Lui leven

Acht Volkskrant-fotografen onderzoeken deze zomer wereldwijd het leven in provincieplaatsen. Misschien toont de cultuur van een land juist in de provincie haar gezicht....

Gezeten op de veranda van het Staatslogeergebouw te Totness, ooit een warenhuis, bekruipt de bezoeker meteen het gevoel lui te willen zijn. Intens lui zijn voor de rest van het leven. Zo sloom dat zelfs het verzetten van een glas sap een ingrijpende bezigheid is. Niets doen, slechts staren naar de Coronianen die zo te zien ook niet veel te doen hebben. Die rondhangen bij de Chinese winkel aan de overkant, of het marktplein, met een fles Parbo-bier in de hand.

Binnen, in het logeergebouw, maakt een te actieve stadsbewoner zich, na de rijst met kip op om weer af te reizen naar de stad. Een zachte, lome wind waait op de veranda. Lui zijn in Coronie, zonder enig schuldgevoel, is niet moeilijk.

Een troosteloos oord met slechts luie negers, zo noemde de Caribische schrijver V. S. Naipaul ooit Suriname's kleinste district. Anno 2005 hebben de 3500 Coronianen, waarvan het merendeel creool is en in Totness woont, nog steeds last van dergelijke stereotyperingen. Dom en lui, zo staat de Coroniaan te boek in Paramaribo, ruim drie uur rijden van Totness.

Dat 'grote' Surinamers, zoals de atlete Laetitia Vriesde, de schrijver Michael Slory en voetballer Edgar Davids, Coronianen zijn, wordt vaak vergeten. Voor de meeste Surinamers is Coronie, in het bijzonder Totness, dat geïsoleerde gebied met die eindeloze rij palmbomen die ze passeren op weg naar de west- of oostkust van Suriname.

Sinds deze verbinding onder de regering-Wijdenbosch flink verbeterd werd dankzij de bouw van enkele bruggen, raast het verkeer door Totness klokje rond. Stoppen doe je er alleen om bij de Chinees een drankje of een broodje te kopen. Wat moet je verder in Totness?

Als de avond valt, moet je er weg zijn want dan slaan de muskieten weer genadeloos toe. Totness - de vele Engelse namen herinneren nog aan de Engelse en Schotse kolonisten die rond 1800 de eerste plantages stichtten - is niet meer dan een asfaltweg met aan weerszijden oude houten huizen, een paar kerken, Chinese kruideniers en het Staatslogeergebouw.

Meer is er niet. Ten noorden is de Atlantische Oceaan, ten zuiden de vroegere plantages. En veel oerwoud. Mooi groen land. Vroeger werden er in Totness nog films vertoond in de parochiezaal, maar ook daaraan is een einde gekomen.

Zoals ook warenhuis Kersten ooit vertrok. 'Het gaat echt slecht hier', zegt de 18-jarige ambtenaar Sergio van Daal op een avond als politici uit Paramaribo Totness bezoeken. 'Maar dat is niets nieuws, hoor. In Totness gaat het toch altijd slechter dan in de rest van Suriname.'

Vergeten, zo voelen ze zich in het plaatsje. Magda Rigters (42) lucht haar hart: 'De president heeft ons in de afgelopen vijf jaar slechts een keer bezocht. Men doet niets voor ons geliefde Coronie.'

Wie geen ambtenaar is of werkloos, probeert zijn geld te verdienen met Coronie's belangrijkste produkt: de kokosnoot. Rijdend door de hoofdstraat van Totness, is er altijd wel een Coroniaan te vinden die in de weer is met een kokosnoot. Goed voor de beste kokosolie van het land.

Anderen werken op de enkele rijstvelden die het district rijk is. In het weekend gaan ze in Totness ' s avonds gewoon de straat op. Dan loopt de Coroniaan naar de winkel op de hoek, zijn ultieme ontmoetingsplek.

'Of je kijkt of er ergens een feestje is om mee te doen', zegt IwanWielsen (36). 'In Totness kent toch iedereen elkaar. Als er niks te beleven is, pakken we de auto om rond te rijden. Het leven hier is rustig, te rustig. Er zijn zoveel jongeren maar er wordt niets voor ze gedaan. Ze hebben geen recreatieruimte, geen zwembad, geen basketbalveld. Je kan alleen maar rondhangen.'

In Totness is dat tot kunst verheven: gewoon lui rondhangen. 'Ze zouden hier wat meer de handen uit de mouwen kunnen steken', verzucht de bekende Coroniaan Anton Paal, tot voor kort parlementslid.

Zelfs de Coroniaan uit Nederland die op vakantie is in zijn geboortedistrict, prefereert dat rondhangen en een 'torie geven', een praatje maken, boven een bezoek aan Paramaribo. 'We zijn niet anders gewend', zegt een vakantieganger die tegen middernacht met een groepje vrienden bier drinkt in een bar langs de weg. 'Wat moet je anders in Totness?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden