Maatschappelijk aanzien

'Je had vroeger van die lijstjes over wie in aanzien staat in de maatschappij. Dan stond de hoogleraar altijd één en het Kamerlid op twee....

Marcel van Dam, tijdens het Eindejaarsdebat, in het Volkskrant Magazine.

Meningen neigen ertoe zich pas in volle glorie te vertonen wanneer je ze nodig hebt. Hele vakantieperiodes gaat de mens praktisch meningloos door het leven, zonder al te desastreuze gevolgen. De zon komt op, beschrijft zijn baan, en uiteindelijk is de wijn op en de dag voorbij. Dan blijkt dat het wc-papier op de hotelkamer niet is aangevuld. Iemand wil daar werk van maken, hij vindt dat zoiets echt niet kan. De rest van het gezelschap probeert zich op te werken tot eenzelfde graad van boosheid, maar merkt dat de machine die op werkdagen meningen uitspuugt alsof het ijsblokjes zijn, hapert.

De krachtdadige ronde termen die gewoonlijk op springen staan om gehoord te worden, blijven ergens in de slokdarm steken. Hoe je ook perst, er komt niets.

Wat instemmend gemompel. Eigenlijk heb je wel gelijk, gesmoord in lamlendigheid. Want er blijken nog papieren zakdoekjes in de strandtas te zitten en de uitgesproken mening kan best tot morgen wachten.

Maar zet dezelfde groep mensen aan een tafel, midden in de winter, onder leiding van een journalist die ze verzekert dat de rekening door hem wordt betaald in ruil voor wat opinies, en er ontstaat ogenblikkelijk een file van uitroeptekens.

De uitspraak van Marcel van Dam is gedaan tijdens zo'n rondetafelgesprek waarbij de mening van de een het punt vormt waartegen de ander zich af kan zetten. En niets wekt de mening zozeer op als de boude bewering uit andermans mond die even, een fractie van een seconde, op een verblindende, onaantastbare manier waar lijkt.

De opluchting, wanneer zich vervolgens een weerwoord aandient dat de plaats inneemt van mening 1, ongeveer zoals ouderwetse actrices elkaar vroeger van het toneel speelden. En de lichte verbazing achteraf: je wist niet dat je zo veel gevoelens te vergeven had wanneer het over lijstjes ging, over hoogleraren en hun maatschappelijk aanzien.

Vaak zijn meningen gezelschapsdieren, die zich op afroep laten strelen.

Maar nu inhoudelijk, zoals dat in meningentaal heet:

Van Dam brengt hier het geslonken aanzien van de politiek ter sprake, op enigszins beperkte, maar wel zeer persoonlijke wijze. De politiek stelt hij voor het gemak even gelijk aan de parlementariër, en die laatste heeft prestige moeten inleveren, aan Jan en alleman en zelfs aan journalisten. Het ex-Kamerlid, dat thans werkzaam is in de journalistiek, weet waarschijnlijk als geen ander hoe je van ijsschots naar ijsschots moet springen om misschien niet je geloofwaardigheid, maar ten minste een minimum aan aanzien te bewaren.

'Maatschappelijk aanzien' is een mooi, ouderwets begrip uit de dagen van juffrouw Saartje, Bromsnor en de burgemeester. Aanzien is een cadeautje dat anderen aan je moeten geven, door bijvoorbeeld de hoed te lichten zodra ze je tegenkomen. Het lijkt mij niet vergezocht te veronderstellen dat met het verdwijnen van de herenhoed uit het straatbeeld ook de praktijk van het aanzien ernstige averij heeft opgelopen.

Aanzien zegt nog niets over de aard of het belang van de werkzaamheden die verricht worden: hooguit over de effecten daarvan, de schele ogen en de eerbiedige gebaren die ze bewerkstelligen.

Het is een beetje een exhibitionistische categorie: per se gezien willen worden, dwingend een publieksrol moeten vervullen.

Tegenwoordig noemen we aanzien glamour, en dat begrip reserveren we voor voetbalspelers, soapsterren en exen van homoseksuele miljonairs. Ik vind dat geen verfoeilijke ontwikkeling. Glamour is een eerlijk, leeg begrip, dat een vergankelijke wereld van glitters en schittering oproept; waarin het om uiterlijke kwaliteiten draait. Maar degene die aanzien zoekt, vraagt niet alleen om aandacht en flitslicht, hij vraagt ook om eer en importantie; niet op grond van wat hij doet, maar van wat hij is; in zijn hoedanigheid als Kamerlid - goed of slecht, dat maakt niet uit. Als ex-Kamerlid, desnoods.

In die zin is 'aanzien' een kwaliteit voor mannen die worstelen met wat vroeger wel 'vrouwelijke aandriften' werden genoemd.

Mooie vrouwen waren mooi, en dat was nog niet eens zo lang geleden meer dan genoeg. Dit moet mannen die zelf behept waren met een behaagzieke aard, gestoken hebben. Waarom moesten zij werken voor hetgeen vrouwen zomaar in de schoot geworpen kregen?

Die mannen namen de vluchtroute van het 'maatschappelijk aanzien', want om hun uiterlijk mochten ze niet geven, maar belangrijk zijn konden ze wel. En waarom waren ze dan belangrijk? Daarom.

Nu wordt ook duidelijk dat 'aanzien' de verwrongen, mannelijke vorm is van sex-appeal: aandacht en eer, niet vanwege verdienste, maar vanwege de publieke verschijning. Een Kamerlid is een Kamerlid, dat is al mooi genoeg. Verder geen vragen.

Er zijn mensen, die niet zozeer naar reflectie zoeken, maar naar het gereflecteerd worden, naar de spiegelingen van maatschappelijk succes. Dat is nog geen reden om iemand op te willen sluiten, maar zeker ook geen aanbeveling voor het Kamerlidmaatschap. Want ook in de Kamer wordt het aanzien niet langer gratis uitgedeeld. Het lijkt erop dat de kiezers verwachten dat een Kamerlid niet alleen zijn functie vervult; maar ook nog eens met hart en ziel werkt.

De aanzienlijke koersdaling die het Kamerlid heeft ondergaan op Van Dams lijstje hoeft dan ook niet te duiden op een democratisch tekort. Integendeel, ben ik geneigd te zeggen. Al dat aanzien stond de dienstbaarheid maar in de weg, de vertegenwoordigende functie die het Kamerlid behoort te hebben.

Want 'vroeger had je van die lijstjes over wie in aanzien stond in de maatschappij. Dan stond de hoogleraar altijd één en het Kamerlid op twee, ongeacht wat ze deden of presteerden. Aan die angstige, door notabelen beheerste samenleving heeft de sociaal-democratie gelukkig een einde weten te maken'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden