Lof van het geheugen

Een gebeurtenis is op zichzelf nog niets. Een gebeurtenis die heeft plaatsgevonden, dat begint al ergens op te lijken. Maar de overtreffende trap is een gebeurtenis die voltooid verleden tijd is en waar geen spoor meer van resteert....

Arjan Peters

Dan heb je iets waar je mee kunt werken. Neem de waterstanden. In de theatervoorstelling De laatste lach, net op dvd verschenen (Rubinstein), blikt Freek de Jonge als oude komiek terug op de radio van vroeger. Dat hield in: de hele nacht géén radio, want die lag stil tussen twaalf en acht, daarna ook geen reclame (er bestonden toen nog geen producten ‘die de moeite van het aanprijzen waard waren’), en om half tien waren er de waterstanden. Het raadselachtigste programma ooit uitgezonden.

‘Dan zei een aankondiger: dan nu de waterstanden van hedenmorgen negen uur dertig. En dan bleef het heel lang stil. In paniek greep je dan de handen van je familieleden, waardoor het een beetje een spiritistische séance begon te lijken. En dan zei die stem na enige tijd: Koblenz.’

Dan probeerde de kleine Freek te bedenken waar dat ergens op de kaart van Europa lag. ‘Zo hebben wij aardrijkskunde geleerd.’ En dan zei die stem: Vierhonderdvijftig plus vijf. Waarop Freek juichte: dat is vierhonderdvijfenvijftig! ‘Zo hebben wij hoofdrekenen geleerd.’ En in onze fantasie, blikt Freek terug, ‘verplaatsten wij ons naar het centrum van Koblenz om te zien wat die cijfers teweeg hadden gebracht bij de plaatselijke bevolking.’

Zo is zijn fantasie geprikkeld. Het programma eindigde altijd met: Grave beneden de Sluis. ‘Dan zei mijn vader altijd: Ja, dat komt ervan.’ En zo heeft hij, ten slotte, zijn gevoel voor humor ontwikkeld. ‘Dankzij de waterstanden’, zegt Freek, en dat is bijna goed. Want hij bedoelt: dankzij het feit dat ik mij de waterstanden herinner.

U vindt nu dat ik zeur, maar zo subtiel ligt het. In een wetenschappelijk verantwoorde editie van The Wind in the Willows (Belknap Press), het kinderboek van Kenneth Grahame dat een eeuw bestaat, las ik onlangs dat de zomerse avonturen van Rat, Mol, Das en Pad tal van verwijzingen bevatten naar romantische dichters en denkers.

Maar mijn grootste ontdekking was deze: midden in de zomer herinneren Mol en Rat zich hoe ze ooit Das vonden. Dat geschiedde in een winter. Ze raakten de weg kwijt in het wilde woud, en toen ging het ook nog sneeuwen. Alles was anders geworden. Wadend door hopen sneeuw stonden ze in het maanlicht zowaar ineens voor het huis van Das.

Sneeuw die valt, is mooi. Sneeuw die al gevallen is en, vers en onbetreden, onder warm licht bekeken kan worden: nog mooier. Maar het toppunt is verdwenen sneeuw, sneeuw om in gedachten te koesteren.

De sneeuw van de zomer.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden