Losjes lopen door een eeuw design

Een complete vleugel vormgeving als essentieel onderdeel van de collectie van het Stedelijk.

Vaste opstelling Vormgeving, Stedelijk Museum Amsterdam


Museumplein 10 in Amstedam. stedelijk.nl


Eerst lijkt het wel alsof de zaal doodloopt. Maar achter een smalle zijgang opent zich dan toch opeens een heuse schatkamer in de vorm van een slaapkamer, een ontwerp uit 1926 van Gerrit Rietveld voor de Amsterdamse familie Harrenstein. De kale slaapkamer wordt in strakke geometrische lijnen verdeeld door twee bedden. Kasten en wastafel zijn weggewerkt in de muren. Het kleurpalet is minimaal: zwart, wit, rood, blauw en geel. Zelfs in 2012 is de radicale moderniteit van dit ontwerp onmiskenbaar.


Natuurlijk zijn de installatie The Beanary van Edward Kienholz, het beeld Ushering in banality van Jeff Koons en het schilderij Rosey-Fingered Dawn van Willem de Kooning onbetwiste hoogtepunten uit de collectie. Maar deze Harrensteinslaapkamer van Rietveld hoort ook in dit rijtje thuis. Het is het enige interieur uit de De Stijlperiode van Rietveld dat bewaard is gebleven, naast uiteraard het Rietveld-Schröderhuis. Daarbij is vormgeving een essentieel onderdeel van de collectie van het Stedelijk; niet voor niets is er een complete vleugel met dertien zalen voor ingericht.


Daarvan zijn er twee gereserveerd voor tijdelijke tentoonstellingen die reflecteren op de collectie. Afgetrapt wordt met het Bauhaus en Nederland, waarin de invloed van de Duitse kraamkamer van het modernisme op de Nederlandse ontwerpers wordt uitgelicht. Een logische keuze, want het Stedelijk bezit een imposante collectie vooroorlogs design. Deze tijdelijke exposities bieden de mogelijkheid om te grasduinen door de eigen collectie met 70 duizend designobjecten (bijna driekwart van de complete collectie), variërend van zeldzaam drukwerk van Otto Treumann tot stoelen van Marcel Wanders. Daarvan zijn er 'slechts' tweeduizend geselecteerd voor de permanente opstelling. Als een teaser staat in de entree van de designvleugel één vitrinekast uit het depot opgesteld. Naast vazen van Hella Jongerius, Ettore Sottsass en Picasso staat een iMac en in een lade ligt een creatie van de Japanse couturier Issey Myaki.


Zelfs de Rietveldslaapkamer is niet pontificaal in de eerste zaal neergezet. Individuele topstukken zijn ondergeschikt aan de avontuurlijke opstelling die bezoekers losjes door honderd jaar vormgeving gidst. Al staat er toch, bijna achteloos, een duizelingwekkende parade designklassiekers, zoals een houten stoel van Joe Colombo, een wandkleed van Le Corbusier of reclameschetsen van Piet Zwart. Dat enkele zalen klein zijn, werkt soms beklemmend, maar dwong tot nog scherpere keuzen.


In grote stromingen als art nouveau of het postmodernisme zijn verrassende accenten aangebracht als het zwierige glaswerk uit Leerdam of het grafisch minimalisme uit Zwitserland. Dat het accent vaak op Amsterdam ligt, blijkt al in de eerste zaal die is gereserveerd voor meubels van H.P. Berlage en andere ontwerpers voor de invloedrijke winkel Het Binnenhuis. Voor de eigen museumposters van Willem Sandberg, Wim Crouwel en Athon Beeke zijn zelfs complete muren gereserveerd. Al is iets verderop ook bijna een complete zaal ingericht met de buismeubels van de 'Rotterdammer' W.H. Gispen.


De balans tussen Nederlandse en internationale vormgeving is even-eens afgewogen. De strakke lampen van Benno Premsela en Aldo van den Nieuwelaar staan letterlijk tegenover de kleurrijke meubels van het Italiaanse ontwerpcollectief Memphis. Na het strenge rationalisme van Berlage hangen er ter relativering joyeuze posters uit het kosmopolitische Parijs uit het Interbellum. Zo wordt op subtiele manier ingewreven dat Nederlandse vormgevers het altijd moeilijk hebben gehad met frivoliteiten.


Slechts één keer wringt de opstelling: als in het hart van de expositie, nota bene in een van grootste zalen, louter Scandinavisch design uit hoofdzakelijk de jaren vijftig en zestig staat. Een overdaad die des te meer wringt omdat het hedendaagse design er nogal bekaaid van afkomt. Het invloedrijke ontwerpplatform Droog wordt zelfs nauwelijks genoemd in de zaalteksten. In een collectie waarin de nadruk ligt op de vorige eeuw is dat een klein gemis. Daarbij, het valt ook niet mee om de afgelopen tien jaar bondig samen te vatten; stijlen en stromingen buitelen over elkaar heen. Maar met twee zalen voor tijdelijke exposities moet ook daar een mouw aan te passen zijn.


Uit de kast


Bij de entree van de designvleugel van het Stedelijk Museum staat één vitrinekast uit het depot opgesteld. Onder meer met vazen van Hella Jongerius, Ettore Sottsass en Picasso.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden