Lichtheid

De wereld lijkt hier even op te houden. De zon schijnt tussen de boomblaadjes, een eekhoorntje rent de boomstam op....

Merlijn Schoonenboom

Romantisch, zeg ik bijna, als mijn slenterpartner vindt dat het moment voor wat realiteit aangebroken is: ‘Wist je dat deze berg uit oorlogspuin bestaat?’ Ik kijk naar de grond. Onder onze voeten, zegt ze, bevindt zich een bunker uit de Tweede Wereldoorlog. Hij is na de bombardementen opgevuld met brokstukken.

Haar commentaar: ‘Bomen groeien nu eenmaal goed op oorlogsruïnes.’

De opmerking past, gek genoeg, helemaal bij de Berlijnse zomer. Geen Europese stad waar de zomer lichtvoetiger gevierd wordt. Het leven toont zich in de stadsdelen Mitte, Prenzlauer Berg en Friedrichshain het liefst als een reclame voor Apple air-notebooks. Er lijken ineens alleen maar tevreden jonge Duitsers te wonen. Ze maken zich niet druk, of het moet zijn over de vraag of de latte macchiato wel past bij hun driedagenbaardje. Ze verplaatsen zich van terras naar Spree-oeverfeest, en fotograferen elkaar met de Iphone.

Het is bijna te veel. Maar hun lichtheid blijft net dragelijk. Misschien omdat in deze stad de zwaarte altijd wel ergens op, onder of naast de lichtvoetigheid te vinden is. En in de Berlijnse zomer tonen de contrasten tussen de uitersten zich nu eenmaal het scherpst.

Behalve naar de parken,trekt men in de zomer naar de Berlijnse stadsdaken. Het doel: dakfeestjes en dakgrillen, hoog boven de grond. Afgebakende terrassen zijn het niet, het zijn echte daken, twee keer zo hoog als in Amsterdam, en vanwaar je vijf keer verder kan kijken.

We staan op een ervan, in de Brunnenstrasse onderaan de Prenzlauer Berg. Rechts glanst in de verte de glazen koepel van de Rijksdag, links glittert de zilveren bol van de televisietoren op de Alexanderplatz. Alles is mooi opgepoetst, perfect voor een toeristische zomerbrochure.

Ik draai me om en kijk in een diep gat. Achter het huis bevindt zich een ruïne van zeker zes verdiepingen. De ramen zijn als zwarte gaten in het roodbruine baksteen, gebroken glas hangt er nog uit. Het is een van die gebouwen die nooit zijn opgeknapt na het einde van de DDR, vertelt de gastheer van het dakgrillen. Opgekocht in de tijd dat hier alles er zo uitzag, endaarna vergeten.

De ruïne is niet te zien aan de voorkant. We lopen naar beneden. In de etalage aan de straat, in het huis direct voor de ruïne, hebben zich twee naakte jonge vrouwen neergezet. Ze proberen ernstig te kijken; het is immers een kunstperformance. Er ontstaat een oploopje van jongens met driedagenbaardjes.

iPhones flitsen, de vrouwen moeten toch lachen. Deze straat was grensgebied, het eindpunt van de DDR – onder de etalage loopt de metrolijn die toen ineens niet meer door kon rijden. De Muur liep dwars door de straat. Nu zijn er vooral hippe kunstruimtes te vinden.

Merlijn Schoonenboom

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden