Linkse oude rot eet liefst in Spaghetti House

Voormalig Volkskrant-journalist Fred de Vries is zijn vrouw nagereisd. Sinds december 2000 is zij ambassadeur in Asmara, Eritrea, een van de tien armste landen ter wereld....

'Jij kiest het restaurant, ik betaal', mailde ik de Amerikaanse journalist Dan Connell. 'Zeven uur bij Spaghetti House', antwoordde hij. Ik grinnikte om de keuze van deze linkse oude rot: een relatief prijzig restaurant.

Connell behoort tot het type journalisten dat je vroeger nogal eens aantrof in de Derde Wereld: idealistisch, bevlogen en verknocht aan een land waarvan ze de bevrijdingsoorlog jarenlang vanuit de revolutionaire linies mochten verslaan. Na de omwenteling gingen ze (parttime) voor de nieuwe regering werken.

Connells weerslag van zijn jaren in de bush heet Against all Odds (Red Sea Press). Het is een standaardwerk over Eritrea, dat de dertigjarige bevrijdingsoorlog (1961-1991) behandelt en eindigt met een epiloog uit 1997, een jaar voordat een nieuwe oorlog met buurland Ethiopië zou losbarsten.

De Amerikaan raakte in 1976 in Eritrea verzeild, toen hij door Afrika reisde op zoek naar de revolutie. Hij wilde het socialisme van Tanzania, de revolutie van Mozambique en de apartheid van Zuid-Afrika met elkaar vergelijken. De bureaucratieën wierpen onneembare barrières op.

Maar een alternatief diende zich aan toen bleek dat de juist geïnstalleerde marxistisch-leninistische junta van Ethiopië ook radicale taal uitkraamde. Al snel bleek echter dat woord en daad daar weinig van elkaar begrepen en dat er ook zoiets als Eritrea bestond dat al vijftien jaar voor onafhankelijkheid streed. Connell verloor zijn hart aan het gebied en zijn inwoners.

Against all Odds leest als een trein, maar is een ambigu boek. Aan de ene kant is het informatief en geeft het verhelderende inzichten in de Eritrese psyche. Het staat vol mini-portretten van strijders die inmiddels tot de nieuwe nomenklatoera behoren. Nadeel is dat de objectiviteit ontbreekt. Connell laat zich zo meeslepen door de (toegegeven: unieke en heroïsche) vrijheidsstrijd, dat Eritrea in een soort Utopia verandert en de strijders in heiligen. Pas in de epiloog uit 1997 klinken kritische vragen en opmerkingen.

Eten gingen we dus. Hij kwam op de fiets; vijftiger met een vriendelijke oogopslag. De restauranteigenaar herkende hem: 'I'm so proud to have you here!' Ik was licht gespannen, en wilde vooral weten wat hij van Eritrea anno 2002 vond. Maar zet twee journalisten bij elkaar, en er ontstaat al snel iets van wedijver, argwaan, wrevel. Connell praatte als een regeringsvertegenwoordiger, vond ik. Hij zal gevonden hebben dat hij zich tegenover die parvenu uit Holland moest verdedigen. Het werd geen funky avond.

Maar zijn bescheidenheid sierde hem. Toen ik hem vroeg hoeveel exemplaren van zijn boek er zijn verkocht, zei hij: 'Tussen de 1500 en 2000. Buiten Eritrea stel ik niks voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden