Column

Links is de vertolker van hoe het minder moet

De afgelopen maand schreef Marcel van Dam op deze plek twee keer over linkse malaise. Eigenlijk was het een grote aanklacht tegen de linkse politiek: hoe kan het dat er zo veel rechtse onrechtvaardigheid bestaat en linkse partijen daar toch niet van weten te profiteren? Hoe kan het dat SP en GroenLinks nauwelijks van de electorale ellende bij de PvdA weten te profiteren?

In de analyse van Van Dam komen vervolgens veel waarheden voorbij. Hij wijst op de bezuinigingen, op hoe solidariteit steeds vaker als last dan als investering wordt gezien. Hij wijst op kwetsbare veronderstellingen in de economische modellen die het discours over de verzorgingsstaat domineren, op hardnekkige armoede en op haperende opwaartse mobiliteit waardoor onderklasse en bovenklasse zich steeds meer van elkaar verwijderen. Hij beschrijft het onvermogen van links om de groeiende kloof tussen lager- en hogeropgeleiden tot electoraal profijtelijk onderwerp van politieke strijd te maken; en het is allemaal waar.

Het antwoord van Van Dam: een parlementaire enquête.

Tja. Ik krijg beelden van Marcel die wanhopig over zijn landgoed doolt. Hij weet het ook niet meer.

De analyse van Van Dam is misschien niet onwaar, hij is wel te simpel. Het electorale dal van links is om te beginnen geen uniek Nederlands verschijnsel. Het is ook geen uniek links probleem. De toenemende kloof tussen hoogopgeleid en laagopgeleid trekt ook andere volkspartijen uit elkaar. Een verklaring die te veel het accent legt op typisch Nederlandse factoren, op actueel beleid en op links falen, schiet dan al snel te kort.

In dat licht is het natuurlijk niet toevallig dat Van Dam in zijn beschrijving van de linkse malaise constant D66 buiten beschouwing laat. Tel je de groei van D66 mee, dan gaat het plots een stuk minder slecht met links. Maar links is voor Van Dam de SP, GroenLinks en de PvdA. Het is de redenering van Menno Hurenkamp: 'D66'ers mogen soms rode broeken dragen, het zijn rechtse kiezers' (O&D, 21 november). Gezien het grote aantal voormalige PvdA-stemmers dat inmiddels naar D66 verhuisd is, lijkt het me minstens zo valide om te stellen dat D66 een grote groep linkse of linksige kiezers op dit moment kennelijk meer te bieden heeft dan de SP, GroenLinks en de PvdA.

Het heeft misschien te maken met deze overtuiging van Van Dam: 'Linkse partijen worden afgerekend op hun hoofddoelstelling: het beschermen van de zwakkeren en hun opstelling in het verdelingsvraagstuk.' Ik ben bang dat dit niet klopt en nooit geklopt heeft. Links is nooit groot geworden van moraal alleen. Solidariteit werd nooit gedragen zonder welbegrepen eigenbelang. De verzorgingsstaat zou nooit tot stand zijn gekomen als de middenklasse daar geen belang bij zou hebben gehad.

En precies daar wringt het voor links. Links was decennialang voor de middenklasse de vertolker van hoop, welvaart en vooruitgang. Allerlei vormen van collectiviteit droegen daaraan ook bij in de jaren waarin het niet op leek te kunnen. Maar nu is links (mede) de vertolker van hoe het minder moet. Hoe op alle terreinen waar de gouden bergen beloofd werden, de beloften nu stelselmatig bijgesteld moeten worden.

Waarbij zich ook steeds vaker de kloof openbaart tussen wat de leidende elite wenselijk vindt en hoe dat bij het lager opgeleide deel van de achterban wordt ervaren. Dan zijn bijvoorbeeld het aanpakken van de hypotheekrenteaftrek, het verduurzamen van onze energie of het verwelkomen van migratie goed voor applaus op het partijcongres maar bedreigend voor grote delen van de achterban.

Het is dus prima als Van Dam de linkse politici aanklaagt, maar ook wel wat oppervlakkig. De samenleving is veranderd, de middenklasse onzeker en traditioneel links niet meer de voor de hand liggende bondgenoot, niet voor het optimistische en niet voor het pessimistische deel der middenklasse. Het is zoeken naar een nieuwe verhouding tot elkaar.

Het is mijn verwachting dat zo'n bondgenootschap minder vaak zal draaien om belastinggeld, subsidie en schuld; traditioneel links instrumentarium dat door de middenklasse van vandaag minder vertrouwd wordt dan vroeger. Ik vermoed dat het vaker zal draaien om zekerheid, recht en moraal. Dan is iemand als Asscher niet iemand die voorop gaat in de afbraak (Van Dam) maar iemand die met zijn bestrijding van een te veel aan flexibiliteit op de arbeidsmarkt en zijn strenge normatieve houding in het integratiedebat weleens in de goede richting zou kunnen zoeken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden