichzelf aan het redeneren is, op elk argument meteen een tegenargument laat volgen.


Professor -in-Chief noemt Remnick de president daarom. De opperprofessor van 's werelds enige supermogendheid. Een leider die niet terugschrikt voor complexe vraagstukken. 'I am comfortable with complexity', zegt hij. En dat is iets waar wij ons, op onze beurt, comfortabel bij kunnen voelen, zeker als het gaat om de machtigste man ter wereld. Hij zal niet gauw gekke dingen doen.


Maar er is ook een andere kant. De Fransman Raymond Aron heeft ooit gezegd dat een goede commentator zich behoort te verplaatsen in de machthebber, omdat die niet de luxe heeft van vrijblijvend schrijftafelgefilosofeer. De ironie is nu dat Obama de omgekeerde weg bewandelt: de machthebber wordt een veredeld analist.


Dat lukt nooit helemaal. Hij blijft de president die elke ochtend gebriefd wordt over de situatie in de wereld en op grond daarvan soms tot actie moet beslissen. Maar uit het interview blijkt wel dat zijn analyse van de razend ingewikkelde situatie in het Midden-Oosten fungeert als rem op zijn handelen. De oude orde in die regio is niet langer houdbaar, er moet een nieuwe geopolitiek evenwicht komen, maar niet primair door middel van Amerikaanse militaire betrokkenheid, oordeelt hij.


En zo gaat het verder in het interview.


Over het probleem van de ongelijkheid: hij kan niet meer dan een begin maken met het herstel van de middenklasse.


Over zijn onmacht tegenover het Congres zegt hij: iedere president had dat probleem, niet alleen hij.


Over sociale verandering: als zeiler wil je een bepaalde kant uit, maar je moet wel rekening houden met wind en stromingen, en af en toe met gebrek aan wind.


Over het presidentschap: als president ben je een estafettezwemmer in een rivier vol stroomversnellingen.


Over zichzelf: hij vindt het begrijpelijk dat mensen na zoveel jaren Obama gaan kijken naar anderen voor een 'vonk van inspiratie en opwinding'.


De uitspraken zijn even zo vele analyses over de beperkingen van het ambt. Er valt niet veel op af te dingen. Niemand staat te trappelen om in te grijpen in Syrië, het Congres heeft een lange geschiedenis van dwarsliggen, het presidentschap is slopend. Niettemin schuurt het. Naar verwachting zal Obama dinsdag in de State of the Union een 'Jaar van Actie' afkondigen, maar eigenlijk is hij een 'held van de niet-actie' geworden, schrijft een Slate-columnist.


Dat komt niet door slijtage, maar door iets anders: de professor zit de president in de weg. Misschien is Obama te slim voor het vak. Zit hij intellectueel zo gevangen in dat spel van argument en tegenargument dat hij erin verstrikt raakt. Natuurlijk is de wereld een washok. Zij is nooit iets anders geweest. Je blijft bezig, je bent nooit klaar, mopperde mijn moeder al. Maar het werk moet wel gedaan worden. Door politici, die de omstandigheden zonodig naar hun hand proberen te zetten en weten dat besluiten deels op gevoel worden genomen omdat je er met redeneren nooit helemaal uit komt.


Daarbij hoeft Obama niet zo ver te gaan als wat de schrijver Don DeLillo in een van zijn boeken een neoconservatief laat zeggen: 'Wij zijn het imperium, wij scheppen onze eigen realiteit'. Dat bleek onder zijn voorganger Bush te overmoedig. Een beter voorbeeld is kanselier Helmut Kohl, die het initiatief in de Duitse hereniging meteen naar zich toe trok. Hij zal verstandige adviezen hebben gehad om het rustig aan te doen vanwege anti-Duitse sentimenten in Europa, maar hij negeerde die, volgde zijn instinct en won.


Obama zegt aan het slot van het interview dat hij beseft dat 'er grenzen zijn aan het goede dat we kunnen doen en aan het slechte dat we kunnen voorkomen'. Wijze en mooie woorden in de geest van de denker Isaiah Berlin en schrijver-president Vaclav Havel. Wellicht vertrouwt hij erop dat het op de lange termijn wel goed zit met zijn plek in de geschiedenis als zijn zorgwet de eindstreep haalt. Maar als bijvoorbeeld de diplomatie in Syrië, Iran en Israël mislukt en de regio verder verloedert, kan dat zo'n wrang slotakkoord opleveren dat alsnog het gevoel zal ontstaan dat het wonder van 2008 in schoonheid is gestorven. Daarom zou je hem net als Michelle ooit deed, toen hij zich bij een voorbereiding op een debat verloor in beleidsdetails, willen toeroepen: 'Barack, voel - niet nadenken!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.