Loon naar werken twijfelachtige zaak

Vorige week liet ik de partij zien die Harm Wiersma, de grote afwezige bij het toernooi om het WK 2000 dat vandaag in Moskou van start gaat, in de clubcompetitie van Johan Wiering won....

Het feit dat de oud-wereldkampioen tegen Wiering wèl lukte wat hem in scherper en ambitieuzer opgezette duels nìet lukte, doet de vraag rijzen of het wel klopt wat veel mensen denken, namelijk dat je om in het hedendaagse dammen succes te hebben, zo gecompliceerd en riskant mogelijk dient te spelen.

Op grond van Wiersma's partijen in de lopende competitie zou men wel eens tot een diametraal tegenovergestelde conclusie kunnen komen...

Ook mijn eigen wedervaren in het bijna beëindigde seizoen (er staat ons nog één, overigens ongekend spannende ronde te wachten) wakkert die onzekerheid aan. Van de vijf overwinningen die ik boekte, kwamen er drie à vier, waaronder die op de Wit-Rus Sjatsov, op betrekkelijk simpele wijze tot stand. In partijen daarentegen waarin ik mij bij wijze spreken de longen uit het lijf speelde (zoals tegen Arjan van den Berg), bleef ik vrijwel zonder uitzondering op remise steken!

Mijn allengs toenemende twijfel of er überhaupt wel zoiets als 'loon naar werken' bestaat, kan ik misschien het beste illustreren aan de hand van mijn ervaringen met de 1.31-26 opening. Daartoe neem ik de lezer mee naar de stand na 1...18-23 2.36-31 12-18 3.41-36 7-12 4.46-41 2-7 5.31-27 20-24.

Al decennia lang vind ik dat in deze stelling wits kansrijkste voortzetting uit 6.34-29!? 23x34 7.40x20 15x24 8.27-21!? 16x27 9.32x21 bestaat; dit met het oog op de specifieke structuur van de zwarte rechter vleugel, waar schijf 2 ontbreekt. Maar toen ik de bedoelde positie najaar 1986 in een trainingspartij tegen de sterke Ivoriaan Maxime Kouamé daadwerkelijk op het bord kreeg, durfde ik die manoeuvre niet aan en koos voor het door de theorie aanbevolen 6.36-31.

Het verbijsterende nu was dat ik al vóór de twintigste zet op winst kwam te staan; het hele duel zou nog geen 35 zetten vergen! Toegegeven: Kouamé maakte destijds voor het eerst in zijn leven kennis met de Europese winter en sliep, ter bestrijding van de kou, met drie truien over elkaar aan, maar toch.

Maar vorige week zaterdag, toen ik in de competitiepartij tegen Carlo van den Hurk mijn schroom overboord zette en wèl 6.34-29 annex 8.27-21 speelde, liepen de zaken danig uit de hand. Ik zou de partij (waarover later dit jaar méér) waarschijnlijk op de klok, en mogelijk zelfs gewoon op het bord, verloren hebben wanneer mijn tegenstander op de 40e zet niet een remiseaanbod had gedaan dat ik even wijselijk als dankbaar accepteerde...

Terug weer naar Wiersma. Als voorbeelden van met dynamiet geladen partijen noemde ik zijn ontmoetingen met Gerrit Boom (Vorden) en de voor Geleen uitkomende Rus Kalmakov. Aan die partijen hield Wiersma in totaal twee punten over. Maar het scheelde waarlijk niet veel of het was in geen van beide gevallen remise geworden: tegen Boom miste Wiersma de winst, terwijl hij van Kalmakov juist had kunnen verliezen...

Wiersma-Boom

(Clubcompetitie 2000/2001)

1.33-28 18-23 2.39-33 12-18 3.44-39 7-12 4.31-27 20-24 5.37-31 14-20 6.27-22 18x27 7.31x22 24-29 8.33x24 20x29 9.34-30 17-21 10.41-37 12-18 11.50-44 18x27 12.37-31 1-7 13.31x22 10-14 14.46-41 21-26 15.41-37 8-12 16.30-25 2-8 17.39-34 16-21 18.35-30 11-16 19.43-39 14-20 20.25x14 19x10 21.28x19 13x35 22.34x23 9-13 23.38-33 7-11 24.33-28 4-9 25.49-43 10-14 26.43-38 14-19 27.23x14 9x20 28.40-34 5-10 29.45-40 10-14 30.28-23 20-25 31.32-28 13-19 32.38-33 15-20 33.42-38 11-17 34.22x11 6x17 35.36-31 8-13 36.47-42 20-24 37.38-32 24-29 38.33x24 19x30 39.42-38 3-9 40.31-27 13-19 41.38-33 9-13

Zie diagram 1

42.33-29?

Door de wending 44.37-31! + in de stand te vlechten, schakelt Wiersma terugruiltjes als 12-18x8 of 14-20x9 uit. De tekstzet levert echter niet meer dan een remise-eindspel op. Daarentegen had wit na 42.48-43! 14-20 43.23x14 20x9 44.33-29 12-18* 45.29-23! 18x29 46.34x23 groot, vermoedelijk beslissend voordeel gehad. En misschien is in plaats van 44.33-29 het temporiserende 44.43-38! 9-14* 45.33-29 nog sterker. Bijvoorbeeld 45...14-20 46.29-23(!!) en zowel na 46...13-19 47.23x14 20x9 48.38-33 enz. als na 46...12-18 47.23x12 17x8 48.38-33 enz. lijkt zwart, mede als gevolg van zijn grote ontwikkelingsvoorsprong (10 tempi), in onoverkomelijke problemen te verkeren!

42...13-18 43.48-42 17-22 44.28x8 19x28 45.32x12 21x41 46.42-37 41x32

Hoewel hij bijna twee dammen heeft, kan wit nu niet meer winnen - daarvoor is zijn rechter vleugel te kwetsbaar. In de hectische tijdnoodfase zal hij echter nog een herkansing krijgen:

47.29-23? (laat onnodig het sterke 47...32-38! toe) 47...32-37? 48.8-2 37-42?? 49.12-7?? (beide spelers overzien dat wit met 49.39-33! alsnog kon winnen) 49...42-47 50.7-1 26-31 51.1-6 31-37 52.2-19 37-42

Remise.

Wiersma-Kalmakov

(Clubcompetitie 2000/2001)

1.33-29 19-23 2.35-30 20-25 3.40-35 14-20 4.38-33 10-14 5.42-38 5-10 6.30-24 17-22 7.45-40 11-17 8.32-28 23x32 9.37x28 14-19 10.41-37 19x30 11.35x24 6-11 12.31-26

Ook hier een decorwisseling die de partij een heel ander aanzien geeft.

12...10-14 13.46-41 14-19 14.37-32 19x30 15.26-21 16x27 16.32x21 17x26 17.28x6 30-35 18.41-37 9-14 19.33-28 3-9 20.36-31 20-24 21.29x20 15x24 22.38-32 4-10 23.31-27 10-15 24.43-38 13-19 25.38-33 8-13 26.49-43 18-23 27.43-38 13-18 28.48-43 14-20 29.50-45 24-30

Zie diagram 2

30.34-29? 23x34 31.40x29 19-23! 32.28x19 9-13!!

Een hoogst onaangename verrassing. De witspeler zal uitsluitend naar 32...20-24 of 32...18-22 hebben gekeken.

33.19x17 18-23 34.29x18 7-12 35.18x7 2x42 36.33-29

De enige tegenkans.

36...42x24 37.32-28 24-29 38.28-22 20-24 39.22-18 29-34 40.18-12(!) 24-29 41.47-42(!)

Wiersma verkoopt zijn huid zo duur mogelijk. Toch had de tekstzet hem niet meer kunnen redden wanneer Kalmakov nu 41...26-31! had ingelast. Op 42.12-8 is 42...29-33 en 43...34-40 enz. dan wèl winnend. En na 42.42-38 31-36 43.12-8 36-41 44.8-2 41-46 45.39-33 15-20!! 46.33x15 34-40 47.45x34 30x50 staat zwart eveneens op winst, zelfs wanneer het 5x5 dammeneindspel via 48.2-11 46-28 49.11x33 50x28 50.43-39 28x44 51.15-10 35-40 enz. tot een 4x3 zou worden gereduceerd.

41...29-33? 42.39x28 34-40 43.45x34 30x37 44.28-22! 37-41 45.12-7! 1x12 46.6-1 41-47 47.1x23 47-33 48.22-18 33x50 49.18-13 50-22 50.13-8 15-20 51.8-3 20-24 52.23-45 22-17 53.3x21 26x17 54.45-50! 17-21 55.50-33! 24-30 56.33-29!

Remise.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden