'Leuk om in hun huisjes te kijken'

In Libanon, waar een op de vier inwoners een Syrische vluchteling is, komt premier Rutte kijken hoe de door hem bepleite 'opvang in de regio' er echt aan toegaat. 'Denkt u dat u terugkunt?'

Premier Mark Rutte bezoekt samen met Lilianne Ploumen het opvangkamp voor Syrische vluchtelingen in het dorp Ghaziyeh in Zuid-Libanon. Beeld Reuters

Op een onverharde weg tussen de bananenvelden stapt Mark Rutte uit. Dit is wat hij ziet: tenten van vuilwit plastic, waar hij met zijn 1 meter 90 bovenuit torent. Afval dat ligt te broeien in de open lucht. Veel vliegen in nauwe steegjes.

Thuis, in het Nederlandse parlement, bepleit premier Rutte al jaren het belang van vluchtelingenkampen als deze, waar Syrische vluchtelingen worden opgevangen in de regio, dicht bij hun thuisland, ver weg van Europa. Hier, in dit dorp in Zuid-Libanon, zag hij dinsdag voor het eerst hoe de door hem gepropageerde 'opvang in de regio' er echt aan toe gaat.

Hoe bevalt de praktijk? Om hem heen, tussen de lappen plastic, roepen vluchtelingen in het Arabisch dat hier geen elektriciteit is, dat ze geen geld hebben voor een generator. Dat de wereld hen vergeten is.

Mark Rutte, voortgejaagd door beveiligers, hoort het niet. Hij wil naar binnen, een tent in. 'Een huisje', zegt hij. 'Ik vind het zo leuk om in hun huisjes te kijken. Het zijn toch ook huisjes? Volgens mij noemen de mensen het zelf ook zo, het zijn hun huisjes geworden.'

Hij bukt zich diep en stapt naar binnen, tussen de plastic lappen door. Schoenen uit, sist zijn minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, Lilianne Ploumen (PvdA). Zij komt vaker in vluchtelingenkampen. Jaja, schoenen uit. Op sokken schuift Rutte aan bij de familie El Ahmed, gevlucht uit Hama.

Opvang in de regio is volgens Rutte een 'essentieel onderdeel in de aanpak van de migratieproblematiek'. In Libanon is maar liefst een op de vier inwoners nu een Syrische vluchteling, in totaal zijn het er ongeveer 1,5 miljoen. Geen enkel ander land vangt verhoudingsgewijs zoveel vluchtelingen op. Als EU-voorzitter doet Rutte er alles aan om te bewerkstelligen dat zij niet de oversteek maken naar Europa.

'Denkt u dat u terugkunt naar Syrië?' Rutte, in kleermakerszit op een plastic matje, vraagt het vrolijk, op de onbekommerde toon die de Nederlandse premier is gegeven.

De man des huizes, Kafi el Ahmed, kijkt pijnlijk. 'Dat hangt ervan af.'

Rutte: 'Maar u wilt wel graag terug?'

'Natuurlijk. Maar zolang het oorlog is, kan dat gewoon niet.'

Overeind, schoenen aan met de veters los, op naar de volgende tent. Dit is een bliksembezoek. Rutte zal precies zes uur in Libanon blijven. 'In zes uur kan ik heel veel doen.'

Beeld Sam Tarling

Modelkamp

Het vluchtelingenkamp dat hij bezoekt is een modelkamp. Het ligt in een deel van Libanon waar relatief weinig vluchtelingen zijn en is goed georganiseerd. Wie hier woont, is namelijk geen huur verschuldigd. Gemiddeld betalen Syriërs in Libanon 165 dollar per maand om in een tent te mogen slapen. De slechtere kampen liggen veelal verder weg, in een ander deel van het land.

Maar daar kom je niet in zes uur. 'Er was geen tijd om daarheen te rijden', laat de woordvoerder van Rutte weten.

In Libanon zijn zo veel vluchtelingen dat men is gestopt de problemen te benoemen. Een VN-woordvoerder springt op als ze merkt dat de Nederlandse delegatie over 'een vluchtelingenkamp' spreekt. 'Het is geen vluchtelingenkamp. Die bestaan niet in Libanon. Het is een informal tent settlement.' Nieuwe vluchtelingen mogen niet meer worden geregistreerd: Syriërs die zich sinds vorig jaar hebben aangemeld, ontbreken in de statistieken.

Rutte duikt alweer een tent in. Binnen zit Fatme el Ali uit Hama. Ze heeft een zoon van 5 jaar. Haar man heeft een nierziekte en kan nu niet meer op het land werken. Rutte, op kousenvoeten naast haar: 'Waarom vertrok je eigenlijk naar Libanon?'

Premier Mark Rutte en Lilianne Ploumen. Beeld Sam Tarling

'Het waren de bombardementen', zegt Fatme. 'We konden nog maar net vluchten.' Verbaasd kijkt ze de premier van Nederland aan. 'Wat zou u doen? Zou u dan niet gevlucht zijn?'

'Absoluut', zegt Rutte. 'Ik kan het me niet eens voorstellen om in zo'n situatie te leven.'

Haar man ligt in het ziekenhuis. Dat betaalt de Verenigde Naties (VN) voor een deel, maar niet geheel. Rutte krijgt een iPad in zijn gezicht geduwd, waarop een VN-medewerker laat zien dat de armste inwoners van dit kamp 165 dollar leefgeld per maand krijgen.

Extra hulpgeld

'Uw regering maakt deze steun mogelijk', zegt ze. Nederland is een van de grootste geldschieters in Libanon. Liever dan zelf vluchtelingen op te vangen, betalen wij voor opvang in de regio. In Beiroet tekende Rutte dinsdag een overeenkomst waarin staat dat Libanon de komende twee jaar 80 miljoen euro extra hulpgeld ontvangt. In totaal stelt Den Haag 260 miljoen extra beschikbaar voor landen die veel Syriërs opvangen.

Wat vindt Rutte er zelf van? Hij benadrukt de voordelen van opvang in de regio. 'Ik vind het voor de hand liggend om als er oorlog is en mensen moeten vluchten, die op te vangen in de landen daaromheen. Het ziet er ongeveer uit zoals ik had verwacht.'

De uitzichtloosheid, merkt hij dan op, dat lijkt hem wel moeilijk. 'Zo'n meisje van 15 dat me vraagt: wat moet ik nou straks worden?'

Hij wordt uitgezwaaid door Fatme. Ze vertelt over het huis dat ze achterliet in Syrië, in een buitenwijk van Hama. 'Het was zo'n mooi huis.' Met een wrange lach wijst ze naar het plastic van haar tent. 'Kijk toch zelf, wat een ellende.'

'Gaan we nog een huisje in?', vraagt Rutte zijn beveiliger. 'Anders maak ik mijn schoenveters weer vast.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden