Liever embedded dan het traditionele persreisje

‘Defensie monopoliseert oorlogsnieuws.’ Onder die kop verscheen aan het begin van de Uruzgan-missie in de Volkskrant een kritisch artikel over het voornemen van het ministerie om journalisten ‘embedded’ te laten optrekken met militairen....

Theo Koelé

Te gast bij het leger, maar onder voorwaarden, zoals het vóór publicatie laten lezen van de artikelen aan een defensiewoordvoerder. De krant noemde dat ‘de hang naar censuur’. Halverwege de Uruzgan-missie kan de vraag beantwoord worden of de scepsis gerechtvaardigd was.

Defensie introduceerde uit eigenbelang een ‘communicatiestrategie’, waarbij het traditionele persbezoekje werd vervangen door een vrijwel permanente aanwezigheid van journalisten in het operatiegebied.

Daarmee streeft het ministerie van Defensie een ‘realistisch beeld’ van de missie na. Dramatische gebeurtenissen brengen dan een minder grote schok teweeg onder het publiek. ‘Want anders raakt het land al bij vier doden in rep en roer’, zei een hoge defensieambtenaar.

De opzet lijkt geslaagd. Na zestien doden is de publieke steun voor de missie weliswaar verminderd, maar vrijwel geen politicus riep om de terugtrekking van de troepen.

Journalisten hebben gemengde gevoelens over de publiciteitsstrategie. Wie embedded is, moet zich houden aan een gedragscode. Regel één (‘respecteer de veiligheid’) houdt vooral in dat berichtgeving over aanstaande operaties taboe is, en dat de meeste militairen slechts met rang en voornaam mogen worden aangeduid.

Geen journalist wil uiteraard de veiligheid van de troepen in gevaar brengen. Maar het begrip operationele veiligheid (OPSEC, in jargon) wordt soms erg ruim geïnterpreteerd, door wisselende commandanten en voorlichters. De ene keer mag een journalist schrijven over het afluisteren van de Taliban, de volgende keer niet, ‘want dan maak je de vijand wijzer’.

Ook de bewegingsvrijheid van journalisten is onderhevig aan willekeur. De ene compagnie is bereid een speciale patrouille te organiseren omdat een verslaggever wil praten met burgerslachtoffers. Een andere eenheid vindt elk voorstel te gevaarlijk.

Een tweede punt uit de gedragscode (‘je kunt iedere militair alles vragen’) is ook discutabel. De aanwezigheid van een persvoorlichter kan volgens Defensie ‘stimulerend werken’. Of averechts: een PIO (Public Information Officer, zoals de voorlichter officieel heet) grijpt in als een journalist een pelotonscommandant iets vraagt: ‘De luitenant hoeft geen antwoord te geven.’

Regel drie (‘respecteer het thuisfront’) heeft vooral te maken met een tijdelijke radiostilte als er doden en gewonden vallen, zodat eerst de familie kan worden geïnformeerd. Journalisten tonen daar begrip voor.

De laatste gedragsregel (‘respecteer de coalitie’) levert verwarring op. Canadese militairen nodigen verslaggevers uit bij een uitvaartplechtigheid, Australiërs zijn woest als een journalist van zo’n ceremonie foto’s maakt. Die moeten in Nederland alsnog worden ingeleverd, ondanks de plechtige belofte niet te publiceren.

De gedragscode vermeldt geen sancties op onwelgevallige publiciteit. Maar die zijn er wel: de bewegingsvrijheid van journalisten op Kamp Holland werd beperkt, en een commandant weigerde een tv-verslaggever nog langer te woord te staan. Maar het uitsluiten van journalisten, waarvoor deze krant vreesde, heeft zich volgens Defensie niet voorgedaan.

De voorspelling dat kritische opmerkingen van Afghanen over de Nederlanders geschrapt moesten worden, is evenmin uitgekomen. Klagende stamhoofden en politiemensen kwamen uitgebreid aan bod. Spanningen tussen Nederlandse en Afghaanse militairen ook. De mogelijkheid om bewoners te ontmoeten tijdens (meerdaagse) patrouilles is een enorme verbetering ten opzichte van de Nederlandse Irak-missie van enkele jaren geleden.

Maar embedded journalistiek is en blijft ‘halve journalistiek’, zoals de ervaren Uruzgan-ganger Joeri Boom (De Groene Amsterdammer) schreef. En het voorleggen van teksten aan een PIO met een rood potlood is inderdaad ‘gewoon censuur’.

De Volkskrant erkent die beperkingen, en stuurde als enige dagblad een correspondente naar Kabul. Zij reist ook niet embedded door Uruzgan.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden