Maar wat willen we zeggen?

Op de kleinkunstacademie kwamen ze elkaar tegen. Thomas altijd met de jas aan, Paul zonder. Maar meteen gelijkgestemd. In 'Trilogie', de nieuwe theatershow, kijken Acda & De Munnik achterom....

De jarige Job heeft een brommer gekregen voor zijn verjaardag en is er als een zestienjarige zo blij mee.

Enthousiast vertelt hij hoe zijn tweejarig zoontje hem 's morgens even feestelijk als terloops de sleutels had overhandigd en hoe de Tomos achter op het plein stond te blinken, volbehangen met ballonnen. Zijn beste vriend slaat hem op de schouder. 'Goed cadeau, man!'

Thomas Acda is 35 jaar geworden, trakteert Paul de Munnik op een tompouce van de Hema, maar is niet in zijn hum. Hij beklaagt zich over de andere klanten in de Hema. Stonden hem stom aan te gapen. Hij vervloekt het interview. Krant heeft nooit gedeugd.

Maar als de foto eenmaal is gemaakt ('Moet dat echt buiten? In die pisregen?'), is de jarige Job een stuk milder gestemd. Een uurtje later, eenmaal op stoom gekomen, probeert hij die nurksheid te verklaren.

'Het lullige is dat ik niet eens weet wat voor indruk ik maak. Dan sta ik bij de Hema en iedereen staat wezenloos naar mij te kijken. Daar word ik heel erg kriegelig van. Ik kan gewoon niet onthouden dat ik Thomas Acda ben. En als ik mijn beklag doe over het gebrek aan efficiency bij de middenstand besef ik niet dat die mensen denken: verrek, het is Thomas Acda die mij staat uit te foeteren.'

Paul de Munnik: 'Maar dan ben je ook niet echt aardig.'

Acda: 'Ik ben ook helemaal niet aardig.'

De Munnik: 'Jij vergeet dat niet iedereen op jouw level zit. Mensen denken meteen: wat krijgen we nou?'

Acda: 'Ik heb wel eens beweerd dat ik een hekel heb aan mensen. Daar is mijn vrouw vreselijk van geschrokken. Maar ik bedoel het eigenlijk heel anders. Ik houd juist verschrikkelijk veel van mensen. Sterker nog, ik ben afhankelijk van ze. Juist daarom kunnen ze me zo teleurstellen. Maar ik spreek me pas uit als ik er al een tijdje over heb nagedacht.'

De Munnik: 'Toen we die ene hit hadden, gingen we stoer doen in onze stamkroeg. We gooiden al die oude cabaretiers aan de kant en we riepen: opzij, hier komen de popsterren.'

Acda: 'Dat was geestig om te doen, maar we hebben er geen vrienden aan overgehouden.'

De Munnik: 'Niemand begrijpt ons.'

Thomas Acda en Paul de Munnik zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Ze leerden elkaar in het begin van de jaren negentig kennen op de kleinkunstacademie en waren meteen gelijkgestemd. Twee zielen, één gevoel voor humor. Twee stemmen, één harmonie.

Acda: 'We zijn een optelsom. Je kunt bij Ajax alleen Chivu opstellen, maar dan denk ik toch dat je gaat verliezen. Dan moet er toch een John O' Brien achter staan.'

In een Amsterdamse studio bereiden ze de theatershow Trilogie voor. Trilogie is een samenvatting van hun carrière tot nu toe, een carrière die werd verrijkt met én overschaduwd door de grote zomerhit Niet of nooit geweest van vier jaar geleden. Ze hebben er drie theaterprogramma's op zitten, vandaar de titel.

Acda: 'Maar Trilogie is er vooral voor onze lol, of eigenlijk voor Pauls lol. Hij vond het leuk om dat hele verhaal nog eens op één avond te vertellen. Toch?'

De Munnik: 'Ja, gewoon leuk.'

Acda: 'En ik loop de hele dag te somberen door het huis, want er moet nog wel één zin komen waardoor alles klopt.'

De Munnik: 'Dit gebeurt ons dus altijd. Net als je denkt klaar te zijn, besef je opeens: alles zit erin, maar wat willen we eigenlijk zeggen? Wat is nou die ene zin waardoor alles op zijn plek valt? Ik vind dat altijd hartstikke leuk.'

Acda: 'Maar misschien komt die zin nu wel niet.'

De Munnik: 'Heb je nog steeds een goed programma.'

Acda: 'Die zin komt er, echt.'

De tweede voorstelling van Trilogie wordt opgeluisterd door de uitreiking van een gelijknamig boek. Daarin staat de schriftelijke weerslag van hun eerste voorstellingen, aangevuld met de tekst en muziek van een aantal nummers.

Acda: 'Ze hebben ons al vaker gevraagd dingen te bundelen. Maar we hebben de boot altijd afgehouden omdat we het nog te vroeg vonden. Nu gaan we wat anders doen.'

De Munnik: 'Het is nog steeds een beetje vroeg.'

Acda: 'Maar als we het eerder hadden gedaan, was het helemaal zo pretentieus geweest.'

De Munnik: 'Het mag nooit geldtrekken worden.'

I

Ik kwam hem tegen in een café waar ik af en toe op de piano mag spelen Hij kwam binnen met een pocketboekje en een gitaar en dat valt je dan meteen op . . . zo'n pocket. We raakten met elkaar in gesprek en bleken een hoop gemeen te hebben. Allebei midden twintig, allebei geen cent te makken. Allebei wel leuke vriendinen thuis. We spraken over liefde, vriendschap en de dood. Gewoon twee jongens die zich door het leven bluffen omdat ze geen idee hebben.

Uit: 'Zwerf's On' (1995)

Acda: 'Ik heb de kleinkunstacademie echt uitgezogen, alleen maar gekeken naar wat ik kon gebruiken. Ik was ook al 24 jaar, dat scheelt natuurlijk. Als je negentien bent, dan ben je alleen maar blij dat je erop mag.'

De Munnik: 'Dat had ik dus. Zo'n idee van: dat ik hier mag zijn.'

Acda: 'Leraren raakten in paniek omdat ik mijn jas niet uit deed. Ik dacht: hé, dan staan we weer gelijk. Jas aan of jas uit, dat mag niet uitmaken.'

De Munnik: 'Dat eerste jaar was ik door die school gefietst. Toen Thomas kwam, dacht ik opeens: hé, zo kan het ook. Daarmee werd die school een stuk interessanter, iets waarmee ik zelf iets kon. Ik wou ook. . .'

Acda: 'Mijn jas aan.'

De Munnik: 'Ik wou al anderhalf jaar mijn jas aan.'

II

Klein jaar terug hadden we samen in een kroeg zitten fantaseren. Kantoor huren, programma over zwerven maken, liedjes spelen en uiteindelijk kon ik weer alles afrekenen. Nu een jaar later, daar zaten we weer. Ik tel mijn geld en denk: laat zal het niet worden.

Uit: 'Life is what happens while you're busy making other plans' (1998)

Acda: 'Die rode draad kwam erin toen we de tweede gingen maken. We stuitten ineens op de thematiek.'

De Munnik: 'Het zit allemaal in een foto die in 1991 is gemaakt toen we met de Kleinkunstacademie in Parijs waren. Daarmee zijn we aan de slag gegaan en viel alles in elkaar.'

Acda: 'Daarmee was ook meteen helder dat het een trilogie moest worden. Wat we hadden meegemaakt na dat succes van Niet of nooit geweest zouden we nooit in één show kwijt kunnen.'

De Munnik: 'De eerste gaat over jongens die elkaar tegenkomen en een zin aan het leven moeten geven. Ze komen nergens, maar ze bedenken van alles.'

Acda: 'In feite hadden we geen idee hoe het moest.'

De Munnik: 'Maar wij waren wel die jongens in de kroegsien die precies wisten hoe het moest.'

Acda: 'Toch heb ik dat gevoel steeds gehad. We hebben wel dat imago van gewoon en bescheiden, maar we wisten ook dat het geniaal kon worden.'

De Munnik: 'Heeft ons vier jaar gekost.'

Acda: 'Het heeft niet bepaald storm gelopen, maar het werd gewaardeerd en dat was al mooi. Maar toen kwam de tweede, the fucking middle noemt onze regisseur Ruut Weissman dat.'

De Munnik: 'Toch was de tweede uiteindelijk de makkelijkste om te maken. Je weet waar je naar toe moet. De tweede zat het best in elkaar, heel vrolijk. Logisch ook, met zoveel succes. Mensen waren al blij als we een paar nummers achter elkaar speelden. Maar er was geen ruimte voor een zwaar nummer, zo'n nummer waarvoor je echt moet knokken.'

Acda: 'Dat is in de derde teruggekomen.'

De Munnik: 'Over de derde ben ik ook het meest tevreden. Vrolijk, zwaar en goed gecomponeerd.'

Acda: 'We waren als de dood voor het Hans de Booy-effect, dat iedereen alleen maar zit te wachten op Niet of nooit geweest. Er is niks mis met succes. Maar je bent niet degene die de mensen denken dat je bent.'

De Munnik: 'Gelukkig hebben we het succes overleefd.'

Acda: 'Nee, we hebben de hype overleefd.'

III

We zijn in dat café gaan zitten, vlakbij Palais de Chailot. En we hebben die twee jongens van die foto verzonnen en wat ze zouden gaan doen met hun leven. En alles wat zij voor die jongens verzonnen, haalde ons in. Alles wat wij verzonnen, werd waar. Ook de dingen die we niet wilden verzinnen.

Uit: 'It's only cabaret but I like it' (2000)

De Munnik: 'In die jongens konden we al onze twijfels en onze verlangens kwijt. Maar op een gegeven moment is het op. We zijn allebei een fase verder.'

Acda: 'Allebei vader.'

De Munnik: 'Maar het is ook de vorm. We hebben die gevonden, we hebben hem beter gemaakt, maar nu kunnen we er niet verder mee. Een andere vorm is gewoon noodzakelijk. Maar ons eerstvolgende project wordt een cd.'

- Het duo blijft hoe dan ook intact.

De Munnik: 'Natuurlijk is het eindig, maar voorlopig niet.'

Acda: 'En het is eindig in succes, niet in de samenwerking.'

De Munnik: 'Hoe bedoel je?'

Acda: 'Dat we altijd wel samen zullen blijven.'

De Munnik: 'Zolang de vriendschap goed is, kunnen we over twintig jaar nog wel in een kroeg onze hits piemelen, gewoon voor de lol.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden