Liever netwerkvrienden dan een baas

In netwerkbedrijfjes werken éénpitters samen aan steeds andere projecten. Géén dure kantoorruimtes en geen gezeur van een baas. Nadeel is soms een financiële onzekerheid....

''De eerste jaren verwees ik iedereen die me benaderde met een grote opdracht gelijk door. Pas sinds een jaar of drie heb ik het vertrouwen dat ik bijvoorbeeld programmeerwerk kan uitbesteden en dat het dan goed gebeurt', zegt Karen Drost (33).

Met haar eenvrouwsbedrijf Faro maakt ze sinds 1996 websites. Per opdracht bekijkt ze of samenwerking met anderen nodig is en wie ze daarvoor wil inhuren. Zelf blijft ze eindverantwoordelijk.

Ze vindt de vrijheid het grootste voordeel. 'Ik bepaal zelf hoeveel uur ik per dag werk. Dat is meestal van acht tot drie. Ik besteed die uren wel heel efficiënt, want ik zit tussendoor niet te kletsen en word niet afgeleid door telefonerende collega's. Als het niet druk is , neem ik een middag vrij en werk ik 's avonds. Ik ben voor mijn leven verpest voor loondienst.'

Journalist en voormalig eindredacteur Johan Bos (46) leidt het netwerkbedrijf Tekst in uitvoering waarbinnen hij in wisselende combinaties samenwerkt met zo'n twintig andere éénpitters: illustratoren, fotografen, tekstschrijvers en vormgevers.

Bos begon tien jaar geleden met deze manier van werken naast zijn vaste baan. In zijn werk als eindredacteur bij een krant miste hij de creativiteit.

'Ik had na een paar reorganisaties het gevoel dat ik net zo goed vakken kon gaan vullen bij de Aldi. Met een netwerkbedrijf hou je je vooral bezig met inhoudelijke zaken. In grote organisaties zie je daarentegen altijd een heleboel ketelsteen ontstaan.'

Zijn netwerk, met een eigen kantoor, is grotendeels via-via gegroeid. Als iemand een keer geen tijd heeft voor een project, kent hij of zij vaak wel weer een ander die kan bijspringen.

Regelmatig melden mensen zich aan via de gezamenlijke site. Daarop etaleert het netwerkbedrijf zijn producten.

Opdrachtgevers moeten vaak even wennen aan de constructie, is zijn ervaring. 'Maar als we laten zien welke dingen we maken, groeit hun vertrouwen snel.' Hoewel Bos eindverantwoordelijke is, draait het netwerk door als hij afwezig is.

Ook Hans Idink (32), sinds 2000 de spil van netwerkbedrijf Orgis dat internetsites maakt, bespeurt vaak eerst enige aarzeling bij mogelijk geïnteresseerde opdrachtgevers.

'Die potentiële opdrachtgevers vrezen nog wel eens dat het werk stokt als degene die aan een klus werkt, ziek wordt. We moeten ze er vaak van overtuigen dat er dan vervangers klaarstaan.'

Hij werkt regelmatig samen met ongeveer tien mensen die allemaal ook weer hun eigen circuit hebben. De ene keer is hij de 'hoofdaannemer', de andere keer iemand anders.

Er is juist een aantal voordelen voor de klant, vindt Idink. Zo hebben opdrachtgevers direct contact met de mensen die voor ze aan de slag gaan en niet via accountmanagers die inhoudelijk vaak slecht op de hoogte zijn. Hij is ervan overtuigd dat de kracht van dit soort netwerken toeneemt.

'We krijgen steeds grotere klanten. Want wij zijn wél op tijd klaar en blijven wél binnen het budget. We hebben geen dure managers en zitten niet in een groot kantoor. Voor dit werk heb je alleen een goede bureaustoel en een computer nodig.'

Internet leidt ertoe dat werken op dezelfde lokatie eigenlijk niet nodig is. Maar ook waar veel kleine zelfstandigen bij elkaar in de buurt werken, zoals in het Amsterdamse Oostelijk Havengebied en Bedrijvencentrum Lombok aan de Vleutenseweg in Utrecht, ontstaan samenwerkingsverbanden.

Zo heeft Aly Hendriks, samen met iemand anders, in Amsterdam het afgelopen jaar Zakelijk Zeeburg opgericht, een netwerk voor kleine zelfstandige ondernemers. Het heeft inmiddels 142 leden. Op de site kunnen de zelfstandigen elkaar vinden in een e-mailboek.

'Het is de bedoeling dat de leden met elkaar gaan samenwerken', zegt Hendriks, die een communicatiebureau runt. 'We organiseren inhoudelijke bijeenkomsten en we willen ook gezamenlijke belangen behartigen, zoals het zoeken van flexibele vergaderruimte en het plaatsen van postbussen in de wijk.'

Een van de grootste voordelen van samenwerking is dat het de éénpitters verlost uit hun isolatie. De contacten binnen de netwerken blijken vaak vriendschappelijk. 'Het klikt heel goed', zegt Hans Idink. 'We houden ook regelmatig netwerkavonden. De ene keer gaan we samen naar de kroeg, de andere keer is het formeler en gaan we bijvoorbeeld in op de juridische kanten van de netwerkconstructie.'

Johan Bos merkt dat de mensen in zijn netwerk eigenlijk zielsverwanten zijn. 'Ze werken allemaal graag op zichzelf en willen geen baas in hun nek voelen.' Wat Bos ervan weerhoudt mensen uit zijn netwerk in dienst te nemen, is dat hij nu niet verplicht is ze continu aan het werk te houden, zoals een reguliere werkgever.

Wel de lusten en niet de lasten van samenwerken met anderen: het klinkt ideaal. Toch is deze manier van werken niet voor iedereen geschikt. Zo is zelfdiscipline een vereiste en moet je zelf zorgen voor continuïteit, want het werk kent veelal pieken en dalen.

Zo heeft Bos in het jaar van de MKZ-crisis en na 11 september 2001 een slappe tijd gehad. Ook Karen Drost vindt de financiële onzekerheid een nadeel. 'Het is vaak hollen of stilstaan. Het gaat kriebelen als een grote klus ten einde loopt en ik niet weet wat ik daarna zal gaan doen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden