Liever de jeugd van Excelsior kunstjes leren dan levenslang mank te moeten lopen

Doorspelen met een verrotte knie tot je er mank van wordt, dat is zelfs het voetbaldier Mario Been te zot....

HIJ LOOPT een beetje moeilijk, de 31-jarige Mario Been, en omdat hij niet nog moeilijker wil gaan lopen, heeft 't voetbaldier besloten te doen wat de doktoren hem hebben aangeraden: stoppen met voetbal. Met krukken door de rest van zijn leven moeten, zelfs Been wil het niet riskeren. 'Ik heb tegen mijzelf gezegd: Mario, kappen, voor je kinderen en voor al die apen die je nog een kunstje wil leren.'

Niet meer kunnen ravotten met z'n zoon en dochter, geen voorbeeld meer kunnen zijn op het trainingsveld, vader en jeudtrainer Been moet er niet aan denken. 'De informatie van de medici was duidelijk. M'n rechterknie is zo verrot dat ik een groot risico loop als ik 'm blijf belasten. Voetballen mag dan m'n lust en m'n leven zijn, doorgaan tot ik er mank van word, dat is al te zot.'

Lange tijd heeft zijn liefde voor het spel de pijn in het krakende gewricht kunnen verdrijven. Been is gelukkig als hij 'lekker' kan voetballen, ook al doet het pijn en ook al is het niet in De Kuip van Feyenoord, maar op het Woudenstein van Excelsior. 'Het plezier is voor mij altijd belangrijker geweest dan geld of status. Daarom had ik er geen moeite mee om in de eerste divisie te spelen. Als mensen mij vroegen: Been, wat moet jij nou in hemelsnaam bij Excelsior? Dan antwoordde ik: lekker voetballen.'

Plezier beleeft Been ook aan de prille junioren van Spartaan 1920 C2 en Excelsior C2 die op een milde herfstmiddag hartstochtelijk om het koploperschap in hun competitie vechten. 'Mooi hè, al die bezige mannetjes', zegt trainer Been in de dug-out, 'zo'n partijtje heeft alles wat voetbal boeiend maakt. Het zit vol met emotie. De vreugde en het verdriet zijn puur en intens.'

Mario Been is een Rotterdammer 'van Zuid' die het schopte tot Feyenoord 1. Alleen daarom al was hij de lieveling van 'het legioen'. Bovendien was Been een sierlijke voetballer en een jongen met een opgeruimd humeur, weinig kapsones en grappige teksten.

Op zijn negentiende beleefde hij het WK voor junioren in Mexico, met ploegmaten als Vanenburg, Van 't Schip en Van Basten. 'We merkten dat we met allemaal jongens waren die toch een aardig balletje konden raken en het ging meteen draaien. We speelden een prachtig toernooi, maar in de kwartfinale tegen Argentinië vlogen we er heel ongelukkig uit. Toch koester ik de herinnering aan dat WK, omdat het 't begin is geweest van een bloeiperiode van het Nederlandse voetbal.'

Bij zijn club werd Been basisspeler na het vertrek van Johan Cruijff die Feyenoord in 1984 de landstitel had gebracht. Zijn eerste seizoen als spelverdeler in De Kuip zou het beste uit zijn carrière worden. Achttien keer trof hij het doel en sterk was zijn passing. Hij bracht de wijze lessen van Cruijff en hulptrainer Van Hanegem in praktijk.

'Van Cruijff heb ik vooral geleerd om 't spel simpel te houden. Dat een zeker balletje over vijf meter meestal meer rendement oplevert dan een risicivolle trap over het halve veld. En met Van Hanegem heb ik heel wat uren op m'n traptechniek getraind. Hij heeft me geleerd de bal op het juiste moment en op de juiste plek te raken.'

'Willem is een fantastische vent. Een meester in het wijzen op de details. Willem is op z'n best als hij op het trainingsveld tussen de spelers loopt om hen kleine tips te geven, dat ze een bal net even anders moeten aannemen of afspelen.

'Dat 't met Willem bij Feyenoord lelijk is afgelopen, verbaast me niks. Willem is te veel mens, een te lieve man om de harde trainer uit te hangen die hij op sommige momenten had moeten zijn. Willem wil iedereen te vriend houden. Hij was een supporter van Feyenoord. De spelersgroep heeft misbruik van zijn goedheid gemaakt. Dat moeten die gasten zichzelf verwijten.'

Ook Been brak tegen zijn zin met Feyenoord, zeven jaar geleden toen hij en trainer Israel baalden van elkaar. Het spel van Been, lekker aanvallend voetballen, was een doorn in het oog van Israel, de oud-verdediger die van mening was dat de frivole middenvelder het vuile werk te veel schuwde. Been vond dat Israel 'm in een te strak keurslijf wilde persen en uiteindelijk doorbrak het Feyenoord-bestuur de patstelling tussen trainer en speler. Been werd voor ruim een miljoen verkocht aan Pisa.

Via Italië ging het naar Limburg (Roda JC), Friesland (Heerenveen), Oostenrijk (Wacker Innsbruck) en weer terug naar Rotterdam. Twee jaar geleden monsterde hij aan bij Excelsior, aan gene zijde van de Maasoever waarop hij gewend was te voetballen. 'Een afgang', vond menigeen. 'Een verademing', vond Been, 'eindelijk weer eens ongecompliceerd voetballen.'

Maar de knie die de toen-nog Ajacied Vanenburg in 1986 pijnlijk had getroffen, begon steeds vaker op te spelen. Twee seizoenen lang wist Been de pijn te verbijten. Hij waagde zich zelfs nog aan een derde seizoen Excelsior, maar al snel liet hij zich tot inkeer brengen.

Zo kwam een maand terug een roemloos einde aan een loopbaan die 284 competitiewedstrijden (84 doelpunten) in het profvoetbal omvatte plus één invalbeurt in het Nederlands elftal.

Been heeft 't talloze malen moeten horen: 'Jongen, jij had veel meer uit je carrière kunnen halen'. En elke keer haalde hij z'n schouders op. 'Want ik heb met Gullit in een volle Kuip gevoetbald en tegen Gullit in een vol San Siro. Ruim dertien jaar lang ben ik fluitend naar m'n werk gegaan en ik heb genoeg geld verdiend om een knap huis te laten neerzetten. Zou ik daar niet een beetje trots op kunnen zijn?'

Been gaf een persconferentie toen hij had besloten dat lijf en leden hem toch liever waren dan het voetbal. 'Zag ik allemaal van die beteuterde gezichten. Dus ik zeg: hallo hé, ik ben niet ongeneeslijk ziek of zo. Ik word niet begraven. Ik stop alleen met voetbal en jullie zullen me nog vaak genoeg zien.'

Want Been zal de voetballerij niet verlaten. Vorig seizoen haalde hij het diploma oefenmeester III en in december gaat hij op voor II. En I ambieert hij ook. De cursus coach betaald voetbal tenslotte sluit hij niet uit. 'Maar voorlopig blijf ik werken met de jeugd. Dat is zo machtig mooi.'

Excelsior bood hem een baan als jeugdcoördinator en Been wist niet hoe snel hij ja moest zeggen. 'Ik zit vol met plannen en denk aan het opzetten van een voetbalschool, een intensievere begeleiding van het talent van Excelsior.

'Tot en met de C-junioren hebben wij de beste jeugd van Rotterdam, maar we kunnen die talentjes niet vasthouden. Dat moet veranderen, de faciliteiten moeten beter en we moeten die ventjes er van zien te overtuigen dat ze beter bij Excelsior kunnen blijven, omdat de kans om in het eerste elftal te komen groter is dan bij Sparta en Feyenoord.'

De band met zijn jongste liefde is hecht aan het worden, ook al zal Been zich altijd een Feyenoorder blijven voelen. 'Maar wat wil je, ik heb zestien jaar over de brug gevoetbald.' De grootste charme van Excelsior vindt hij de eenvoud. 'Het is een club van mensen die niet met zichzelf te koop lopen en respect hebben voor elkaar. Dat past bij mij. Ik voel mij bij Excelsior op m'n plaats.'

Trainer Been onderwijst in de schoonheid van het voetbal, wil zijn 'apen' vooral lekker laten spelen, maar verlangt ook resultaten. 'Want ik heb nog altijd vreselijk de schurft aan verliezen. Dat gaat nooit meer over.'

Laaiend was Been toen zijn C1 laatst de topper tegen Sparta verloor. 'Volledig onverdiend, want we zijn gepakt door de scheidsrechter, een thuisfluiter, een vent van Sparta nota bene. Daar heb ik na afloop schande van gesproken in de bestuurskamer. Zat daar ook die scheidsrechter en die zegt: Been, je bent vergeten de naam van je grensrechter in te vullen op het wedstrijdformulier. Dat kost je een boete. Ik zeg: wat heeft het voor nut om de naam van die man op te schrijven? Je hebt 'm de hele wedstrijd niet zien staan.

'Die koekebakker kwaad. En maar dreigen met een boete van de bond. Weet je wat, zeg ik, je hebt die man zo vaak voor lul laten staan, dat ik wel Piet Paaltjens op het formulier zet. Heb jij je naam.'

De C2 van Spartaan '20 en die van Excelsior hebben hun worsteling al lang onbeslist beëindigd wanneer Been, nog altijd in de dug-out, opmerkt dat hij als trainer best zo goed zou willen worden als Louis van Gaal. 'Die man is toch de absolute top. Toen hij begon, meteen al met heel erg arrogant te zijn, had ik moeite met 'm. Maar nu, als ik naar Van Gaal kijk, denk ik: daar staat toch wel een kerel hè. Het is natuurlijk ook de verdienste van de spelers, maar met hen is Van Gaal er in geslaagd het positiespel zo te perfectioneren, dat Ajax bijna onoverwinnelijk is geworden.'

'Marióóó', schreeuwt de leider van Excelsior C2 vanuit de deur van een kleedkamer. 'Er moet nog een bal in die dug-out liggen. Trap 'm effe hierheen.' Been hijst zich overeind en stuurt de bal met een ferme trap de verkeerde richting op. Beschaamd steekt hij op een drafje het veld over, werpt een nijdige blik op de bal en draait 'm van 25 meter met een fraaie curve in de kruising van het lege doel.

Na eerst een sprongetje van de pijn te hebben gemaakt, kijkt Been vragend om zich heen. Er blijken twee getuigen te zijn van het hoogstandje en die applaudisseren. Mario Been glundert.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden