Leventina Strobos (1920 - 2012)

Net als haar ouders in de Eerste Wereldoorlog hadden gedaan, ving ook Tina Strobos tijdens de Tweede Wereldoorlog onderduikers op.

Tina Strobos was een van de laatste levende verzetsheldinnen van Nederland. Ze hielp tijdens de oorlog ruim honderd mensen met onderduiken, onder wie de socialist en vakbondspionier Henri Polak.

Strobos overleed 27 februari in Rye, in de Amerikaanse staat New York, aan de gevolgen van borstkanker. Ze werd in Amsterdam geboren als Tineke Buchter in een socialistisch atheïstisch gezin. Al in de Eerste Wereldoorlog werd opvang geboden aan Belgische vluchtelingen.

Ze was de enige dochter van de vastgoedontwikkelaar Alphonse Buchter en Marie Schotte. Haar ouders gingen nog voor de oorlog uit elkaar, waarna zij bij haar moeder bleef. Toen de Duitsers op 10 mei 1940 het land binnenvielen, was Tina begonnen aan een studie medicijnen. Nog tijdens die oorlogsdagen boden zij en haar moeder, in het drie verdiepingen tellende huis aan de Nieuwezijds Voorburgwal 282 in Amsterdam, onderdak aan Polak. Om te verbloemen dat ze hem kenden moest ze de exemplaren van het socialistische dagblad Het Volk die als behangpapier waren gebruikt, losweken van de muren.

Het was de allereerste verzetsdaad. Vanaf die tijd zouden ze bijna honderd onderduikers opvangen, die na een kort verblijf meestal werden doorgeplaatst naar veiligere adressen. Al gauw werd ze betrokken bij andere verzetsdaden, zoals het vervoer van wapens en het vervalsen van persoonsbewijzen. Dat laatste deed ze door echte persoonsbewijzen te stelen op plekken waar veel mensen bijelkaar kwamen, zoals begrafenissen. Vervolgens verwisselde ze de foto's. Ook organiseerde de familie elke dag van zes tot acht uur 's avonds een bijeenkomst waarbij geluisterd werd naar de BBC-radio.

Tina Strobos werd drie keer opgepakt, haar moeder twee keer. Ze wist telkens de dans te ontspringen dankzij haar vrouwelijke charme en uitstekende kennis van de Duitse taal. Toen de Gestapo een keer binnenstapte zei ze tegen haar moeder: 'Er is niets waar je bang voor hoeft te zijn. Ze hebben niets over ons. Ze kunnen niets bewijzen.' Niettemin werd ze een keer tijdens de verhoren zo hard aangepakt dat ze bewusteloos raakte, nadat ze tegen een muur was gegooid.

Tot de onderduikers behoorde ook de verzetsstrijder Johan Brouwer. Hij deed in 1943 mee bij de aanslag op het bevolkingsregister onder leiding van Gerrit van der Veen. Hij werd later geëxecuteerd. Ook hielp ze vele joodse onderduikers. Een van hen was haar vriendin Trusah van Amerongen, die vijf kinderen had en als orthodoxe jodin haar eigen kosher eten maakte. Een andere was de beroemde natuurkundige Bram Pais met wie ze ook een korte relatie kreeg.

In het huis liet ze een speciale alarmbel aanleggen die iedereen kon waarschuwen als er politie voor de deur stond. De onderduikers waren ondergebracht in een door timmerlieden uit het verzet gebouwde zolder, die een vluchtweg bood naar een school. Omdat de Duitsers nooit scholen binnenvielen, was dit een zeer veilige schuilplaats. Ook verleenden moeder en dochter onderdak aan 18 studenten die weigerden de loyaliteitsverklaring te tekenen.

Na de oorlog verliet ze Nederland. Volgens haar zoon Jur Strobos was ze teleurgesteld in het bewind. Dat onderscheidde zich volgens haar niet van de mensen die voor de oorlog regeerden. Met haar verloofde, de neuroloog Robert Strobos vertrok ze naar Aruba, waar hij een baan kon krijgen bij Shell. In 1947 trouwden ze. Ze zouden drie kinderen krijgen. Tina Strobos studeerde ook nog bij Anna Freud in Londen, voordat zij zich met haar man in de VS vestigde. Ze werd kinderpsycholoog, een functie die ze tot op heel hoge leeftijd uitoefende. Later vestigde het gezin zich in North Carolina.

Op dat moment was ze nog vast van plan een keer naar Nederland terug te keren. Maar na een scheiding in 1964 hertrouwde ze met de Amerikaanse econoom Walter Chudson, die al twee kinderen had. Over haar oorlogservaringen sprak ze zelden, zegt Jur Strobos. Ze kwam heel vaak terug naar Nederland, waarbij ze ook altijd even langs het adres aan de Nieuwezijds Voorburgwal liep. In 1989 ontving ze de Righteous Among the Nations Award van Yad Vashem. Pas daarna profileerde ze zich meer. Zo sprak ze zich uit tegen martelingen en hielp ze slachtoffers van de orkaan Katrina in 2005.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden