Reportage

Liever sterven op zee dan leven in Egypte

Van de vier miljoen Syriërs die op de vlucht zijn voor het oorlogsgeweld in hun land, verblijven er 132 duizend in Egypte. Hun situatie daar is zo uitzichtloos dat ze naar Europa willen. Maar de reis is gevaarlijk en de smokkelaars zijn wreed.

Vluchtelingen worden gered door de Italiaanse marine. Beeld ap
Vluchtelingen worden gered door de Italiaanse marine.Beeld ap

V erborgen tussen de bomen hoorde Ahmad de golven van de Middellandse Zee tegen de Egyptische kust rollen. Met enkele honderden anderen wachtte de 42-jarige Syriër in de duisternis op kleine boten die hen naar een groter schip zouden brengen. Uren stonden ze er, onzeker of hen beroving, arrestatie of de overtocht naar Europa wachtte.

In de veertig dagen die eraan voorafgingen werd Ahmad, die ooit werkte als televisieregisseur, van flat naar flat gestuurd in de Egyptische kuststad Alexandrië. Een smokkelaarsbende ondernam vergeefse pogingen hem op een schip te krijgen. De ene keer weigerden de vluchtelingen om al hun bagage op de wal achter te laten. De volgende keer werden ze op weg naar de kust klem gereden en aangevallen door mannen van een concurrerende smokkelbende. 'Het is allemaal maffia', zegt Ahmad, die net als de andere Syriërs in dit verhaal niet met zijn echte naam in de krant wil uit angst voor de Egyptische autoriteiten.

Hoe kom ik hier weg?, is de centrale vraag in het bestaan van vrijwel alle jonge Syrische vluchtelingen in Egypte. In het Syrische gemeenschapscentrum Tadamon in Caïro wisselen ze ervaringen en contacten uit. 'Niet met Abu Hamza gaan, die berooft je onderweg.' 'Mijn neef is veilig aangekomen via deze smokkelaar - hier, whatsapp hem op dit nummer. Hij is nu in Noorwegen, de mazzelaar!'

Ruim de helft van de 22 miljoen Syriërs is op drift

Het aantal Syrische vluchtelingen is voor het eerst boven de vier miljoen uit gekomen, zo maakte VN-vluchtelingenorganisatie UNHRC donderdag bekend. Het in 2011 begonnen conflict in Syrië heeft daarmee ‘de grootste vluchtelingenpopulatie in een generatie’ veroorzaakt, zei UNHCR-chef António Gutteres. In Syrië zelf zijn nog eens 7,6 miljoen mensen op drift. Daarmee is nu meer dan de helft van Syrië’s 22 miljoen inwoners ontheemd, volgens officiële cijfers. In werkelijkheid is het aantal waarschijnlijk nog hoger. In omringende landen, zoals Turkije, Jordanië en Libanon, overleven vluchtelingen in kampen of bivakkeren ze op bouwplaatsen, kerkhoven en verlaten akkers.

De hulpverlening kan de vluchtelingenstroom niet bijbenen. De Verenigde Naties hebben van donorlanden slechts een kwart ontvangen van de 5 miljard euro die dit jaar nodig is voor de crisisopvang. Het Wereldvoedselprogramma (WFP) halveerde deze maand de hulp in baar geld voor Syrische vluchtelingen in Libanon. Zij moeten nu van omgerekend 0,41 euro per dag rondkomen.

Als er voor augustus geen extra geld komt, staakt het WFP mogelijk ook de voedselhulp aan de 440 duizend Syrische vluchtelingen in Jordanië. Vanwege het gebrek aan humanitaire hulp en het uitblijven van een oplossing voor het Syrische conflict zijn ruim een kwart miljoen Syriërs naar Europa gevlucht.

De vluchtelingen zetten enorme druk op de onderwijs- en gezondheidszorgvoorzieningen in de landen waar ze onderdak hebben gevonden. Dat geldt met name voor Libanon, dat ruim een miljoen Syriërs herbergt op een Libanese bevolking van vier miljoen.

Toen de Syrische crisis in 2011 begon, ontving Egypte Syrische vluchtelingen nog met open armen. Het was vluchtelingenopvang in de regio zoals Europa het graag ziet. Maar de aantallen namen toe, de economische spanningen liepen op, en Syriërs werden door de militaire autoriteiten beschuldigd van steun aan de toenmalige islamistische president Mohammed Morsi. Nadat generaal Abdel Fattah al-Sisi hem in 2013 had afgezet, sloot Caïro de grenzen voor Syrische vluchtelingen. In de nasleep volgden andere maatregelen: werken, wonen en een opleiding volgen werd moeilijker.

'Het was afgelopen met onze studie', zegt Rami, een twintiger met vlasbaardje en blauw-wit gestreepte polo. Net als zijn maat Anas zit hij al bijna drie jaar in Egypte, samen met de ruim 132 duizend andere geregistreerde Syrische vluchtelingen daar. Rami staat erop Engels te spreken, omdat hij dat druk aan het oefenen is. Tot vorig jaar wilde hij helemaal niet weg; hij richtte zich op zijn studie boekhoudkunde in Caïro. Maar nieuwe regels na Sisi's machtsovername betekenden dat hij als Syriër niet meer gratis kon studeren. Plotseling kostte zijn master 2.000 dollar - geld dat hij niet heeft.

'Een smokkelaar vind je zo op Facebook. Of ze vinden jou. Very easy.' Beeld Cigdem Yuksel
'Een smokkelaar vind je zo op Facebook. Of ze vinden jou. Very easy.'Beeld Cigdem Yuksel

Sindsdien onderhouden de jongens zichzelf en hun familie als dagloner, terwijl ze even daarvoor nog aankomend accountant waren. De een gaat met zelfgemaakte schoonmaaksponsjes langs de ramen van auto's op kruispunten, de ander heeft gewerkt in een naaifabriek. Andere Syriërs in het gemeenschapscentrum werken als elektricien of bouwvakker, steevast tegen minder loon dan Egyptenaren die vergelijkbaar werk doen.

Zowel Anas als Rami heeft onlangs geprobeerd per boot naar Europa te gaan. Rami stond met zijn jonge vrouw aan de kust naar een enorme storm te kijken en dacht: dit gaan we niet doen. Anas moest afhaken omdat de prijs plotseling omhoog ging, en spaart nu verder. Maar beiden zijn vastbesloten alsnog hun weg naar Europa te vinden. Terug naar Syrië, waar de burgeroorlog raast, kan immers niet.

'Dit is mijn jeugd', zegt Anas. 'Nu is het moment om te leren, te studeren, vaardigheden te ontwikkelen. Als ik dat nu niet doe, heb ik geen toekomst. Dus als het niet hier kan, dan doe ik het ergens anders, op wat voor manier ook. Zelfs als ik de boot opnieuw moet proberen. Ik ga liever dood op zee dan dat ik zo moet leven in Egypte.'

Het heeft twee jaar geduurd om tot die beslissing te komen, zegt Rami. 'Maar toen ik eenmaal had besloten, had ik binnen twee dagen een smokkelaar gevonden.' Hij lacht. 'Very very easy. Je vindt ze op Facebook. Of ze vinden jou daar.'

Het is een bloeiende business in Egypte. Georganiseerde smokkelbendes zorgen voor flats waar de migranten wachten, regelen vervoer naar de kust en beschikken over een vloot kleine en grote boten. Sommigen hebben contacten bij politie en leger, en schuiven die soms wat geld - of een paar concurrerende smokkelaars - toe in ruil voor een oogje dicht. Bendes bestrijden elkaar om klandizie en routes.

De gangbare prijs is 2.000 dollar. Rami heeft het bij elkaar gekregen door te lenen en de sieraden van zijn vrouw te verkopen. Hij kijkt naar de grond. 'Het is verkeerd, ik weet het. Maar als ik eenmaal in Europa ben, koop ik nieuwe sieraden voor haar.'

In Egypte geldt een niet-goed-geld-teruggarantie: je legt de kosten voor de overtocht neer bij een tussenpersoon, en die keert het pas aan de smokkelaar uit als je veilig in Europa bent aangekomen. Verdrinken telt niet.

In de kantine van het gemeenschapscentrum gonst het van theorieën over een nieuwe route: vliegen naar Turkije en dan over de Balkan Europa in. Speculatie over de eindbestemming is een populair tijdverdrijf onder de aspirant-migranten. Duitsland is goed voor mensen die lekker aan het werk willen, Engeland is goed voor wie wil studeren. Italië en Griekenland - daar wil je niet eindigen. Nederland en Noorwegen zijn het beste voor mensen die graag willen ontspannen: daar is de financiële steun het hoogst.

'Twee vrienden van mij zitten in Nederland', zegt Rami. 'Ze krijgen een uitkering en doen helemaal niets. Ik denk dat het fiftyfifty is: een deel wil wat van zijn leven maken, een deel hoopt in Europa niet meer te hoeven werken. Maar die laatsten verpesten het wel voor de rest.'

Rami wil nog steeds naar Europa, maar zijn vrouw is bang. Zij wil niet meer op de boot. Rami heeft een nieuw plan: Engels leren, zodat hij misschien een beurs kan krijgen aan een universiteit in Europa. En anders? 'Dan ga ik alleen via zee, en laat mijn vrouw overkomen als ik eenmaal gesetteld ben.'

'Vader van de slacht'

Smokkelaars mogen dan een Facebookprofiel hebben, er staat niet bij hoe betrouwbaar ze zijn. In de nacht dat televisieregisseur Ahmad stond te wachten op een boot besloten de smokkelaars om vier uur dat er te veel kustwacht rondvoer. 'We proberen het later weer.'

Het werd zijn vierde en laatste poging. Het busje van Ahmad kreeg op weg naar zee een lekke band. Midden in Egyptisch niemandsland, een tribale streek vol bandieten. Toen de band gemaakt was, kregen ze geen contact met de andere twee busjes. Hun contactpersoon dirigeerde hen per telefoon naar een klein plaatsje, waar Abu Dabah op hen wachtte - 'vader van de slacht' betekent die bijnaam.

Terwijl hij vertelt, trekt Ahmad zijn mondhoeken naar beneden en drukt zijn kin tegen zijn borst. Het was een beer van een vent. Met een lang litteken over zijn ene oog. Slapen deden ze met zijn twintigen in een kamer van vier bij vier meter, ruggen tegen de muur, geen idee wat de ochtend zou brengen. Het enige bed werd gegeven aan een man met een zoon die blind werd, weet Ahmad nog. Die wilde naar Europa in de hoop dat ze daar de ogen van zijn zoon konden redden.

'We werden door een smokkelaar bedreigd. Het is allemaal maffia.' Beeld Cigdem Yuksel
'We werden door een smokkelaar bedreigd. Het is allemaal maffia.'Beeld Cigdem Yuksel

Handicap

Toen ze de volgende ochtend wilden vertrekken, bedreigde Abu Dabah hen en sloot de deur: hij moest nog worden betaald. Ahmad en een andere man wisten te ontsnappen, de rest wachtte tot hun smokkelaar zou komen opdagen.

Sommigen proberen het dan opnieuw, anderen trekken naar Libië, waar weliswaar geen kustwacht bestaat, maar het risico veel groter is dat de boot tijdens de overtocht zinkt.

Maar voor Abu Ahmad is het welletjes. Veertig dagen stress en angst hebben erin gehakt. Hij wilde weg omdat zijn oudste zoon verstandelijke gehandicapt is en scholing nodig heeft die hij in Egypte niet kan krijgen. Maar wat als hem wat was overkomen, wie had dan voor zijn gezin gezorgd?

Voor het gezin van Ahmad belichaamt de gehandicapte zoon misschien de redding: sommige Europese landen zoeken specifiek naar dat soort kwetsbare gevallen. De UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN, heeft hem al twee keer gebeld. De laatste keer, vier maanden geleden, zeiden ze: wacht op een telefoontje van de emigratiedienst. Hij hoopt nu als een van de weinigen legaal naar een veilig land te worden gestuurd.

'Dit is mijn jeugd. Als ik nu niet kan studeren, heb ik geen toekomst.' Beeld Cigdem Yuksel
'Dit is mijn jeugd. Als ik nu niet kan studeren, heb ik geen toekomst.'Beeld Cigdem Yuksel
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden