Libero en Lansink redden elkaar

Het kost moeite in hem de winnaar van de wereldbeker te zien, de beste èn sterkste springruiter van alle continenten....

Van onze verslaggever

Martien Schurink

DEN BOSCH

Libero, al dertien jaar behept met een sterk ontwikkelde eigen wil, was tijdens de lange en zware aanloop naar de wereldbekerfinale als was geweest in Lansinks handen. De viervoeter liet zich knijpen en kneden, vouwde zich op commando dubbel boven de oxers en kwam donderdag en vrijdag en tijdens het eerste finale-rondje van zondag dan ook in aanmerking voor de hoogste cijfers: louter nullen.

Zijn concurrenten, die uit alle delen van de wereld naar de Bossche Brabanthallen waren getogen, wisten zich al voor het aanbreken van de slotronde geklopt. Tegen de gebundelde krachtpatserij van Lansink en Libero viel, bekenden erkende prijsrijders als Franke Sloothaak (tweede), Michael Whitaker (derde) en Hugo Simon toch niets te beginnen. Ze bogen in deemoed en hoofd en probeerden nog enige vreugde te beleven aan een onderling gevecht om de troostprijzen.

De wereldbeker lag gistermiddag voor het oprapen toen Lansink de bomvolle hal - elfduizend toeschouwers onder wie Rinus Michels en Ton Harmsen - betrad voor zijn laatste kunstje. Libero deed zijn werk andermaal naar behoren, totdat de voorlaatste hindernis, een triple-bar, opdoemde. Libero schrok zich wezenloos toen hij het gedrocht in het oog kreeg, verzuimde in de consternatie energiek genoeg op te stijgen en overwoog serieus boven de balken een noodlanding in te zetten.

Kreten van ontzetting vulden de hal toen Libero op het hoogste punt van de sprong zijn achterbenen liet zakken. Lansink mocht zich twee springfouten veroorloven, maar zeker geen val, omdat daar nu eenmaal een zware sanctie, ten minste acht strafpunten, op staat. De noodlanding was al gaande, toen Lansink ingreep, hard ingreep met alle beschikbare spieren. De 33-jarige ruiter drukte zijn stalen benen diep in Libero's flanken en kreeg aldus voor elkaar wat niemand nog voor mogelijk had gehouden: de hengst trok het onderstel pijlsnel in, onttrok het 500 kilo wegende lijf aan de zwaartekracht en voltooide de sprong zonder brokken.

Libero kreeg voor het huzarenstukje een rozet. Zijn eigenaar Hans Horn een cheque ter waarde van om en nabij de 300 duizend gulden, inclusief een van honderd paardekrachten voorziene companycar. En wat schoot er voor Lansink over? Hippische roem, een handdruk van een zich prinses noemende Spaanse mevrouw en een onbekend aantal procenten van de gage, als Horn althans een beetje fatsoenlijk arbeidscontract met zijn werknemer heeft afgesloten.

Zo niet, dan wordt dat de hoogste tijd, want Lansink kent inmiddels als (loon)ruiter zijn gelijke niet in de hippische wereld. Hij won sinds zijn internationale debuut in 1988 op en over de rug van Horns paarden Felix, Egano en Libero meer dan drie miljoen gulden en negen auto's. En verhoogde en passant de waarde van Libero als dekhengst: een kwakje leverde toch al gauw een milletje of drie, vier op en op de eerstvolgende werkdag van de potenterik komen daar zonder twijfel honderden guldens bovenop.

Horn zal tot in lengte van jaren de dag prijzen waarop hij besloot Lansink aan te stellen als opperstalmeester voor zijn stoeterij Wiemselbach in Oud-Ootmarsum. Zelf was Horn als ruiter nooit een hoogvlieger geweest, maar hij had een fijne neus voor het talent van zijn jonge streekgenoot. Met Felix brak Lansink zes jaar geleden internationaal door, met Egano won hij Grote Prijzen aan de lopende band en ook nog eens Olympisch goud in Barcelona en met Libero, die door de jaren heen in Egano's schaduw stond, zette hij het wereldbekercircuit in deze winter naar zijn hand.

Lansink won met Libero liefst vijf kwalificatiewedstrijden en toch bleef hij van de eerste tot de laatste dag in Den Bosch twijfelen. Kan de hengst drie zware wedstrijden binnen een tijdsbestek van vier dagen wel aan? Is het misschien niet verstandiger voor de twee finale-ronden een andere viervoeter, Easy Jumper bij voorbeeld, te zadelen? Pas in de vroege ochtend van zaterdag, na Libero's zege in de tweede wedstrijd, hakte Lansink de knoop door. Libero kreeg dan toch de voorkeur, misschien wel omdat de ruiter represailles vreesde. 'Libero is een uitgesproken slimmerik die bepaald niet vergeetachtig is. Hij zou het mij misschien wel tot in lengte van jaren kwalijk hebben genomen als ik hem op stal had gezet.'

En dat zou, overpeinsde Lansink, jammer zijn, want hoeveel moeite had hem hem wel niet gekost om een goede relatie met de hengst op te bouwen. Dagelijks trokken ze de afgelopen maanden met elkaar op, zo innig en liefdevol dat ze, zoals Horn verklapte, 'inmiddels van elkaar zijn gaan houden'. Lansink wilde zijn baas niet tegenspreken. 'Libero is de bovenste beste. Ik heb hem in de finale gered en hij heeft mij gered. Voortaan is hij voor mij de nummer één.'

Waarom ook niet, want tenslotte versierde een paard nooit eerder in de wereldbeker-historie vijf nullen voor zijn berijder. Libero werd na gedane zaken bedankt voor de moeite en moest terug naar de stal. Lansink zadelde in de avonduren Easy Jumper voor de Grote Prijs en dronk vervolgens een pilsje te veel op het huwelijksgeluk van teamgenoot Roelof Bril, die daags voor zijn huwelijk niet helemaal bij de les was en een notering met stip verknalde door Let's Go tegen twee balken aan te laten lopen.

Jennie Zoer viel op de slotdag terug van de derde naar de zesde plaats, maar was daar allerminst rouwig om. Ze meende dat ze boven verwachting had gepresteerd en hield zich daarom maar doof voor de wijze woorden die Horn sprak. 'In deze sport ben je snel boven, snel ook weer beneden en net zo snel vergeten.' Zoer wil in elk geval naar de WK, in plaats van Piet Raymakers die zich na een reeks bokkesprongen zaterdag al als burger moest vermommen.

DEN BOSCH: finale wereldbeker, tweede onderdeel, tabel A, 1.60 m, met barrage: 1. Lansink (Ned) Libero H 0-32,41, 2. Sloothaak (Dui) Weihaiwej 0-35,82, 3. Macken (Ier) Schalkhaar 0-36,75, 5. Hayes (Can) Raven 036,89, 5. Michael Whitaker (GB) Midnight Madness 4-32,91, 6. Simon (Oos) Apricot D 433,12, 7. Grandjean (Zwi) Sir Archy 8-41,86, 8. ex aequo vijftien combinaties, o.a. Bril (Ned) Let's Go, Zoer (Ned) Desteny AZ, Tops (Ned) Abbeville, Van de Pol (Ned) T.J. en Van der Vleuten (Ned) Olympic Baltazar allen 4 strafpunten in de eerste omloop, 32. o.a. Raymakers (Ned) Raspoetin Z en Harmsen (Ned) Sovjet Look 16.

Derde en laatste onderdeel, springconcours tabel A, 1,60 meter, na twee manches: 1. Lansink Libero H en Hafemeister (Dui) Priamos 0 strafpunten, 3. Simon Apricot D 0,25, 4. Sloothaak Dorina en Michael Whitaker/Midnight Madness 4, 6. Patton (VS) French Rapture en Lindemann (VS) Genesis 4,25, 8. Jennie Zoer Desteny en Mändli-McNaught (Zwi) Goldrausch 8, 10. Bril Let's Go en Grandjean/Sir Archy 8,50, 17. o.a. Van der Vleuten Olympic Baltazar 20, na een manche: 21. Harmsen Sovjet Look 8, 22. Van de Pol/TJ 8,50.

Eindstand wereldbeker: 1. Lansink 0 strafpunten, 2. Sloothaak 9,50, 3. Michael Whitaker 14, 4. Simon 14,25, 5. Hafemeister 16, 6. Jenny Zoer 18, 7. Bril en Grandjean 19, 9. Skelton (GB) 20,50, 10. Leone (VS) 21,50, 11. Macken (Ier) 21,75, 12. Mändli-McNaught 22, 13. Lindemann 22,25, 14. Monahan-Prudent (VS) 23,50, 15. Patton 25,25, 16. Lauber (Zwi) 32,50, 17. Baldwin-Cline (VS) 34, 18. Hayes 36,50, 19. Van der Vleuten 37, 20. Lenehan (VS) 40,25.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden