Loetje, de baas van het biefstukimperium

Een 'foute' moeder en een moordenaar als broer, het zat Ludwig Klinkhamer niet mee. Maar als biefstuk-bakker Loetje werd hij een succes. Hij werd 83.

Beeld RV

De kookkunst van Loetje Klinkhamer kende geen geheimen. Hij serveerde een ossenhaasbiefstuk van 200 gram, gebakken in Blue Band-margarine in een pan die niet wordt gewassen. Alleen gespoeld. Geen sausjes of kruiden. Alleen sla en frites erbij. Helemaal puur.

Ook de service en entourage deden er niet toe. Hij kon de klanten gewoon uitfoeteren. En zijn eetcafé onderscheidde zich niet van een bruine kroeg. Dat was de charme. Een gouden formule. Inmiddels zijn er twaalf Loetje-biefstukrestaurants, twee hotels en een vergaderruimte.

Op 24 februari overleed oprichter Loetje Klinkhamer door een val van de trap in een van zijn restaurants. Hij werd 83 jaar.

Beeld anp

Over zijn afkomst en geschiedenis praatte hij liever niet. Ludwig - de naam Loetje nam hij pas aan toen hij na de oorlog in Amsterdam aan de slag ging - was de oudste zoon van Jacob Klinkhamer, een groenteboer uit Midden-Beemster en zijn in Oostenrijk geboren vrouw Maria Vogelauer. Het gezin zou nog twee jongens krijgen, onder wie de roemruchte schrijver en moordenaar Richard Klinkhamer. Die werd geboren uit een buitenechtelijke relatie van Vogelauer met een veldwachter; hij overleed begin vorig jaar.

Zijn moeder zou later scheiden van zijn vader en vestigde zich met haar twee kinderen (Richard wordt naar familie in Oostenrijk gestuurd) in Amsterdam. Omdat zijn moeder zich in de oorlog met Duitse soldaten inliet, besloot Ludwig na de oorlog een streep onder het verleden te zetten en ging een nieuw leven opbouwen onder de naam Loetje.

Hij opende een slagerij aan de Elandsgracht in de Jordaan. Als je slager was, had je elke woensdag recht op een bal gehakt, zo had de oorlog hem geleerd. Richard zou later ook in de zaak komen, maar vertrok al na enige tijd en sloot zich aan bij het Franse Vreemdelingenlegioen.

Na enige tijd beviel Loetje het zware slagerswerk ook niet. 'Daar word je niet leuk oud mee', zo zei hij. Hij had geen tijd om een biljartje te leggen en te klaverjassen met zijn maten. Daarom nam hij in 1977 samen met zijn broer een café over aan de Johannes Vermeerstraat in Amsterdam-Zuid, waar drie grote biljarttafels stonden. Al gauw werd daar ook wat eten bij geserveerd: een uitsmijter, een omelet of een tosti. Maar in de buurt werkende pr- en reclamejongens wilden een volledige maaltijd. Loetje besloot biefstukken te gaan bakken. Dat was niet zo moeilijk. Mondreclame deed vervolgens z'n werk. Al begin jaren negentig kwamen er mensen van heinde en verre voor een biefstukje zonder opsmuk, van Loetje.

Zijn eetcafé droeg hij al 21 jaar geleden over aan zijn zoon Jaap Klinkhamer. Die gooide de biljarttafels eruit en maakte er een professioneel restaurant van. Later kwam ook zijn dochter erin als operationeel directeur. Inmiddels zijn er vijf Loetjes in Amsterdam en vestigingen in Overveen, Bergen, Schagen, Utrecht, Breukelen, Gorssel, Laren en, vanaf volgende maand, ook in Rotterdam. In de regionale krantencombinatie De Stentor werd Loetje 'de McDonald's van de biefstuk' genoemd.

En op de vraag of er nu haute cuisine kan worden verwacht, zei Jaap: 'Het is helemaal geen recept. Je moet een goeie pan hebben. Een heel dunne.' Loetjes eigen inbreng bleef de laatste twintig jaar beperkt tot het schoonmaken van de bar in de vroege ochtend en het opruimen van de flessen in het restaurant aan de Johannes Vermeerstraat. Vorige maand werd nog het 40-jarig jubileum gevierd. Vlak daarna kreeg Loetje het fatale ongeval. Zijn vrouw, die aan alzheimer leed, overleed al eerder.

Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden