Luchtkasteel in de Pyreneeën

Slecht slapen komt mooi uit op de Pic du Midi - je kunt er sterren kijken. Vanaf het hoogste museum van Europa is het bovendien schitterend afdalen.

Bij de welkomstcrèpe met een glas warme wijn in het restaurant van de Pic vertelt Christian Camphin dat dit reisje het kerstcadeau is van zijn vrouw. Thuis, in Cahors, heeft hij een telescoop. Voor hem is de nachtelijke hemel een hobby, terwijl zij niet zo'n sterrenkijker is.


We zijn de enige twee solisten hier. Aan de andere tafels zitten stelletjes. Met z'n achttienen vormen we vanavond de bezetting van het sterrenschip, het maximale aantal voor een overnachting op de Pic du Midi (2877 meter). Een uur geleden, in de kabelbaan die aan één stalen draad boven een 350 meter diep ravijn bungelt, waren we nog muisstil toen we dat wonderlijke bouwsel, een immens luchtkasteel boven op een kale Pyreneeëntop, dichterbij zagen komen.


Nog steeds hangt er spanning in de lucht, de Pic gaat in je lijf zitten. Dat komt ook door Patrick, onze begeleider, die om de paar minuten informeert of iedereen zich nog goed voelt. Hoogteziekte schijnt hier vaak voor te komen. Op de badge die we moeten dragen staat een noodnummer, voor het geval dat. 'Er zit hier 30 procent minder zuurstof in de lucht', zegt hij. 'Jullie zullen vannacht waarschijnlijk slecht slapen. Dat komt mooi uit, want we gaan sterren kijken.'


Het kan dertig graden vriezen, op de Pic du Midi. Maar vanavond is het hooguit vijf graden onder nul. En, tot opluchting van Patrick en alle sterrenkijkers, klaart de lucht steeds meer op. Witte bergtoppen glanzen zacht in het sterrenlicht, in de diepte fonkelen de gele lichten van Bagnères de Bigorre en, veel verderop, Tarbes. Geluiden uit de dalen dringen hier niet door.


Patrick richt de telescoop op het eerste doel, laag aan de oostelijke hemel. Om beurten turen we gefascineerd naar Saturnus, de brede ring elegant eromheen gedrapeerd. Het is het eerste van de vele wonderlijke beelden die vannacht zullen worden ontsluierd.


Alsof het zo was afgesproken, trekken de wolken zich steeds verder terug. Met het naaldfijne lichtbundeltje van een laserlamp priemt Patrick in het donker om de sterrenbeelden aan te wijzen: grote beer, kleine beer, boogschutter met zijn stevige gordel, liggende leeuw, hond aan een riem. Hij wijst ons een kraamkamer waaruit straks sterren ontstaan, we halen de Poolster dichtbij, kijken naar het haar van Bérenice, krijgen een gekanteld sterrenstelsel te zien en een Sombrero die een half miljoen sterren schijnt te bevatten.


Als gedresseerde pinguïns hippen we achter de gids aan, terwijl de temperatuur daalt. Stelletjes verdwijnen even naar hun slaapkamer en komen terug als Siamese tweeling, samen in een grote deken verpakt. Patrick bedelft ons onder de kennis. De manen van Jupiter, de pixels in sterrenfoto's, de kansen van leven op Mars - geen vraag of hij weet het antwoord.


Dat er leven is op de Pic du Midi, is eigenlijk net zo bijzonder. Het avontuur begint in 1870 met hertog Charles Champion de Nansouty, generaal in het Franse leger, maar gedegradeerd nadat hij in Toulouse weigerde soldaten op demonstranten te laten schieten. Samen met ingenieur Xavier Vaussenat vat hij het plan op een weerstation te beginnen op de Pic du Midi. Mannen uit het dal dragen de bouwstenen voor dat eerste primitieve observatorium op hun rug naar boven. Het is het begin van wat geleidelijk uitgroeit tot een luchtkasteel. Veel later komen er hoge masten voor mobiele telefonie, televisie en militaire communicatie. Tien bolvormige daken voor telescopen staan als geschutskoepels op het plateau. In de jaren vijftig en zestig wordt een telescoop met een doorsnede van een meter geplaatst waarmee de NASA de eerste maanlanding kan voorbereiden.


Inmiddels is dat kinderspel; in Chili staan telescopen met een lens van elf meter. Vijftien jaar geleden wilde de regering, samen met de universiteit van Toulouse eigenaar, het observatorium opdoeken. Ons groepje van achttien, en de honderdduizend andere bezoekers die er tegenwoordig jaarlijks komen, vormen de redding van deze prachtige plek.


Na een renovatie van veertig miljoen euro werd de Pic in 2000 opengesteld voor toeristen. De meeste bezoekers zijn dagjesmensen die van het uitzicht komen genieten en het hoogste museum van Europa willen bezoeken. Maar de Pic kan sinds 2005 ook elke nacht wat gelukkigen huisvesten. De kamers zijn keurig, en trouwens: slapen lukt hier toch niet.


Dus staan we om half zes 's morgens weer naast Patrick op het grote sterrendek. Dit keer heeft de telescoop de maan, die in zijn laatste kwartier staat, in het vizier. Als flinke puisten liggen de beschaduwde kraters verspreid over het oppervlak. Ochtendster Venus is daarna onverwacht saai.


Maar de zonsopkomst is er een om nooit te vergeten. Een rode streep in de verte jaagt de laatste sterren weg. De bergtoppen ontwaken uit hun koude slaap, de kleuren keren terug.


Daar gaat de mobiele telefoon van Christian Champin - het bereik is hier door de zendmast optimaal. 'Perfect, om nooit te vergeten', zegt hij glunderend. Het was zijn vrouw, die wilde weten hoe de Pic bevalt.


Zo rond een uur of tien verandert de ambiance. Een stevige reggae-beat dreunt uit grote boxen, er hangt adrenaline op het sterrenterras. Bruinverbrande types sjouwen rond met snowboards en mono-ski's. Een enkeling heeft een cameraatje op de muts gemonteerd. Het is de dag van de Derby du Pic, een freeride-afdaling met 1500 meter hoogteverschil, bijna steeds hors piste. De hoofdprijs van drieduizend euro is voor degene die het eerste beneden is. Hoe, dat maakt niet uit.


'De snelste doet het in vier minuten', zegt een skileraar met lange blonde haren. Dat zijn wij alvast niet: de kabelbaan heeft er twintig minuten voor nodig.


PRAKTISCH LA MOGNIE

La Mognie ligt op acht uur rijden van Parijs, of zes uur met de hogesnelheidstrein. Vanuit Parijs gaan directe vluchten naar Tarbes.

Een mooie plek om te overnachten is Hôtel-restaurant Le Catala in het dorpje Beaudean op 20 kilometer van La Mognie. Eigenaresse Maguy Garcia Brau-Nogue heeft elke kamer een eigen sfeer gegeven. De Neder-Franse zanger Dave behoort tot de vaste cliëntèle. www.le-catala-hotel-pyrenees.com

Wie op de Pic du Midi wil slapen, boekt een Nuit au Sommet via www.picdumidi.com. Het kost 200 euro, inclusief kabelbaan, diner, ontbijt, sterrenkijken met uitleg en bezoek aan observatoria.

Bagnères de Bigorre, op 25 kilometer van La Mognie, was eeuwen geleden al bekend als kuuroord. Aquensis is een modern complex in het hart van het stadje met een flink zwembad met geneeskrachtig water, een grote hammam en sauna's. www.aquensis.fr

Zie ook: www.toerisme-midi-pyrenees.nl., www.tourisme-hautes-pyrenees.com, www.mijnfrankrijkgids.nl, www.franceguide.com

SKIGEBIED AAN DE VOET VAN DE PIC

La Mongie/Grand Tourmalet, het skigebied aan de voet van de Pic, is het grootste skicentrum van de Franse Pyreneeën. Honderd kilometer piste, 39 kabelbanen, 202 sneeuwkanonnen en vijf restaurants op hoogte. Vanuit La Mongie kun je via de Tourmalet - bekend van de Tour de France - skiënd naar Barèges in het volgende dal. Bij Mongie voeren de pistes langs kale rotshellingen. Maar richting Barèges ski je tussen de bomen en soms langs ruisende riviertjes. Er zijn genoeg zwarte afdalingen, maar ook een beperkte skiër kan hier veel kilometers maken.

'Qua pistes doen we niet onder voor de Alpenstations', zegt Joseph Brau-Nogue (65), die 35 jaar directeur van de skischool van la Mognie was. Hij is een kind van de streek, zijn overgrootvader was een van de drie dragers die de stenen voor het weerstation de Pic du Midi op sjouwden.

Hij heeft de wintersport hier zien wortel schieten. 'In de jaren zestig en zeventig begon het, met een rijke cliëntèle. Veel Britten, veel mensen uit het noorden. Je had hier nachtclubs en kapsalons.' De ambiance is veranderd, zegt hij met enig leedwezen. 'Voor après-ski hoef je hier niet te komen. Het is nu meer een familiebestemming.'

De Pic du Midi is voor hem de troef van de streek. 'Mensen komen uit Parijs met het vliegtuig, doen de afdaling van de Pic en vliegen weer naar huis. Dat heeft iets magisch.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden