Loopt alleen de snelste zonder dope?

Het bedrog van de sprinters Asafa Powell en Tyson Gay bevestigt de beschamende reputatie van de sprint. Hoe harder Usain Bolt loopt, hoe meer vraagtekens bij zijn prestaties.

Is Usain Bolt wel schoon? Of is zijn positie te vergelijken met die van Lance Armstrong, die lange tijd volhield geen verboden middelen te gebruiken terwijl zijn concurrenten werden betrapt?


De positieve tests van de topsprinters Asafa Powell en Tyson Gay, afgelopen weekeinde, zijn funest voor het vertrouwen in de atletiek. Het bedrog van de voormalige wereldrecordhouder uit Jamaica en de Amerikaanse nationaal recordhouder raakt de sport meer dan de tientallen Turkse en Russische atleten die de voorbije maanden verwikkeld zijn geraakt in dopingaffaires.


Powell en Gay hebben de argeloze atletiekliefhebber weer eens geattendeerd op de beschamende reputatie van de sprint. Zeven van de tien snelste mannen aller tijden hebben positief getest op doping, twee worden verdacht van vals spel. Zou alleen de allersnelste, Usain Bolt, records lopen zonder verboden middelen?


Het structurele bedrog uit de wielersport versterkt de verdenkingen tegen de topsprinters. Vooral omdat Powell en Gay geen eenlingen zijn. Zowel in Jamaica als Amerika zijn de afgelopen jaren topsprinters betrapt op doping, onder wie olympisch kampioenen als Veronica Campbell-Brown, Shelly-Ann Fraser-Pryce en Justin Gatlin.


Er lijkt weinig verbeterd sinds het Amerikaanse Balco-schandaal, dat tien jaar geleden aan het rollen werd gebracht door justitie en het antidopingbureau Usada. Hun onderzoeken legden dopingfraude bloot bij vooraanstaande atleten als Marion Jones, Tim Montgomery en Dwain Chambers. Ook minder bekende atleten werden betrapt.


Het was allerminst het eerste dopingschandaal in de Amerikaanse sprint. Zelfs sprintlegende Carl Lewis heeft bekend dat hij 25 jaar geleden niet had mogen meedoen aan de Olympische Spelen, vanwege drie positieve tests tijdens de Amerikaanse selectiewedstrijden. Er zouden tientallen testuitslagen zijn weggemoffeld door het Amerikaanse olympisch comité. Lewis kreeg in 1988 de gouden medaille op de 100 meter nadat Ben Johnson was betrapt op doping.


Zijn de huidige dopingproblemen in Jamaica en Amerika net zo structureel als in de wielersport en ten tijde van de Balco-zaak? Het ligt voor de hand om te denken van wel. Dopingtests hebben veel weg van IQ-tests, zo is gebleken uit de getuigenissen in de zaak-Armstrong. Het misleiden van dopingcontroleurs is een kwestie van slimheid: Jones en Armstrong werden ondanks honderden controles nooit positief bevonden.


De pakkans is zo klein dat een positieve test al snel tot de veronderstelling leidt dat er meer aan de hand moet zijn. Slechts het topje van ijsberg wordt blootgelegd. Die gedachte wint aan kracht als betrapte sporters een coach delen of behoren tot eenzelfde trainingsgroep, zoals nu op Jamaica het geval is. Alle prestaties, luidt al snel de conclusie, zijn met behulp van doping tot stand gekomen.


Zou het? Zouden Powell, Gay, Fraser-Pryce en Campbell-Brown hun carrière op bedrog hebben gebouwd, zoals de beste ronderenners uit het recente verleden? Of is het ook mogelijk dat de positieve tests op zichzelf staan?


Powell, Gay en Campbell-Brown zeggen dat ze niet met opzet hebben vals gespeeld. Het is ze overkomen, beweren ze. Gay zegt dat zijn vertrouwen is beschaamd door een niet nader genoemde persoon. Powell claimt dat het verboden middel in een voedingssupplement heeft gezeten. Campbell-Brown verwijst naar een crème waarmee ze een blessure behandelde.


Ook bij eerdere Jamaicaanse dopinggevallen is een excuus aangevoerd. Olympisch kampioene Fraser-Pryce zou in 2009 een verboden pijnstiller hebben gekregen tegen kies-pijn. Wereldkampioen 100 meter Yohan Blake zou in datzelfde jaar een middel hebben ingenomen dat niet verboden was, maar de structuur van een verboden middel had.


Hun verweer werd door de Jamaicaanse tuchtrechters geloofd. De sprinters kregen lichte straffen (zes en drie maanden), ook al is de grondregel van de dopingbestrijding dat elke sporter zelf verantwoordelijk is voor de stoffen die in zijn lichaam worden aangetroffen.


Op Jamaica is het standaardexcuus voor doping, kortom, pech. Maar hoeveel pech is geloofwaardig, gezien het naar verluidt lage aantal out-of-competitioncontroles op het eiland?


Powell en zijn clubgenoten hebben, voor zover nu bekend, geen gebruikgemaakt van zware dopingmiddelen als anabole steroïden of designerdrugs zoals in de Balco-affaire. De stof waarop Powell en mogelijk twee andere olympisch kampioenen (Nesta Carter, Sherone Simpson) positief hebben getest (oxilofrine), zou voorkomen in vervuilde voedingssupplementen.


Powells club MVP zou sinds mei samenwerken met een nieuwe medewerker, de Canadees Christopher Xuereb. Die zou de sprinters hebben voorzien van het supplement. Hij werd maandag verhoord door justitie in Italië, waar hij met Powell verbleef.


Het verweer van de Jamaicaanse vedetten zal van invloed zijn op de straf die ze krijgen. Maar hun geloofwaardigheid krijgen ze minder gemakkelijk terug dan Fraser-Pryce en Blake in 2009. Ze hebben de cijfers tegen. De frequentie van de positieve tests dreigt de Jamaicanen net zo'n slechte naam te geven als de Amerikanen, ook al zijn hun vergrijpen wellicht minder ernstig.


Zelfs Bolt kan daar weinig aan doen. Hoe sneller hij rent, hoe verdachter de prestatie wordt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden