Levensstandaard in VS flink gestegen

De levensstandaard van de Amerikanen is de afgelopen tien jaar flink gestegen, hun huizen worden steeds groter en steeds meer Amerikanen hebben een auto....

Dat beeld rijst op uit de gegevens van een bevolkingsonderzoek dat het Amerikaanse Volkstellingsbureau vorig jaar heeft laten houden.

Uit het onderzoek blijkt dat de Amerikanen steeds groter zijn gaan wonen. Het gemiddelde aantal kamers bedraagt nu bijna zes (toilet en badkamer niet meegerekend). Eén op de vijf woningen heeft een woonoppervlakte van duizend vierkante meter of meer.

De gemiddelde huiswaarde steeg met 15 procent tot ongeveer 300 duizend gulden. Zoals te verwachten valt, is ook de gemiddelde hypotheek aanzienlijk gestegen. De kosten daarvan bedragen nu voor de gemiddelde huiseigenaar ongeveer 3300 gulden per maand. Ruim een kwart van de huiseigenaren besteedt meer dan 30 procent van zijn inkomen aan woonkosten.

'Veel mensen blijken bereid zware lasten op zich te nemen om een 'supersized American dream' te bereiken', constateert Robert Lang van de Fannie Mae Foundation.

Een ander teken van de toegenomen welvaart is dat het autobezit is toegenomen. Nog maar 9 procent van de Amerikaanse huishoudens heeft geen auto, terwijl 18 procent van de huishoudens drie of meer auto's heeft.

Het gevolg is dat de gemiddelde reistijd naar het werk ook is toegenomen, tot 48 minuten per dag. Maar volgens onderzoekers is de stijging deels ook te wijten aan het feit dat steeds meer Amerikanen in de buitenwijken gaan wonen.

Opvallend is dat alle campagnes om het openbaar vervoer of samen rijden te propageren weinig effect blijken te hebben gehad. Driekwart van de Amerikanen rijdt alleen naar zijn werk. Slechts 5 procent maakt gebruik van het openbaar vervoer. Het aantal carpoolers is de laatste jaren zelfs afgenomen.

Het gemiddelde inkomen is het hoogst in de staten aan de noordoost-kust, maar het zuidoosten en het westen van de Verenigde Staten rukken steeds verder op. Ondanks de toegenomen welvaart leeft nog steeds een op de zes Amerikaanse kinderen in armoede.

Ruim 11 procent van de Amerikaanse bevolking bestaat uit immigranten, van wie bijna de helft de afgelopen tien jaar in de VS is komen wonen. Dat is het hoogste percentage immigranten sinds 1930.

De etnische verscheidenheid blijkt ook uit het feit dat bijna een op de vijf inwoners van de VS thuis een andere taal spreekt dan Engels, meestal Spaans. Ruim tien miljoen mensen spreken nauwelijks of geen Engels. Dat is 30 procent meer dan tien jaar geleden. Vooral in Californië wonen veel mensen die het Engels niet machtig blijken. Daarbij gaat het vooral om illegale immigranten.

Uit het onderzoek blijkt verder dat het aantal Amerikanen met een universitair diploma het afgelopen decennium flink is gestegen. Ruim 25 procent van de Amerikanen boven de 25 heeft nu een 'bachelors degree' tegenover 20 procent in 1990.

De gegevens komen uit een onderzoek van 700 duizend huishoudens, verspreid over de VS. Het Volkstellingsbureau wil voortaan ieder jaar zo'n uitgebreide steekproef doen. Die moeten dan in de plaats komen van de complete volkstelling die de VS om de tien jaar houden. Volgens het bureau levert de nieuwe methode een veel beter beeld op van de ontwikkelingen in de maatschappij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden