Liefde als een ram in de doornstruik

Elk najaar als de zes nominaties voor de Booker Prize bekend worden gemaakt, wijzen de Britse critici hoofdschuddend op een zevende boek dat in de shortlist ontbreekt, maar eigenlijk veel beter is dan het uitverkoren zestal....

Thorpe, van oorsprong dichter, betoont zich in Ulverton een taalvirtuoos met een verbijsterend - en voor de lezer soms zeer veeleisend - oor voor dialect en jargon. Zijn Nederlandse uitgever noemt de vertaling van Harm Damsma en Niek Miedema 'herscheppend', en dat is niet te veel eer.

Ulverton beschrijft in twaalf episoden de geschiedenis van het gelijknamige, fictieve dorp, door Thorpe gesitueerd in het Zuidengelse heuvelland van Wessex. De eerste episode speelt zich af in 1650, de laatste in 1988. Behalve de geschiedenis van een fictief dorp, is het boek ook een geschiedenis van Groot-Brittannië en tot op zekere hoogte zelfs van de wereld, bezien vanuit het perspectief van het Engelse platteland.

Hoewel deze werkwijze uiteraard geen traditionele hoofdpersoon toestaat, vormt het boek nadrukkelijk een eenheid. Personages, families of gebeurtenissen keren - in één of andere vorm - terug in andere verhalen, en verklaren zo aanvankelijk duister gebleven zaken. Naarmate het boek vordert, komen verbindende schakels aan de oppervlakte en wordt duidelijk dat het boek niet alleen een organische eenheid is, maar bovendien wel degelijk een hoofdpersoon heeft: het dorp Ulverton.

In zijn openingsverhaal - dat vlak na de burgeroorlog tussen royalisten en parlementsgezinden speelt - ontmoet ik-figuur William zijn dorpsgenoot Gabby, een soldaat van Cromwell, die na jaren van afwezigheid op de terugweg is naar huis. Hij heeft destijds dienst genomen in het leger in de hoop zo een einde te maken aan de grauwe armoede waaronder hij altijd als boer heeft geleden. In zijn bagage voert hij krijgsbuit met zich mee, en zijden linten om het haar van zijn vrouw Anne te versieren. Helaas is Anne, overtuigd dat haar man is gesneuveld, inmiddels hertrouwd. William verzuimt echter Gabby van deze nieuwe situatie op de hoogte te stellen, en de man trekt hoopvol verder, richting zijn boerderij. Er wordt nooit meer van hem gehoord.

Subplot naast dit verdwijningsverhaal, is de ontluikende seksuele relatie tussen William en Anne. Williams vrouw wil niet meer met hem in één bed slapen, omdat dat zondig is als er geen kinderen meer kunnen komen, en William is ernstig seksueel gefrustreerd. Een huwelijk zonder sex is volgens hem 'een liefde die als een ram in een doornstruik vastzit en alleen door de hand van de Dood kan worden bevrijd. Anders wordt er een deel van je uitgerukt'.

Williams persoonlijke wedervaren is een reflectie van zijn tijd. Met de opkomst van Cromwells Puriteiten brak immers een periode van strakke zeden aan. William is de verpersoonlijking van het onbehagen met dit nieuwe bewind: 'Ik wenste - afgoderij, dat weet ik - dat de heiligenbeelden en de schilderijen er nog waren, en het gekleurde glas, waar ze met stokken doorheen waren gebroken en met stenen en met hun geweren.'

Pas in het allerlaatste hoofdstuk van Ulverton verstrekt Thorpe duidelijkheid over het lot van de verdwenen Gabby. In een als postproduktiescript voor een filmdocumentaire gepresenteerd 'verhaal', voert hij drie archeologen op, die anno 1988 de overblijfselen van een Cromwelliaanse soldaat bediscussiëren:

'2de archeoloog:

Maar hij heeft een klap op zijn kop gehad -

3de archeoloog:

Het schedelletsel toegebracht door de schop van een bouwvakker is duidelijk te onderscheiden van dat wat vermoedelijk, hm. . .

2de archeoloog:

De genadeslag, ja.

3de archeoloog:

Ja.

1e archeoloog:

Tja, hij kan zijn achtervolgd vanaf het. . . terrein van de eigenlijke veld slag -

2de archeoloog:

Vreemd dat de munten niet zijn - niet zijn weggenomen.

1ste archeoloog:

Rekening houdend met hun positie nabij de dikke darm is het natuur lijk mogelijk dat ze eh, zijn inge slikt.

2de archeoloog:

Oei, dat doet zeer. . .! (hilariteit)'

Naast een vertelling uit 1650 en een filmscript uit 1988 bestaat Ulverton onder meer uit een donderpreek uit 1669, een briefwisseling uit 1775, een dronkemansmonoloog uit 1887 en een dagboek uit 1953.

Niet alleen op verhaalniveau is Ulverton een subtiele eenheid. Ook via terugkerende familienamen wordt een continuïteit geschapen. In het laatste hoofdstuk is sprake van Webb's Timber Yard en Walters New Homes Ltd.: stiekeme verwijzingen naar respectievelijk meestertimmerman Abraham Webb uit 1803 en Gabby's moordenaar Thomas Walters uit 1650: de man dus die van Gabby's huis zijn 'new home' heeft gemaakt.

Nog een voorbeeld van een Thorpiaanse verbindingslijn: in 1803 gooit een ontevreden timmermansleerling zijn gereedschapskist in de rivier. In het dagboek uit 1953 lezen we hoe zijn priem weer terechtkomt, en wordt aangezien voor een saksische dolk.

Ondanks deze technische virtuositeit, is Ulverton geen steriel boek. Er lijkt zelfs een morele boodschap aan ten grondslag te liggen. In de laatste hoofdstukken, als Ulverton begint te verstedelijken en zich ontwikkelt tot een forensenplaats, steekt een toon van satire de kop op. Thorpe voert zelfs zichzelf op, als bestrijder van meedogenloze projectontwikkelaars. Het maakt Ulverton, naast heel veel meer, tot een klaagzang op de teloorgang van het Engelse platteland.

Adam Thorpe: Ulverton.

Uit het Engels vertaald door Harm Damsma en Niek Miedema. Nijgh & Van Ditmar, ¿ 49,90.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.