Reportage Ontlezing

Lezen wordt leuker als je zelf schrijft

Stichting De Schoolschrijver stuurt kinderboekenauteurs naar basisscholen tegen de ontlezing. Want schrijvers kunnen scholieren weer laten genieten van een boek.

Sanne Rooseboom, journaliste en kinderboekenschrijfster met leerlingen van basisschool De Peperklip in Schiedam. Als Schoolschrijver geeft ze lessen over lezen, schrijven, journalistiek en boeken. Foto Arie Kievit

De Raad voor Cultuur probeert kinderen aan het lezen te krijgen, onder meer door schrijvers langs scholen te sturen. Met succes, blijkt uit een recent rapport. ‘Mijn tablet gebruik ik bijna niet meer.’

Een stel vijfdegroepers loopt vrolijk met boeken in de hand door het klaslokaal. Plotseling klapt kinderboekenschrijfster Sanne Rooseboom in haar handen. ‘Hoe herken je een goed verhaal?’, vraagt ze de leerlingen van OBS De Peperklip in Schiedam.

Rafaël (9) is gaan zitten en legt zijn favoriete boek – Maanmysterie van Paul van Loon – naast zich neer. ‘Je hebt altijd een begin, midden en einde. Anders klopt het niet', zegt hij. Hij wijst naar zijn eigen geschreven werk. ‘Mijn verhaal bestaat ook uit drie delen. Eerst ontvoert mijn neef me, dan komen klasgenoten mij redden en als laatste ben ik vrij.’

Schoolschrijver

Sinds januari krijgen de leerlingen van De Peperklip wekelijks een ochtend ‘Schoolschrijver’ Sanne Rooseboom over de vloer. Rooseboom is een van de vijftig kinderboekenauteurs die namens stichting De Schoolschrijver probeert basisschoolleerlingen enthousiast te maken voor taal en lezen.

En dat werkt goed, oordeelde de Raad voor Cultuur onlangs. Een regelmatig bezoekje van schrijvers aan een schoolklas kan positieve invloed hebben op het leesplezier van jonge mensen, valt te lezen in een rapport. ‘Een schrijver kan er echt voor zorgen dat basisscholieren weer gaan genieten van een boek’, zegt Thomas van den Bergh van de Raad. ‘De leerlingen bouwen een band op met de kinderboekenauteur en op die manier worden letters en taal tastbaar.’

‘We willen de kinderen vooral enthousiast maken voor lezen en schrijven’, zegt Rooseboom. ‘Ik verbeter geen spel- en taalfouten: zo durven ze te schrijven, lezen en fantaseren. Het is belangrijk dat ze plezier hebben met taal. Zeker voor kinderen met een taalachterstand is dit enorm waardevol.’

Zelfvertrouwen

Stichting De Schoolschrijver kiest ieder jaar vijftig scholen uit die op taalgebied extra aandacht kunnen gebruiken. Op de Schiedamse basisschool zitten veel kinderen uit Oost-Europese landen als Roemenië en Bulgarije, sommige zijn zelfs nog maar een paar jaar in Nederland. Rooseboom: ‘Ze missen vaak het zelfvertrouwen om echt aan de slag te gaan met de taal. Maar juist in deze fase hebben ze dit enorm nodig.’

Vandaag stuurt Rooseboom de leerlingen met pen en papier op pad. De vijfdegroepers moeten als heuse verslaggevers in het schoolgebouw op zoek naar interessante verhalen voor een reportage. Een paar belanden in de kleurrijke schoolbibliotheek. Daar begint Zümra (9) de biebjuf te bevragen. ‘Hoe is het om hier te werken?’ Haar klasgenoot Silvia (9) schrijft geconcentreerd mee. ‘Nu we dit soort dingen doen, vind ik lezen best leuk’, zegt ze later.

De dyslectische Robbyne (9) wacht in de leeshoek tot ook zij haar vragen kan afvuren op de biebjuf. Ze bladert door Matilda van Roald Dahl,  de klassieker die nog steeds populair is onder basisscholieren. ‘Thuis las ik bijna nooit’, zegt ze. ‘Nu begrijp ik woorden veel beter en maken boeken mij blij. Lezen was eerst vooral balen.’

Dat veel Nederlandse kinderen geen plezier beleven aan lezen, was ook de Raad voor Cultuur al opgevallen. De Raad maakt zich ernstige zorgen over de toenemende ontlezing onder de Nederlandse jeugd. Basis- en middelbare scholieren genieten amper meer van romans, non-fictie of proza: in een recent internationaal onderzoek naar leesplezier eindigden de Nederlandse jongeren zelfs als laatste.

Tijdverspilling

‘De jongeren van nu zijn gewend aan korte teksten, dan is het lezen van een volledig boek veel moeilijker’, zegt Adriaan van der Weel, bijzonder hoogleraar in de moderne geschiedenis van het boek aan de Universiteit Leiden. ‘We leven in een aandachtseconomie: waarom zouden we nog tijd verspillen aan lezen? Maar dat is nou juist het probleem. Boeken lezen leidt tot een betere concentratie en kan ertoe leiden dat je meer empathie krijgt voor de medemens. Kinderen moeten dingen leren waar ze later hun voordeel mee gaan doen. Boeken lezen is van onschatbare waarde.’

Tussen de kleurige kaften in de bibliotheek van De Peperklip zitten Rafaël, Robbyne, Zümra, en Silvia inmiddels uitgezakt op een groen kleedje. Het viertal neemt de interviews van elkaar door en bespreekt hun groeiende liefde voor het geschreven woord. ‘Ik leen in de bieb zoveel mogelijk boeken. Thuis hebben we die niet. Mijn tablet gebruik ik niet veel meer, die staat in de kast’, aldus Zümra.

Rafaël kan zich hierin wel vinden. ‘Ik gamede best veel, maar als ik nu thuiskom lees ik eerst de Donald Duck of Dolfje Weerwolfje. Al kan hij de digitale verleidingen niet altijd weerstaan: ‘Het blijft wel lastig, boeken kosten meer tijd en je wordt er soms moe van.’

Langetermijnperspectief

Leesbevorderingprogramma’s als dat van De Schoolschrijver werpen hun vruchten af. Maar er is meer nodig om jongeren aan het lezen te schrijven, stelt de Raad voor Cultuur. ‘Een langetermijnperspectief is hard nodig. We moeten lezen meer integreren in beleid, onderwijs en letteren’, aldus Van den Bergh.

Zo pleit de Raad voor toegankelijke bibliotheken op scholen, betere begeleiding en meer beschikbare middelen om lezen te stimuleren. Vooral kinderen van wie de ouders niet of nauwelijks lezen en thuis geen boeken hebben staan, zijn kwetsbaar. Want een kind dat opgroeit in een huis zonder boeken en niet wordt voorgelezen, zal op school en in het latere leven minder snel voor de letteren worden gewonnen. Dit kan bijdragen aan een groeiende kloof tussen kinderen van laag- en hoogopgeleide ouders.

Na een halfuurtje keren de basisscholieren opgewekt terug naar hun klaslokaal. Tevreden gaan een paar van hen om Rooseboom staan, waarna ze vol trots hun journalistieke werk laten zien. Met de zomervakantie voor de deur is dit een van de laatste kansen om hun Schoolschrijver te imponeren.

‘Ik blijf echt lezen, ook als De Schoolschrijver straks niet meer komt’ , zegt Zümra uitgelaten. Haar vriendinnetje Silvia, die de laatste maanden driftig werkte aan haar boekje met de bijna poëtische titel Dagboek van een dagboek, is net zo tevreden. ‘We hebben geleerd dat verhalen niet zomaar verhalen worden. Lezen is leven. Hier hebben we echt veel aan, ook later.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.