essayimmigratie

Maak het vluchtelingenbeleid ruimhartig én selectief

null Beeld Rosa Snijders
Beeld Rosa Snijders

Door de machtsovername in Afghanistan dreigt Europa opnieuw bekneld te raken tussen idealen van medemenselijkheid en de politieke wens om immigratie te beperken. Redacteur Peter Giesen ziet een uitweg uit de spagaat.

De Afghaanse tolken stuitten maandenlang op een muur van Haags getreuzel, nonchalance en onwil, maar op het vliegveld van Kabul werden zij toch nog een morele toetssteen. Ze zijn de ‘goede’ Afghanen die ‘ons’ hebben geholpen bij onze zo jammerlijk mislukte poging om van Afghanistan een land te maken dat enigszins voldoet aan de westerse normen van de 21ste eeuw.

De bekommernis om tolken en andere helpers is natuurlijk terecht. Wie mensen voor zich laat werken, neemt een verantwoordelijkheid op zich. Toch wringt er iets. Terwijl tienduizenden tolken en helpers gered worden, blijven miljoenen Afghanen achter. Ook zij hebben hun redenen om de Taliban te vrezen. Zoals de 42-jarige onderwijzer Sara uit Herat, die eerder deze week haar verhaal deed in de Volkskrant. Ze kreeg van de schooldirecteur de opdracht voorlopig thuis te blijven en maakt zich zorgen over de toekomst van haar vijf dochters: ‘Ik ben bang dat mijn dochters nul kansen krijgen in Afghanistan. We willen naar het buitenland.’

Sara is geen ‘gelukszoeker’. Ze wil ontsnappen aan een bewind dat zich waarschijnlijk als een barbaarse theocratie zal ontpoppen, zoals Oost-Duitsers, Hongaren en Tsjechoslowaken ooit vluchtten voor de onderdrukking onder het communisme.

Voor mensen als Sara heeft Europa een eenvoudige boodschap: ‘Niet komen!’ De Duitse bondskanselier Angela Merkel en haar beoogde opvolger Armin Laschet lieten meteen weten geen herhaling te willen van de vluchtelingencrisis van 2015, toen meer dan een miljoen mensen naar Europa trokken. De Franse president Emmanuel Macron waarschuwde voor ‘grote irreguliere migratiestromen’. ‘We zijn vastbesloten om de migratiestromen onder controle te houden en de grenzen van de Europese Unie te beschermen’, zei EU-president Charles Michel deze week na afloop van het topoverleg van de G7.

Een voorproefje van wat er kan gebeuren is nu te zien aan de grens tussen Belarus en Polen, waar enkele tientallen Afghanen vastzitten in een niemandsland, een open veld zonder toiletten, medische zorg en voldoende voedsel. Polen wil ze niet toelaten, Belarus wil ze niet terugnemen. De Poolse handelwijze is in strijd met het Europese recht. Mensenrechtenorganisaties protesteren en als de Afghanen naar het Hof van Justitie van de Europese Unie stappen, krijgen ze waarschijnlijk gelijk. Maar dat is van later zorg, Polen wil ze nu tegenhouden. Als Fort Europa zich bedreigd voelt, probeert het ook zijn laatste bruggen op te halen.

null Beeld Rosa Snijders
Beeld Rosa Snijders

Het ideaal van universeel burgerschap

Door Afghanistan dreigt Europa weer eens bekneld te raken tussen zijn morele pretenties en de politieke wens om immigratie te beperken. Migratie confronteert Europa met zijn tegenstrijdigheden, schreef de Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev in zijn boek Na Europa uit 2017. De Europese Unie is intellectueel geworteld in de Verlichting, die universeel burgerschap voorstaat, aldus Krastev. Uiteindelijk zijn we allemaal burgers van een en dezelfde wereld, zo wil deze traditie. Daarom voelen we mee met de 17-jarige Zaki Anwari die voor het oog van de wereld te pletter viel, nadat hij zich vergeefs had vastgeklampt aan het landingsgestel van een opstijgend Amerikaans vliegtuig in Kabul. Zaki kwam uit een bescheiden milieu, had hard gewerkt om voetballer te worden, speelde in het Afghaanse jeugdteam en zag zijn droom verstoord worden door fundamentalisten die hun wrede en vreugdeloze wereldbeeld aan zijn land willen opleggen. Wij zijn allemaal Zaki, heet het al snel in zulke gevallen.

Helaas loopt dat ideaal van universeel burgerschap stuk op een wereld van grote economische en politieke verschillen, aldus Krastev. We zijn pas echt gelijk als die verschillen worden weggewerkt – vooralsnog een onmogelijke opgave – of als iedereen het recht krijgt om naar de rijkste landen te trekken, en dat gaat de meeste westerlingen weer te ver. Het is ook onmogelijk. Als elke wereldbewoner mag gaan en staan waar hij wil, zo becijferde de Amerikaanse opiniepeiler Gallup, zal de bevolking van de Verenigde Staten met 46 procent toenemen en die van Duitsland met 45 procent. Nederland zou er 7 miljoen inwoners bij krijgen, een toename van ruim 40 procent.

Zo concurreert de universele liefde voor de wereld met de particuliere liefde voor het eigen land. We zijn begaan met iedereen, maar willen onze eigen gunstige positie niet opgeven. Daarbij gaat het niet alleen om materiële voorspoed. Sinds de jaren zestig hebben Europa en de Verenigde Staten grote immigratiegolven meegemaakt die door veel mensen als een bedreiging voor de nationale identiteit worden gezien. ‘Het nationaal populisme weerspiegelt een diepgewortelde angst voor een nieuw tijdperk waarin immigratie en snelle etnische verandering zouden kunnen leiden tot de vernietiging van de eigen groep en haar manier van leven’, schreven de Britse politicologen Roger Eatwell en Matthew Goodwin in hun boek National Populism: The Revolt Against Liberal Democracy uit 2018.

Het zijn niet alleen de 20 tot 30 procent kiezers van populistische partijen die vrezen dat immigratie ten koste zal gaan van de eigen groep. In een internationaal onderzoek van Ipsos Mori uit 2017 werd de stelling ‘er zijn te veel immigranten in ons land’ instemmend begroet door 66 procent van de Italianen, 53 procent van de Fransen, 50 procent van de Duitsers en 48 procent van de Zweden. In 2016 liet het Sociaal en Cultureel Planbureau mooi zien hoe Nederlanders worstelen met de spanning tussen het ideaal van universele broederschap en de angst voor het verlies van de eigen cultuur. De helft van de Nederlanders noemde het ‘onze morele plicht mensen toe te laten die vluchten voor oorlog en vervolging’. Niettemin vond 54 procent dat er al ‘te veel vluchtelingen’ naar Nederland kwamen.

Een beter compromis

Is er een uitweg uit deze worsteling tussen de liefde voor de wereld en de liefde voor het eigen land? Er is geen simpele oplossing die aan alle dilemma’s een einde maakt. Wel is het mogelijk een beter compromis te sluiten tussen menselijkheid en eigenbelang.

In het regeerakkoord van 2017 werd de vraag geopperd of het VN-Vluchtelingenverdrag, dat in 1951 werd getekend en inmiddels dus zeventig jaar oud is, niet kon worden opgezegd of aangepast. Het verdrag zou ooit bedoeld zijn geweest om een handjevol dissidenten uit het Oostblok naar het Westen te halen en niet zijn berekend op de enorme aantallen van nu. In 1951 had de UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de Verenigde Naties, ruim 2 miljoen mensen onder haar hoede, slechts een fractie van het recordaantal van 82 miljoen vluchtelingen in 2020. Daarvan is 4 miljoen asielzoeker, de rest bevindt zich in kampen of is ontheemd in eigen land.

null Beeld Rosa Snijders
Beeld Rosa Snijders

Toch lost opzegging van het verdrag niets op, concludeerden ex-minister Piet Hein Donner en jurist Maarten den Heijer in een rapport voor de regering. De vluchtelingen zullen er niet door verdwijnen. Afghanen vluchten voor de Taliban, niet omdat er een VN-Vluchtelingenverdrag is. ‘Veiligelanders’ die het systeem misbruiken, mogen volgens het Vluchtelingenverdrag per ommegaande worden teruggestuurd, aldus Donner en Den Heijer. Dat hun asielverzoek serieus moet worden bekeken, komt juist door de zorgvuldigheidseisen die zijn vastgelegd in het Nederlands bestuursrecht, het Europees recht en het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Ondertussen is het VN-Vluchtelingenverdrag wel de basis voor internationale samenwerking, die dringend noodzakelijk is voor de beheersing van de vluchtelingenproblematiek. De opvang van vluchtelingen door de UNHCR is een ‘groot compromis’ tussen arme en rijke landen. De rijke landen betalen, de arme vangen ze op. Maar liefst 86 procent van alle vluchtelingen verblijft in de regio, in landen als Pakistan, Iran, Colombia of Oeganda. Helaas is de opvang vaak erbarmelijk geregeld. De UNHCR zegt dat zij twee keer zo veel geld nodig heeft om mensen adequaat te helpen.

Opvang in de regio, hervestiging in Europa en selectie

Hier ligt een mogelijkheid voor Europa. Als vluchtelingen beter worden opgevangen in de eigen regio, is de kans kleiner dat ze naar Europa komen. Na de val van Kabul zei de Duitse bondskanselier Angela Merkel: ‘We moeten niet de fout uit het verleden herhalen door te weinig geld te geven aan de UNHCR en andere hulpprogramma’s, waardoor mensen van Jordanië en Libanon naar Europa trokken.’ Toch lijkt Europa zes jaar na 2015 nog maar weinig geleerd te hebben. In juni stopte het World Food Programme van de VN de voedselhulp aan 21 duizend Syrische vluchtelingen in Libanon, wegens geldgebrek.

Daarnaast zou Europa meer vluchtelingen uit de kampen in de regio moeten opnemen. Daar is de afgelopen jaren weinig van terechtgekomen. De UNHCR heeft gevraagd om hervestiging van 1,5 miljoen vluchtelingen – op een totaal van 26 miljoen dat in de kampen zit. Als dit stuwmeer in vijf jaar wordt weggewerkt, zou Nederland vierduizend vluchtelingen per jaar moeten opnemen, in plaats van de vijfhonderd die nu mogen komen, rekende hoogleraar migratierecht Thomas Spijkerboer voor in De Groene.

Met hervestiging wordt de druk op de opvang in de regio verlicht. Bovendien laat het Westen aan de landen in de regio zien dat het bereid is zelf een deel van de opvang te verzorgen en die niet alleen te willen afkopen. Daarbij kunnen ze zelf de vluchtelingen selecteren die ze willen opnemen: activisten die persoonlijk worden vervolgd, humanitaire noodgevallen als zieken en gehandicapten of vluchtelingen die de Europese arbeidsmarkt goed kan gebruiken.

Selectie van vluchtelingen is geen fraai schouwspel. Sommigen worden uitverkoren, anderen blijven steken in een leven met weinig perspectief. De bewaking van de Europese buitengrens blijft noodzakelijk, met alle problemen van dien.

Regulatie

Toch is het belangrijk de komst van vluchtelingen te reguleren. Niets is zo funest voor het draagvlak als de beelden uit 2015, van een schijnbaar niet te stoppen mensenstroom die Europa binnenkomt, ongeacht de vraag wat autoriteiten of burgers daarvan vinden. In 2016 verdedigde de toenmalige EU-president Donald Tusk de migratiedeal met Turkije tegenover een morrend Europees Parlement. ‘Ik deel uw twijfels voor een deel’, zei Tusk. ‘Maar als we de greep kwijtraken op Europa’s migratiepolitiek zouden we op politieke catastrofes afgaan: de ineenstorting van Schengen, verlies van controle op onze buitengrenzen met alle risico’s van dien; politieke chaos in de EU en uiteindelijk de overwinning van populisme en extremisme.’

Europa ziet zichzelf graag als de koene ridder die zijn boodschap van vrijheid en democratie over de wereld verspreidt. In Afghanistan is zijn poging om de wereld naar zijn evenbeeld te kneden grandioos mislukt. Van de weeromstuit dreigt de koene ridder zich nu te verschansen in zijn kasteel, waar hij angstig uit het raampje kijkt en machteloos toeziet hoe anderen worden verdrukt en vermoord.

De koene ridder wordt zelfs een miezerige slotbewoner als hij kinderen het recht op hereniging met hun ouders ontzegt.

Ook in dat geval verliest Europa zichzelf. ‘Onze’ cultuur komt net zo goed in gevaar als we morele grenzen overschrijden uit angst voor ‘aanzuigende werking’ en populisme. Het verlichte ideaal van universeel burgerschap is immers een belangrijk onderdeel van de Europese cultuur. Daarom moet Europa in elk geval zijn best doen, door de opvang in de regio beter te financieren en Afghaanse vluchtelingen met ruimhartige quota op te nemen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden