Lorie kan eindelijk rentenieren

REPORTAGENa 24 jaar schrobben en kinderen verzorgen in welgestelde gezinnen in Singapore, Hongkong en Nederland, keerde de Filipijnse Lorie Matulay (52) terug naar huis. Haar eigen kinderen die ze destijds achterliet, hebben een diploma op zak, haar doel is bereikt. Verslag van een bewogen thuiskomst na jaren van beproevingen.

Vertrek uit Nederland

Afscheid nemen, daar heeft Lorie Matulay het niet zo op. Ook niet op deze druilerige woensdagmorgen op Schiphol als ze dan eindelijk die lang begeerde reis naar huis gaat maken. Omringd door Filipijnse vrienden en het vijfkoppige gezin uit Bussum waar ze de afgelopen elf jaar heeft schoongemaakt en voor de kinderen gezorgd, neemt de kleine Filipijnse op hoge hakken in rap tempo afscheid. Voor ieder een snelle zoen, een knuffel voor de drie blonde kinderen en dan draait ze zich om. Met ferme passen stapt ze naar de douane. Op weg naar haar geboorteland.


Het contrast met 24 jaar geleden moet groot zijn. Toen vertrok Lorie op kerstavond als een dief in de nacht. Ze had haar zoons en dochter van 10 maanden, 4 en 6 jaar oud zoals elke avond in bad gedaan en een schone pyjama aangetrokken. Zodra Jing, Louie en Bong in een diepe slaap waren, zei ze haar man gedag en vertrok met een koffer in de hand. 'Zonder één keer om te kijken.'


Die decemberavond in 1987 reisde Lorie Matulay met de bus 250 kilometer van haar woonplaats Baguio City naar de Filipijnse hoofdstad Manilla. Daar stapte ze op het vliegtuig naar Singapore. Via een Filipijns agentschap had ze een contract geregeld om twee jaar als dienstmeisje te werken in een vermogend Chinees gezin. In die 24 maanden, zo had ze berekend, zou ze 8.300 pesos (149 euro) per maand kunnen verdienen om daarmee een schuld te kunnen aflossen. Lorie en haar man hadden geld geleend van een familielid voor de medische behandeling van hun oudste zoon Freddie, die leed aan botkanker. Hij overleefde de ziekte niet. 'We werkten hard. Overdag runden we een levensmiddelenwinkeltje en stond ik op de markt als nagelstyliste. 's Avonds naaide ik thuis schooluniformen en kleding voor particulieren en werkte mijn man als schoonmaker in een hotel. Van al deze baantjes konden we net rondkomen. De enige mogelijkheid die we zagen om onze schuld af te lossen, was werken in Singapore. Als vrouw kun je daar makkelijk een baan vinden in de huishouding en meer verdienen dan op de Filipijnen.'


En zo vertrok de 28-jarige moeder van drie jonge kinderen op die kerstavond, niet wetende dat de geplande twee jaar in het buitenland uiteindelijk 24 lange jaren vol beproevingen zouden worden. Na het eerste Chinese gezin in Singapore volgden nog vele gezinnen in Hong Kong en tot slot in Nederland. In 2010 besloot Lorie definitief terug te keren naar huis. 'Mijn vader is erg oud, ik wil graag dicht bij hem zijn. En ik ben moe, zo moe', zegt ze vlak voor haar vertrek.


Na het afscheid op Schiphol kijkt ze nog een paar keer om en zwaait naar haar vrienden. Dan gebeurt wat ze al vreesde. De douanier ziet haar lege paspoort, vraagt hoe het kan dat er geen visum in staat en stuurt haar naar de verhoorkamer. Een kwartier later swingt ze het kantoor uit. 'Ik heb verteld dat ik de afgelopen tien jaar zonder verblijfsvergunning in Nederland heb gewoond en hard heb gewerkt als huishoudelijke hulp. Ik kon uitleggen waarom mijn paspoort leeg is; vier jaar geleden ben ik in Amsterdam op straat overvallen. In mijn gestolen tas zat mijn paspoort. De aangifte van de politie had ik bij me. Zodra de marechaussee die in de computer had gecheckt, mocht ik gaan.'


Aankomst op de Filipijnen

Na een vliegreis van dertien uur voelt Lorie weer Filipijnse grond onder haar voeten. De ogen in haar vermoeide gelaat stralen. Bij de bagageband op het vliegveld van Manilla drommen honderden Fililpino's samen. Het blijken arbeidsmigranten uit Bahrein, Saoedi-Arabi¿, Hongkong, Singapore en Europa te zijn die een paar weken vakantie hebben in eigen land. 'Hier zie je wat mijn land doet: het exporteert zijn mensen.' Rond tien miljoen landgenoten van Lorie werken verspreid over de hele wereld als arbeidsmigrant, eentiende van de bevolking. Deze uittocht voor een beter leven verscheurt families, daar weet Lorie alles van. Als ze straks thuiskomst, wacht er nog één kind op haar, haar jongste zoon Bong (24) die een baby was toen ze vertrok. Haar dochter Jing (30) heeft ook gekozen voor een bestaan over de grens, omdat ze in het door corruptie en vriendjespolitiek geregeerde land ondanks haar universitaire diploma niet aan de bak kwam. Terug naar haar echtgenoot wil Lorie om veel redenen niet. 'Weer thuis ga ik mij inzetten om de uittocht te keren. Het leven als arbeidsmigrant is hard en eenzaam.'


Bij het verlaten van het vliegveld kijkt Lorie ingespannen om zich heen. Dan slaakt ze een kreet: 'Daar staan ze: mijn zoon Bong, mijn broers Marvin en Jimmy en mijn nicht Gloria! Vijf stralende familieleden omhelzen elkaar. Samen hebben ze een autorit van tien uur voor de boeg. De praatgrage Lorie vraagt haar familieleden het hemd van het lijf. Tot haar grote verrassing blijkt het haar oudere broer Jimmy zo goed te gaan dat hij een auto heeft kunnen kopen. 'Een tweedehands uit 1995', relativeert hij. Jimmy is er altijd op tegen geweest dat Lorie in het buitenland ging werken. 'Het is beter je eigen land op te bouwen dan een ander land vooruit te helpen', legt hij uit. Jimmy is leraar elektrotechniek en hoofd van een middelbare school. Hij is het levende bewijs dat onderwijs de weg is naar een beter bestaan, zegt Lorie. 'Jimmy is de enige uit onze familie die na de middelbare school heeft gestudeerd. Van al mijn tien broers en zussen heeft hij het grootste huis', lacht ze.


Zoon Bong is zwijgzaam en lacht verlegen als zijn moeder hem met grapjes uit zijn tent probeert te lokken. Later zal hij vertellen dat hij gespannen was bij het weerzien. 'Ik ben opgevoed door mijn tante. Haar noem ik mamma. Zij betekent veel voor mij. Maar Lorie is ook mijn moeder want zij heeft mij gebaard. We zullen elkaar de komende tijd moeten leren kennen. Ik zie dat ze een sterk karakter heeft. Zelf ben ik ingetogen, net als mijn vader. Ik heb respect voor wat ze voor ons heeft gedaan.'


Rond lunchtijd stopt de auto voor restaurant Max, een Aziatische variant van Kentucky Fried Chicken. Lorie bestelt voor het hele gezelschap geroosterde kip, gewokte groenten en rijst. Bij het dessert - in pandan en slagroom gewelde stukjes kokos - roept ze uit: 'Buko pandan! Ons eten heb ik zó gemist.'


Tijdens het vervolg van de rit langs rijstvelden, dorpen en stadjes verbaast ze zich hardop over de vooruitgang die ze bespeurt. 'Meer mensen hebben een eigen auto, want het is veel drukker op de weg. De winkeltjes zijn minder primitief, ik zie meer luxe gebouwen en het wegdek is beter. '


Het is aardedonker als ze tegen acht uur 's avonds aankomt op de eindbestemming Baguio City, een middelgrote stad in het subtropische noorden die zich uitstrekt over tal van heuvels. De auto stopt naast een garagebedrijf. Zoon Bong wijst haar op de smalle steeg de heuvel op; de weg naar haar nieuwe huis. Na honderd meter klimmen over betonnen traptreden en rotsblokken, stopt ze en hijgt: 'Nóg verder?' Na zo'n vierhonderd meter staat ze oog in oog met het van haar eigen spaargeld gekochte, grotendeels uit golfplaten opgetrokken huis. Voor de deur wacht haar 88-jarige vader haar op. Een slanke man met een gelooide huid en pretlichtjes in zijn ogen. Vader en dochter houden elkaar lang vast. 'Hij verlangt al zo lang naar mijn thuiskomst. Voor hem ben ik teruggekomen.'


Binnen wachten nog negen familieleden haar op. 'Welcome home Lorie, we love you', staat in grote papieren letters op de muur. Langs alle wanden hangen gebloemde gordijnen, gemaakt door haar jongste zus. Het huis is ingericht met een bruin bankstel, kamerplanten, een keuken met een gloednieuw fornuis en dito koelkast, op tienduizend kilometer afstand uitgekozen door Lorie. Zoon Bong en nicht Gloria hebben de afgelopen twee weken hard gewerkt om met haar aanwijzingen de boel op orde te maken.


Lorie inspecteert elke vierkante meter. Ze blijft lang boven om te fantaseren hoe ze haar huis verder zal inrichten. 'Het is veel groter dan ik had gedacht.' Ze wil een raam openzetten voor frisse lucht. 'Niet doen', zegt Bong, 'In de avond komen muskieten.' O ja.


Vanuit de woonkamer klinkt een ongeduldige lokroep van familieleden: 'Lorie, kom nou naar beneden!' Na een uur chaotisch bijpraten zegt Lorie dat ze uitgeput is van de reis. Ze trekt zich terug om boven op een matje op de vloer te gaan slapen. 'Dit is thuiskomen: slapen op de grond is onze cultuur.' Beneden zoeken haar familieleden een slaapplaats op de keukenvloer, de bank, onder de tafel en op houten stoelen.


Hernieuwde kennismaking

Lorie gaat flink inslaan in een Chinees warenhuis. Prioriteit heeft een kaptafel. Met haar gelakte hand- en teennagels, rood gestifte lippen, fleurige sjaals en gehakte schoenen steekt zij mondain af tegen haar familieleden, van rijp tot groen. Ze weet 10 procent af te dingen van een eikenhouten exemplaar van 4.000 pesos (71 euro).


Een verdieping lager scoort ze in een mum van tijd een waterkoker, thermoskan, een broodrooster en een zwabber. De inkopen voor de familiereünie op oudjaarsavond gaan minder voortvarend. Het is dringen in de overvolle supermarkt en de cassières slagen er niet in de sliert overvolle winkelwagens vlot weg te werken. Lorie zegt zich bij de schappen met mihoen en mayonaise amper te kunnen bedwingen haar ellebogen te gebruiken.


In de rij voor de kassa wordt haar Europese ongeduld op de proef gesteld, bij de veiligheidscontroles na het afrekenen springt ze bijna uit haar vel. 'Ik moet opnieuw leren hier te leven. Alles gaat zó traag.'


Tijdens het avondeten neemt Lorie met haar familieleden door hoeveel kinderen elke broer en zus heeft en of ze een beetje goed zijn terechtgekomen. Heeft Joe élf kinderen? Ze hoort dat de 23-jarige zoon van haar oudste broer Marvin is gestopt met zijn opleiding tot onderwijzer. 'Staat hij buiten? Laat hem binnenkomen.'


De jongen beantwoordt geluidloos en met een gebogen hoofd de vragen van zijn tante. 'Ben je getrouwd?' Zijn hoofd schudt van ja. 'Je hebt toch nog geen kinderen?!' Hij knikt weer. Streng: 'Ik heb een voorstel. Jij helpt bij het verbeteren van mijn huis en in ruil daarvoor betaal ik jouw schoolgeld zodat je je opleiding alsnog kunt afmaken.'


Zelf stopte Lorie als 15-jarige voortijdig met haar middelbare school en dat heeft ze geweten. 'Zonder diploma kom je niet verder dan de slechtst betaalde baantjes.' Daarom was ze er zo op gebrand dat haar eigen kinderen zouden doorleren na de middelbare school.


Dat was ook de belangrijkste reden om langer in het buitenland te blijven werken dan gepland. Want zonder haar inkomsten was de school onbetaalbaar geweest.


Toen haar jongste zoon Bong vorig jaar als laatste was afgestudeerd aan de hotelmanagementschool en een baan vond in een internetcafé, was voor Lorie de weg vrij om terug te keren naar huis.


Ze heeft niet alleen haar kinderen financieel gesteund. Ze investeerde in een naaiatelier voor twee zussen en kocht en een taxi voor een broer. Van de opbrengst van de taxi krijgt ze 500 pesos (9 euro) per werkdag. Ook gaf ze een maandelijks bedrag aan een zus die missionaris is en aan haar nicht Gloria die haar financiën regelde.


Boven staat een gift voor iedereen. Vijf grote kartonnen dozen vol tweedehandskleding die ze vanuit Nederland heeft laten verschepen. Na het avondeten worden ze naar beneden gesjouwd en stort jong en oud zich op de berg textiel. Haar oudste broer Marvin valt op een oranje fluorescerend stakingsvest van de FNV, waar hij dagenlang in zal blijven rondlopen.


Het vest heeft Lorie gedragen tijdens de wekenlange stakingsacties van schoonmakers. In Nederland heeft ze zich als voorzitter van Trusted, een vakbond voor ongedocumenteerde schoonmakers, hard gemaakt voor erkenning en betere arbeidsomstandigheden voor haar collega's. Ze werd actief na de moord op haar zoon Louie in 2006. 'Daarna wilde ik meer waarde geven aan mijn leven in Europa dan alleen geld verdienen.'


Het familieberaad - 31 december

Om 5 uur in de ochtend gaat de wekker. Een neef pikt Lorie en haar oudste broer Marvin op in zijn Jeepney (kleurrijk taxibusje) voor een tocht van drie uur naar haar geboortedorp in de bergen. Een plek waar ze 24 jaar geleden voor het laatst is geweest. Haar vader en twee broers wonen en werken er nog als boer.


Het laatste deel van de reis gaat over onverharde hobbelige wegen. Een kersverse brug is gebouwd naast een ingestort exemplaar; het werk van een verwoestende tyfoon een jaar geleden. Het berglandschap met zijn rijstvelden is adembenemend. In de nabijheid van Lories geboortegrond sluit broer Jimmy zich bij het reisgezelschap aan. De Jeepney stopt. Lorie stapt uit en loopt het slingerende paadje op dat over berghellingen naar haar geboortehuis leidt. Na een paar honderd meter staat ze stil, laat de berglucht door haar longen stromen, spreidt haar armen en roept uit: 'Ik ben gelukkig. Nu weet ik zeker dat het een goed besluit is geweest terug te keren.


Voortzwoegend bereikt ze een heuveltop, waar twee mannen op een enorme kei in de brandende zon zitten. Het blijken haar broer Joe en zijn zoon te zijn. De mannen verroeren zich niet als ze hun stadse zus zien. Lorie lacht de ongemakkelijke situatie weg: 'Ik heb gehoord dat je elf kinderen hebt Joe, is dat waar je al die jaren zo druk mee bent geweest?'


Hoe kinderrijk haar familie is blijkt 's avonds als ruim zestig nakomelingen en de aanhang van vader Matulay samenkomen bij Lories huis om oudjaarsavond te vieren. Veel jonge moeders die de tienerleeftijd amper zijn ontgroeid. Er wordt gegeten, gedanst, gelachen en gepraat. Bijna iedereen is gekomen. Haar twee oudste zussen, onder wie de vrouw die Lories zoon Bong heeft opgevoed, ontbreken.


Lorie loopt nerveus rond. Tegen half 11 blijkt waarom. Ze vraagt al haar familieleden om stilte. Haar vader nodigt ze uit naast haar te komen zitten. Lorie pakt zijn hand en haalt diep adem. Ge¿motioneerd vertelt ze in de streektaal waarom ze niet is teruggekeerd naar haar echtgenoot, maar heeft besloten alleen in dit huis te gaan wonen. Ze vertelt hoe moeizaam haar huwelijk al vanaf het prille begin was. Over het ontbreken van zijn steun tijdens haar eenzame jaren in het buitenland, waarin ze werd verscheurd tussen heimwee naar haar kinderen en het gevoel geen andere keus te hebben dan - voor hun toekomst - te sloven in rijke gezinnen over de grens. Ze vertelt ook over die traumatische thuiskomst na de eerste twee jaar Singapore: het geld dat ze naar haar man had gestuurd, bleek in rook te zijn opgegaan. De schulden waren niet afgelost, maar verdrievoudigd. Na een ruzie daarover besloot ze weer naar Singapore te gaan in een tweede poging met een baan als dienstmeisje de schulden af te lossen. Haar zuurverdiende maandsalaris stuurde ze voortaan naar haar nicht Gloria, in wie ze veel vertrouwen had. Zij verdeelde het maandelijks toegestuurde geld over haar kinderen, de schuldeiser en haar man. 'Ik heb hem al die jaren financieel gesteund om te voorkomen dat onze kinderen de dupe zouden worden van ons conflict.' Maar de liefde, die is weg. 'Hij heeft mij nooit gesteund. Als we belden, klaagde hij alleen over zijn zware leven en geldgebrek, nooit vroeg hij: wanneer kom je thuis?' Sinds de moord op hun zoon vijf jaar geleden hebben Joseph en zij helemaal geen contact meer.


Lorie weet dat haar familie gesteld is op haar man en hoopt dat de twee elkaar weer zullen vinden. Zoon Bong zegt pas rust te hebben als zijn ouders weer bij elkaar zijn. Maar Lories besluit staat vast. En wat ze haar familie op oudjaarsavond vraagt, is begrip en acceptatie. Eerst vraagt ze haar vader zich uit te spreken, dan haar zoon. De introverte Bong maakt met gebroken stem duidelijk grote moeite te hebben met zijn moeders besluit. Hij wil dat zij de vader aan wie hij zo gehecht is nog een kans geeft. 'Hij is een goed mens.' Na een kalm beraad van een half uur kapt zus de missionaris de discussie af. Ze preekt: 'In de bijbel staat dat wie God als man en vrouw samenbrengt, niet van elkaar kunnen worden gescheiden. God zal beslissen wat de toekomst Lorie en haar man brengt.' Lorie roept al haar broers en zussen één voor één bij zich en overhandigt ieder een envelop. 'Voor elk gezin 1.000 pesos en dit is het laatste wat ik geef.'


Het vuurwerk barst los, een compleet gerookt varken wordt in het midden van de kring opgediend en met een hakbijl ontleed en verorberd.


De verloren zoon

Lorie had deze dag het graf van haar in 2006 vermoorde zoon Louie willen bezoeken. Maar ze gaat niet. Op dringend verzoek van Bong stelt ze het uit. Haar echtgenoot woont honderd meter van de begraafplaats. Ze kan het niet maken aan zijn huis voorbij te gaan, wetende dat haar man op haar wacht, vindt Bong.


Haar zoon gaat in haar plaats. Zijn vader woont een half uur rijden bij zijn moeder vandaan. Het van golfplaten gebouwde huis kijkt uit op een groene vallei. Bong begroet zijn vader Joseph en geeft hem het horloge dat Lorie voor hem uit Nederland heeft meegenomen. Terwijl Joseph het pakje op zijn eenpersoons bed legt, verontschuldigt hij zich voor zijn eenvoudige woning. Een kamer is volgestouwd met plastic flessen. Joseph vertelt dat hij elke werkdag in de vroege ochtend naar het centrum reist om werk te zoeken in de bouw. Op dagen dat het niet lukt, verzamelt hij plastic afval. 'Dat is nou zijn leven', zegt Lorie als ze later die dag zal horen hoe haar man zijn dagelijks brood verdient.


Joseph zegt maar één probleem te hebben. 'En dat is dat mijn vrouw niet meer van mij houdt. Ik begrijp het en accepteer het.' Hij staat op en stelt voor naar het graf van Louie te gaan. Via een glibberig paadje daalt hij af naar een wildbegroeid veldje vol witte betonnen graftombes. 23 jaar was Louie toen hij op een avond in maart bijna zes jaar geleden na een ruzie dronken het huis van zijn vader verliet. Een paar uur later stond de politie voor de deur. Hij was neergestoken door bendeleden die Baguio City 's nachts onveilig maken.


De moord was een schok voor de familie en dreef Lorie op tienduizend kilometer afstand tot wanhoop. Niet alleen was er het verdriet om een verloren zoon, maar ook het dilemma om wel of niet terug te gaan naar de Filipijnen om haar zoon te begraven. Vanwege haar illegale verblijf in Nederland zou ze na vertrek dan niet meer terug kunnen. 'Dit is het zwaarste moment in mijn leven geweest. Terugkeer zou betekenen dat ik de studie van mijn twee overige kinderen niet meer zou kunnen financieren, dan zou mijn opoffering voor niets zijn geweest.' Ze bleef.


In de avond gaat haar mobiele telefoon. Het is de jongste dochter van het Bussumse gezin. 'Hoe gaat het met jou? Ik hou van jou lieverd en gelukkig Nieuwjaar.'


Toekomstplannen

Lorie ontbijt in haar rode badjas. 'Dat heb ik 24 jaar niet gedaan. Ik zorgde er altijd voor dat ik als eerste opstond en was aangekleed. Ik at apart. Dat is zo gegroeid door het eerste, Chinese gezin in Singapore. Daar mocht ik nooit in de huiskamer komen, behalve om thee te serveren als het echtpaar tot diep in de nacht majong speelde met vrienden.' Het waren haar eenzaamste jaren. 'Ik overwoog in die tijd een einde aan mijn leven te maken. Maar ik ontdekte God, mijn geloof gaf mij kracht door te gaan.' Ze haalt vaak de bijbeltekst Kolossenzen 3 vers 23 aan: 'Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is en niet voor de mensen.'


Van een onderdanig dienstmeisje dat alles deed wat er van haar werd gevraagd, veranderde Lorie in de loop der jaren in een zelfbewuste vrouw. Vooral door de invloed van het geëmancipeerde Zweedse en Nederlandse gezin waarvoor ze werkte. De Zweden in Singapore behandeIden haar als een gezinslid. Ze kreeg voor het eerst privacy; mocht een bijbelstudie volgen, naar een dansgroep, kreeg Filipijnse vriendinnen. Met het Nederlandse echtpaar waarvoor ze in Hongkong ging werken en met wie ze mee verhuisde naar Nederland, werd ze goede vrienden.


Lorie vertelt in al die jaren zelfbewuster te zijn geworden. 'In Europa heb ik geleerd op te komen voor mijn rechten als werknemer. En als vrouw. Als een huwelijksrelatie niet goed voor je is, als je wordt behandeld als een slaaf en van liefde geen sprake is, dan mag je die relatie verbreken.'


Ze heeft grootste plannen. Ze wil een voorlichtingscentrum oprichten voor landgenoten die van plan zijn in het buitenland te werken om aan de armoede te ontsnappen. 'Ik wil hen waarschuwen voor wat hun te wachten staat, zodat ze hun plan heroverwegen. Wie toch gaat, wil ik goed inlichten over de situatie in verschillende landen. Over de verdiensten, de gevaren van uitbuiting, de sociale rechten, waar wel en geen mogelijkheden zijn om met een werkvergunning aan de slag te gaan. De agentschappen hier vertellen daar niets over.' Maar ook wil ze de positie van werksters in haar eigen land verbeteren. Ze heeft al een afspraak. Met de 18-jarige dochter van haar oudste broer Marvin. Op oudjaarsavond vertelde het meisje dat ze voor de kinderen en het huis zorgt van een echtpaar dat in Hongkong werkt. Ze verdient 2.500 pesos (48 euro) per maand. 'Ik ga haar leren onderhandelen voor een beter salaris.'


Het wordt stil in haar nieuwe huis op de helling. Al haar familieleden zijn aan het werk of naar school. Alleen zoon Bong is er nog. Hij gaat eind van de week weer aan de slag. 'Oh Bong, je laat me niet alleen hè, je komt toch wel vaak langs?'


1959Geboren in Lasilas Kibungan Benguet, Filipijnen


1974Verlaat voortijdig de Highschool


1978 Trouwt met Joseph


1980-1987Geboorte drie zoons en een dochter


1987 Oudste zoon Freddie sterft aan botkanker, vertrek naar Singapore


1989 Naar huis, twee maanden later ongepland terug naar Singapore


1990-1993Werken en wonen bij Zweeds gezin in Singapore


1993-2002 Werken en wonen bij Chinees, Brits, Bulgaars en Nederlands gezin in Hongkong


2002 Laatste bezoek aan familie in Filipijnen


2002Met Nederlands gezin van Hongkong mee naar Nederland


2003 Dochter Jing studeert af aan universiteit.


2006 Eigen woning, geregeld door werkgever.


2006 Zoon Louie (23) vermoord.


2006 Wordt actief in campagne vakbond voor betere arbeidsomstandigheden illegale migrantenvrouwen in huishouding.


2009 Clara Wichmannprijs van de Liga voor de rechten van de mens voor haar inzet voor huishoudelijke hulpen.


2010 Zoon Bong studeert af aan Hotelschool en vindt baan in internetcafé.


28 december 2011 Definitief terug naar de Filipijnen.


Lorie Matulay


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden